7742 gebeurtenissen

'Een' in de Bijbel

Nu dan, HEERE, mijn God! Gij hebt Uw knecht koning gemaakt in de plaats van mijn vader David; en ik ben een klein jongeling, ik weet niet uit te gaan noch in te gaan.

VersbegrippenOnervarenheidNederigheidVereisten Voor PredikantenJeugdKinderlijkheidDwaze MensenZoals KinderenBuitengaan En BinnenkomenDienend LeiderschapVerantwoordelijkheden Van Vaders

En Uw knecht is in het midden van Uw volk, dat Gij verkoren hebt, een groot volk, hetwelk niet kan geteld noch gerekend worden, vanwege de menigte.

VersbegrippenPrivileges Van VerkiezingZegeningen Aan AbrahamMensen Van God In OTOntelbaarVelen In Israël

Zie, Ik heb gedaan naar uw woorden; zie, Ik heb u een wijs en verstandig hart gegeven, dat uws gelijke voor u niet geweest is, en uws gelijke na u niet opstaan zal.

VersbegrippenOnderscheidingsvermogen Van BestuurdersMenselijk Belang Van WijsheidUnieke Individuen

En Salomo waakte op, en ziet, het was een droom. En hij kwam te Jeruzalem, en stond voor de ark des verbonds des HEEREN, en offerde brandofferen, en bereidde dankofferen, en maakte een maaltijd voor al zijn knechten.

VersbegrippenFeestenVoorbeelden Van BankettenVrijetijd En VrijetijdsbestedingDe Ark In De TempelDe Ark Des Verbonds

En de ene vrouw zeide: Och, mijn heer. Ik en deze vrouw wonen in een huis; en ik heb bij haar in dat huis gebaard.

Verder zeide de koning: Haalt mij een zwaard; en zij brachten een zwaard voor het aangezicht des konings.

En Salomo had twaalf bestelmeesters over gans Israel, die den koning en zijn huis verzorgden; voor elk was een maand in het jaar om te verzorgen.

VersbegrippenNummer TwaalfBestuurdersHet Leven Van SalomoOpslaanJarenSpotEen MaandMensen Die ZorgenTwaalf Wezens

De zoon van Abinadab had de ganse landstreek van Dor; deze had Tafath, de dochter van Salomo, tot een vrouw.

VersbegrippenGenoemde Vrouwen

De spijze nu van Salomo was voor een dag, dertig kor meelbloem, en zestig kor meel;

VersbegrippenGewichten En Maten, Droog

En Juda en Israel woonden zeker, een iegelijk onder zijn wijnstok en onder zijn vijgeboom, van Dan tot Ber-seba, al de dagen van Salomo.

VersbegrippenVijgenboomUitnodigingenVeiligheidWijnstokken

Die bestelmeesters nu, een ieder op zijn maand, verzorgden den koning Salomo, en al degenen, die tot de tafel van den koning Salomo naderden; zij lieten geen ding ontbreken.

VersbegrippenBestuurdersTafels

De gerst nu en het stro voor de paarden, en voor de snelle kemelen, brachten zij aan de plaats, waar hij was, een iegelijk naar zijn last.

VersbegrippenGraanDieren Voeden

En God gaf Salomo wijsheid en zeer veel verstand, en een wijd begrip des harten, gelijk zand, dat aan den oever der zee is.

VersbegrippenBreedteZandHet Karakter Van SalomoBegripVergrotingSpirituele VooruitgangZand En GrindOnderscheidingsvermogenManier Van Denken

En zie, ik denk voor den Naam van den HEERE, mijn God, een huis te bouwen; gelijk als de HEERE gesproken heeft tot mijn vader David, zeggende: Uw zoon, dien Ik in uw plaats op uw troon zetten zal, die zal Mijn Naam dat huis bouwen.

VersbegrippenEigendom, HuizenTroonSalomo's TempelEen Plek Voor Gods Naam

En het geschiedde, als Hiram de woorden van Salomo gehoord had, dat hij zich zeer verblijdde, en zeide: Gezegend zij de HEERE heden, Die David een wijzen zoon gegeven heeft over dit grote volk!

VersbegrippenMenselijk Belang Van WijsheidVreugde In Gods WoordGezegend Zij God!

De HEERE dan gaf Salomo wijsheid, gelijk als Hij tot hem gesproken had; en er was vrede tussen Hiram en tussen Salomo, en zij beiden maakten een verbond.

VersbegrippenVerbondsrelatiesWettelijke OvereenkomstenVerbrekers Van VerbondAlliantiesDe Aard Van Menselijke WijsheidTrouwTijd Van Vrede

En de koning Salomo deed een uitschot opkomen uit gans Israel; en het uitschot was dertig duizend man.

VersbegrippenDertigduizend En MeerGedwongen Arbeid

En hij zond hen naar den Libanon, tien duizend des maands bij beurten; een maand waren zij op den Libanon; twee maanden elk in zijn huis; en Adoniram was over dit uitschot.

VersbegrippenTienduizendenEen MaandTwee Tot Vier MaandenGedwongen Arbeid

Daartoe bouwde hij twintig ellen met cederen planken aan de zijden van het huis, van den vloer af tot de wanden; dit bouwde hij Hem van binnen tot een aanspraakplaats, tot het heilige der heiligen.

VersbegrippenDe Meest Heilige PlaatsAfmetingen Van KamersCederhout

En Salomo overtoog het huis van binnen met gesloten goud; en hij toog voor de aanspraakplaats een voorhang henen door met gouden ketenen, en overtoog dien met goud.

VersbegrippenKetenenGouden KettingenOmhuld In GoudGouden Voorwerpen Voor Het Tabernakel

Daarna bouwde hij het binnenste voorhof van drie rijen gehouwen stenen, en een rij cederen balken.

VersbegrippenVaardigheidMetselwerkCederhoutDrie Delen Van Constructies

En het was bedekt met ceder van boven op de ribben, die op vijf en veertig pilaren waren, vijftien in een rij.

VersbegrippenVijftienVeertig

Daarna maakte hij een voorhuis van pilaren; vijftig ellen was zijn lengte, en dertig ellen zijn breedte; en het voorhuis was tegenover die, en de pilaren met de dikke balken tegenover dezelve.

VersbegrippenHuizenZalenAfmetingen Van Gebouwen

Ook maakte hij een voorhuis voor den troon, alwaar hij richtte, tot een voorhuis des gerichts, dat met ceder bedekt was, van vloer tot vloer.

VersbegrippenCederHet HofTroonZalenOmhuld In HoutMensen Die Betrokken Zijn Bij Het OordeelCederhout

En aan zijn huis, alwaar hij woonde, was een ander voorhof, meer inwaarts dan dat voorhuis, hetwelk aan hetzelve werk gelijk was; ook maakte hij voor de dochter van Farao, die Salomo tot vrouw genomen had, een huis, aan dat voorhuis gelijk.

Al deze dingen waren van kostelijke stenen, naar de maten gehouwen, van binnen en van buiten met de zaag gezaagd; en dat van den grondslag tot aan de neutstenen een palm breed, en van buiten tot het grote voorhof.

VersbegrippenGereedschapTimmergereedschapZagenStructuur

En het grote voorhof was rondom van drie rijen gehouwen stenen, met een rij van cederen balken. Zo was het met het binnenste voorhof, van het huis des HEEREN, en met het voorhuis van dat huis.

VersbegrippenBinnenplaatsCederMurenCederhoutDrie Delen Van Constructies

Hij was de zoon ener weduwvrouw, uit den stam van Nafthali, en zijn vader was een man van Tyrus geweest, een koperwerker, die vervuld was met wijsheid, en met verstand, en met wetenschap, om alle werk in het koper te maken; deze kwam tot den koning Salomo, en maakte al zijn werk.

VersbegrippenBronsWerkelijke WeduwenVakmanschap

Want hij vormde twee koperen pilaren; de hoogte van den enen pilaar was achttien ellen, en een draad van twaalf ellen omving den anderen pilaar.

VersbegrippenNummer TwaalfAfmetingen Van PilarenHolheidTwee Delen Van ConstructiesHolBronzen Voorwerpen Voor De Tabernakel

Verder maakte hij de gegotene zee; van tien ellen was zij van haar enen rand tot haar anderen rand, rondom rond, en van vijf ellen in haar hoogte, en een meetsnoer van dertig ellen omving ze rondom.

VersbegrippenBeeldhouwwerkGewichten En Maten, AfstandenAfmetingen Van TempelmeubilairCirkels

En onder haar rand waren knoppen, dezelve rondom omsingelende, tien in een el, omringende die zee rondom; twee rijen dezer knoppen waren in haar gieting gegoten.

VersbegrippenBeeldhouwwerkDingen Die OmringenTwee Plantaardige Producten

Haar dikte nu was een hand breed, en haar rand als het werk van den rand eens bekers of ener leliebloem; zij hield twee duizend bath.

VersbegrippenGewichten En Maten, LineairBreedteDe Rand Van Andere Dingen

En op de lijsten, die tussen de kransen waren, waren leeuwen, runderen en cherubs; en op de kransen was een voet boven henen; en onder de leeuwen en runderen bijvoegselen van uitgerekt werk.

VersbegrippenLeeuwenAfgebeelde Cherubijn

En een stelling had vier koperen raderen, en koperen platen; en haar vier hoeken hadden schouderen; onder het wasvat waren deze gegoten schouderen ter zijde van ieders bijvoegselen.

VersbegrippenBekkensWielenVier SteunenBronzen Voorwerpen Voor De Tabernakel

En de mond daarvan was van binnen den krans, en daarboven van een el, en de mond hiervan was rond van voetwerk van een el en een halve el; en op de mond daarvan waren ook graveringen, en de lijsten daarvan waren vierkantig, niet rond.

VersbegrippenGravureDiepteKunstVierkantenAfmetingen Van Tempelmeubilair

De vier raderen nu waren onder de lijsten, en de assen der raderen aan de stelling; en de hoogte van een rad was een el en een halve el.

VersbegrippenVier SteunenAfmetingen Van Tempelmeubilair

En het werk van die raderen was als het werk van een wagenrad; hun assen, en hun naven, en hun randen, en hun spaken waren alle gegoten.

En op het hoofd ener stelling was een ronde hoogte van een halve el rondom; ook waren op het hoofd der stelling haar handhaven, en haar lijsten uit denzelve.

VersbegrippenAfmetingen Van Tempelmeubilair

Hij maakte ook tien koperen wasvaten; een wasvat hield veertig bath; een wasvat was van vier ellen; op elke stelling van die tien stellingen was een wasvat.

VersbegrippenWassenGewichten En Maten, VloeibaarTien DingenAfmetingen Van TempelmeubilairMiddelen Om Te ZuiverenBronzen Voorwerpen Voor De Tabernakel

Er was niets in de ark, dan alleen de twee stenen tafelen, die Mozes bij Horeb daarin gelegd had, als de HEERE een verbond maakte met de kinderen Israels, toen zij uit Egypteland uitgetogen waren.

VersbegrippenDe Inhoud Van De Ark Des VerbondsFunctie Van De Ark Des VerbondsStenenTablettenLege DingenItems In SteenTwee Stenen TablettenVerbond Gemaakt In De SinaïDe Ark Des Verbonds

En het geschiedde, als de priesters uit het heilige uitgingen, dat een wolk het huis des HEEREN vervulde.

VersbegrippenGoddelijke ManifestatiesHet Heiligdom Vullen

Ik heb immers een huis gebouwd, U ter woonstede, een vaste plaats tot Uw eeuwige woning.

VersbegrippenBouwenGods Woning

Van dien dag af, dat Ik Mijn volk Israel uit Egypteland uitgevoerd heb, heb Ik geen stad verkoren uit alle stammen van Israel, om een huis te bouwen, dat Mijn Naam daar zou wezen; maar Ik heb David verkoren, dat hij over Mijn volk Israel wezen zou.

VersbegrippenHandelingen Van Vrijheid In OTGods Verbond Met DavidGod Haalt Israël Uit EgypteEen Plek Voor Gods NaamGods Verkiezing Van David

Het was ook in het hart van mijn vader David, een huis den Naam van den HEERE, den God Israels, te bouwen.

VersbegrippenEen Plek Voor Gods Naam

Maar de HEERE zeide tot David, mijn vader: Dewijl dat in uw hart geweest is Mijn Naam een huis te bouwen, gij hebt welgedaan, dat het in uw hart geweest is.

VersbegrippenDoelen Van De MensEen Plek Voor Gods Naam

Ze heeft de HEERE bevestigd Zijn woord, dat Hij gesproken had; want ik ben opgestaan in de plaats van mijn vader David, en ik zit op den troon van Israel, gelijk als de HEERE gesproken heeft; en ik heb een huis gebouwd den Naam des HEEREN, des Gods van Israel.

VersbegrippenVertrouwen In Gods WoordTroonEen Plek Voor Gods Naam

En ik heb daar een plaats beschikt voor de ark, waarin het verbond des HEEREN is, hetwelk Hij met onze vaderen maakte, als Hij hen uit Egypteland uitvoerde.

VersbegrippenDe Ark In De TempelGod Haalt Israël Uit EgypteVoorwaarden Van Het Verbond In De Sinaï

Wanneer iemand tegen zijn naaste zal gezondigd hebben, en hij hem een eed des vloeks opgelegd zal hebben, om zichzelven te vervloeken; en de eed des vloeks voor Uw altaar in dit huis komen zal;

VersbegrippenMenselijke EedVloeken

Hoor Gij dan in den hemel, en vergeef de zonde van Uw knechten en van Uw volk Israel, als Gij hun zult geleerd hebben den goeden weg in denwelken zij wandelen zullen; en geef regen op Uw land, dat Gij Uw volk tot een erfenis gegeven hebt.

VersbegrippenGod Stuurde RegenGod Die LeertGod Die Handelt Vanuit De HemelVergevende GodJezelf Vergeven

Alle gebed, alle smeking, die van enig mens, van al Uw volk Israel, geschieden zal; als zij erkennen, een ieder de plage zijns harten, en een ieder zijn handen in dit huis uitbreiden zal;

VersbegrippenZelfkennisSmeekbede

Hoor Gij dan in den hemel, de vaste plaats Uwer woning, en vergeef, en doe, en geef een iegelijk naar al zijn wegen, gelijk Gij zijn hart kent; want Gij alleen kent het hart van alle kinderen der mensen;

VersbegrippenHuizenVerbeelding, Innerlijke VerlangensUiterlijke VerschijningDe Alwetendheid Van GodHart Bekend Aan GodAlwetende GodGod Die Handelt Vanuit De HemelVergevende GodGod Kent Het Menselijk Hart

Want Gij hebt hen U tot een erfdeel afgezonderd, uit alle volken der aarde; gelijk als Gij gesproken hebt door den dienst van Mozes, Uw knecht, als Gij onze vaderen uit Egypte uitvoerdet, Heere HEERE!

VersbegrippenJoden Als De Uitverkoren Mensen Van GodScheiden Van Slechte MensenGod Haalt Israël Uit Egypte

Geloofd zij de HEERE, Die aan Zijn volk Israel rust gegeven heeft, naar alles, wat Hij gesproken heeft! Niet een enig woord is er gevallen van al Zijn goede woorden, die Hij gesproken heeft door den dienst van Mozes, Zijn knecht.

VersbegrippenDe Goedheid Van GodDe Trouw Van GodDe Basis Van ZekerheidZekerheid In Het Leven Van GeloofTrouwGods BeloftesBetrouwbaarheidDoel Van Het SchriftGod Is OnveranderlijkZegen De Heer!God Geeft Rust

Terzelfder tijd ook hield Salomo het feest, en gans Israel met hem, een grote gemeente, van den ingang af van Hamath tot de rivier van Egypte, voor het aangezicht des HEEREN, onzes Gods, zeven dagen en zeven dagen, zijnde veertien dagen.

VersbegrippenWekenAvondmaalZeven DagenTien Of Meer DagenViering

Zo zal Ik Israel uitroeien van het land, dat Ik hun gegeven heb, en dit huis, hetwelk Ik Mijn Naam geheiligd heb, zal Ik van Mijn aangezicht wegwerpen; en Israel zal tot een spreekwoord en spotrede zijn onder alle volken.

VersbegrippenVerlatenheidBedreigingenPlezierGrappen Maken

Want Farao, de koning van Egypte, was opgekomen, en had Gezer ingenomen, en haar met vuur verbrand, en de Kanaanieten, die in de stad woonden, gedood, en had haar aan zijn dochter, de huisvrouw van Salomo, tot een geschenk gegeven.

VersbegrippenDochtersBruidschatVerlovingGewoonten In Verband Met Het HuwelijkHuwelijkenVuurzeeBrandende StedenSteden Veroveren

En zij kwam te Jeruzalem, met een zeer zwaar heir, met kemelen, dragende specerijen, en zeer veel gouds, en kostelijk gesteente; en zij kwam tot Salomo, en sprak tot hem al wat in haar hart was.

VersbegrippenEdelstenenWaardevolle StenenJuwelen

Het gewicht nu van het goud, dat voor Salomo op een jaar inkwam was zeshonderd zes en zestig talenten gouds;

VersbegrippenMunstelselGewichten Van GoudHandel Van MetalenTalentenGeschenken En TalentenGewicht

Nog maakte de koning een groten elpenbenen troon, en hij overtoog denzelven met dicht goud.

VersbegrippenKunstIvoorOmhuld In Goud

En zij brachten een ieder zijn geschenk, zilveren vaten, en gouden vaten, en klederen, en harnas, en specerijen, paarden en muilezelen, elk ding van jaar tot jaar.

VersbegrippenMuilezelsGeschenkenKruiden En SpecerijenGewadenVoortdurendAltijd Actief ZijnMensen Die Kleren GevenVerwerven Van Paarden

En een wagen kwam op, en ging uit van Egypte, voor zeshonderd sikkelen zilvers, en een paard voor honderd en vijftig; en alzo voerden ze die uit door hun hand voor alle koningen der Hethieten, en voor de koningen van Syrie.

VersbegrippenHandel

Toen bouwde Salomo een hoogte voor Kamos, het verfoeisel der Moabieten, op den berg, die voor Jeruzalem is, en voor Molech, het verfoeisel der kinderen Ammons.

VersbegrippenValse GodenGebouwd, LetterlijkHoge Plaatsen

Doch Ik zal het gehele koninkrijk niet afscheuren; een stam zal Ik uw zoon geven, om Mijns knechts Davids wil, en om Jeruzalems wil, dat Ik verkoren heb.

VersbegrippenOmwille Van Gods Volk

Zo verwekte de HEERE Salomo een tegenpartijder, Hadad, den Edomiet; hij was van des konings zaad in Edom.

VersbegrippenConfrontatieVijanden Van Israël En JudaHet Koninkrijk Van Anderen

Doch Hadad was ontvloden, hij en enige Edomietische mannen uit zijns vaders knechten met hem, om in Egypte te komen; Hadad nu was een klein jongsken.

En zij maakten zich op van Midian, en kwamen tot Paran, en kwamen in Egypte tot Farao, den koning van Egypte, die hem een huis gaf, en hem voeding toezeide, en hem een land gaf.

En Hadad vond grote genade in de ogen van Farao, zodat hij hem tot een vrouw gaf de zuster zijner huisvrouw, de zuster van Tachpenes, de koningin.

Ook verwekte God hem een wederpartijder, Rezon, den zoon van Eljada, die gevloden was van zijn heer Hadad-ezer, den koning van Zoba,

En hij was Israels tegenpartijder al de dagen van Salomo, en dat benevens het kwaad, dat Hadad deed; want hij had een afkeer van Israel, en hij regeerde over Syrie.

VersbegrippenVijanden Van Israël En JudaIndividuen Haten

Daartoe Jerobeam, de zoon van Nebat, een Efrathiet van Zereda, Salomo's knecht (wiens moeders naam was Zerua, een weduwvrouw), hief ook de hand op tegen den koning.

VersbegrippenWerkelijke Weduwen

En de man Jerobeam was een dapper held. Toen Salomo dezen jongeling zag, dat hij arbeidzaam was, zo stelde hij hem over al den last van het huis van Jozef.

VersbegrippenIjverResultaten Van IjverGoede DienarenVoorbeelden Van IjverPromotieToevertrouwendGedwongen Arbeid

Het geschiedde nu te dier tijd, als Jerobeam uit Jeruzalem uitging, dat de profeet Ahia, de Siloniet, hem op den weg vond, en hij zich een nieuw kleed aangedaan had, en zij beiden alleen op het veld waren;

VersbegrippenFijne KledijOngebruiktGenoemde Profeten Van De Heer

Maar een stam zal hij hebben, om Mijns knechts Davids wil, en om Jeruzalems wil, de stad, die Ik verkoren heb uit alle stammen van Israel.

VersbegrippenGods Verbond Met DavidDe Betekenis Van JeruzalemOmwille Van Gods Volk

Doch niets van dit koninkrijk zal Ik uit zijn hand nemen; maar Ik stel hem tot een vorst al de dagen zijns levens, om Mijns knechts Davids wil, dien Ik verkoren heb, die Mijn geboden en Mijn inzettingen gehouden heeft.

VersbegrippenHeersers

En zijn zoon zal Ik een stam geven; opdat Mijn knecht David altijd een lamp voor Mijn aangezicht hebbe in Jeruzalem, de stad, die Ik Mij verkoren heb, om Mijn Naam daar te stellen.

VersbegrippenStadDe Betekenis Van JeruzalemEen Plek Voor Gods Naam

En het zal geschieden, zo gij horen zult al wat Ik u zal gebieden, en in Mijn wegen zult wandelen, en doen wat recht in Mijn ogen is, houdende Mijn inzettingen en Mijn geboden, gelijk als Mijn knecht David gedaan heeft; dat Ik met u zal zijn, en u een bestendig huis bouwen, gelijk als Ik David gebouwd heb, en zal u Israel geven.

VersbegrippenEthiek En GratieGeboden in OTBouwenKoningenGod Zal Met Jou ZijnVolg De GebodenDe Dynastie Van David

Indien nu mijn vader een zwaar juk op u heeft doen laden, zo zal ik boven uw juk nog daartoe doen; mijn vader heeft u met geselen gekastijd, maar ik zal u met schorpioenen kastijden.

VersbegrippenZwepenAfranselenZware LastSchorpioenenKwaad Toevoegen

Toen zond de koning Rehabeam Adoram, die over de schatting was; en het ganse Israel stenigde hem met stenen, dat hij stierf; maar de koning Rehabeam vervloekte zich om op een wagen te klimmen, dat hij naar Jeruzalem vluchtte.

VersbegrippenStrijdwagensHaastige ActieGedwongen ArbeidGenoemde Individuen Doden

Zo zegt de HEERE: Gij zult niet optrekken, noch strijden tegen uw broederen, de kinderen Israels; een ieder kere weder tot zijn huis, want deze zaak is van Mij geschied. En zij hoorden het woord des HEEREN, en keerden weder, om weg te trekken naar het woord des HEEREN.

VersbegrippenAard Van OorlogLiefde Tussen FamilieledenAandacht Aan God BestedenElkaar Bevechten

Daarom hield de koning een raad, en maakte twee gouden kalveren; en hij zeide tot hen: Het is ulieden te veel om op te gaan naar Jeruzalem; zie uw goden, o Israel, die u uit Egypteland opgebracht hebben.

VersbegrippenAdvies, Slecht Menselijk AdviesGouden KalverenWat Is Niet God?Twee DierenIsraël uit Egypte halenAnderen Die Israël Uit Egypte HalenDe Raad Van De Mens

Hij maakte ook een huis der hoogten; en maakte priesteren van de geringsten des volks, die niet waren uit de zonen van Levi.

VersbegrippenHoge PlaatsenHet Instituut Priesters In De Tijd Van OT

En Jerobeam maakte een feest in de achtste maand, op den vijftienden dag der maand, gelijk het feest, dat in Juda was, en offerde op het altaar; van gelijken deed hij te Beth-El, offerende den kalveren, die hij gemaakt had; hij stelde ook te Beth-El priesteren der hoogten, die hij gemaakt had.

VersbegrippenHet Nieuwe JaarMaand 8Verjaardagsfeesten

En hij offerde op het altaar, dat hij te Beth-El gemaakt had, op den vijftienden dag der achtste maand, der maand, dewelke hij uit zijn hart verdacht had; zo maakte hij den kinderen Israels een feest, en offerde op dat altaar, rokende.

VersbegrippenHet Nieuwe JaarMaand 8Altaren BouwenWierook Tijdens De Mis

En ziet, een man Gods kwam uit Juda, door het woord des HEEREN tot Beth-El; en Jerobeam stond bij het altaar, om te roken.

VersbegrippenWierook Tijdens De Mis

En hij riep tegen het altaar, door het woord des HEEREN, en zeide: Altaar, altaar, zo zegt de HEERE: Zie, een zoon zal aan het huis Davids geboren worden, wiens naam zal zijn Josia; die zal op u offeren de priesters der hoogten, die op u roken, en men zal mensenbeenderen op u verbranden.

VersbegrippenGoddelijke ManifestatiesHeiligheid Van Het LevenVoorspelde GeboorteWoorden DuplicerenBenenVerbranden Van AfgoderijMan Van God

En hij gaf ten zelfden dage een wonderteken, zeggende: Dit is dat wonderteken, waarvan de HEERE gesproken heeft; ziet, het altaar zal vaneen gescheurd, en de as, die daarop is, afgestort worden.

VersbegrippenRotsen SplijtenAs Van OfferandeVerbranden Van AfgoderijDingen Als Tekenen

En de koning sprak tot den man Gods: Kom met mij naar huis, en sterk u, en ik zal u een geschenk geven.

VersbegrippenUitnodigingenVerfriste MensenVriendelijkheid

En hij ging door een anderen weg, en keerde niet weder door den weg, door welken hij te Beth-El gekomen was.

VersbegrippenAndere Dingen

Een oud profeet nu woonde te Beth-El; en zijn zoon kwam, en vertelde hem al het werk, dat de man Gods te dien dage in Beth-El gedaan had, met de woorden, die hij tot den koning gesproken had; deze vertelden zij ook hun vader.

VersbegrippenAnonimiteitVertellen Wat Mensen DedenAnonieme Profeten Van De Heer

En hij toog den man Gods na, en vond hem zittende onder een eik; en hij zeide tot hem: Zijt gij de man Gods, die uit Juda gekomen zijt? En hij zeide: Ik ben het.

VersbegrippenEikenIs Het Echt?

Want een woord is tot mij geschied door het woord des HEEREN: Gij zult aldaar noch brood eten, noch water drinken; gij zult niet wederkeren, gaande door den weg, door denwelken gij gegaan zijt.

En hij zeide tot hem: Ik ben ook een profeet, gelijk gij, en een engel heeft tot mij gesproken door het woord des HEEREN, zeggende: Breng hem weder met u in uw huis, dat hij brood ete en water drinke. Doch hij loog hem.

VersbegrippenVoorbeelden Van BedrogVoorbeelden Van LiegenVoorspellende LeugensZoals Goede MensenIndividuele ProfetenLiegen En BedrogLiegenEerherstel

Zo toog hij heen, en een leeuw vond hem op den weg, en doodde hem; en zijn dood lichaam lag geworpen op den weg, en de ezel stond daarbij; ook stond de leeuw bij het dode lichaam.

VersbegrippenWegenHet Doden Van DierenKadavers Van Andere MensenDood

En hij legde zijn dood lichaam in zijn graf; en zij maakten over hem een weeklage: Ach, mijn broeder!

VersbegrippenEen Andere Zijn Begraafplaats

Na deze geschiedenis keerde zich Jerobeam niet van zijn bozen weg; maar maakte wederom priesters der hoogten van de geringsten des volks; wie wilde, diens hand vulde hij, en werd een van de priesters der hoogten.

VersbegrippenHet Instituut Priesters In De Tijd Van OTBijgeloofInwijding

En neem in uw hand tien broden, en koeken, en een kruik honig, en ga tot hem; hij zal u te kennen geven, wat dezen jongen geschieden zal.

VersbegrippenGeschenkenTien Dingen

Maar de HEERE zeide tot Ahia: Zie, Jerobeams huisvrouw komt, om een zaak van u te vragen, aangaande haar zoon, want hij is krank; zo en zo zult gij tot haar spreken, en het zal zijn, als zij inkomt, dat zij zich vreemd aanstellen zal.

VersbegrippenDoen AlsofVertellen Over Bewegingen

En het geschiedde, als Ahia het geruis harer voeten hoorde, toen zij ter deure inkwam, dat hij zeide: Kom in, gij huisvrouw van Jerobeam! Waarom stelt gij u dus vreemd aan? Want ik ben tot u gezonden met een harde boodschap.

VersbegrippenGeluidDingen HorenDoen AlsofVoeten In Actie

Zoekresultaten op Versies

Zoekresultaten op Boek

Alle Boeken

Public domain