7742 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Een' in de Bijbel

Maar God kwam tot Abimelech in een droom des nachts, en Hij zeide tot hem: Zie, gij zijt dood om der vrouwe wil, die gij weggenomen hebt; want zij is met een man getrouwd.

VersbegrippenKwade DromenDromenVoorbeelden Van DromenNachtDood Als StrafVrouwen OverdragenRechtstreeks Communiceren Via Dromen

Doch Abimelech was tot haar niet genaderd; daarom zeide hij: Heere! zult Gij dan ook een rechtvaardig volk doden?

VersbegrippenDe Aard Van BestraffingAfwezigheid Van SexGod DodendGod Zal De Mensen DodenPleidooi Van Onschuld

Zo geef dan nu dezes mans huisvrouw weder; want hij is een profeet, en hij zal voor u bidden, opdat gij leeft; maar zo gij haar niet wedergeeft, weet, dat gij voorzeker sterven zult, gij, en al wat uwes is!

VersbegrippenBemiddelaarAbraham, De Vriend Van GodDoor De Mens In Leven Gehouden WordenDood Als StrafHerstel Van MensenBidden Voor ZondaarsGenoemde Profeten Van De HeerEchtgenoot En VrouwTeruggeven

En Abimelech riep Abraham, en zeide tot hem: Wat hebt gij ons gedaan? en wat heb ik tegen u gezondigd, dat gij over mij en over mijn koninkrijk een grote zonde gebracht hebt? gij hebt daden met mij gedaan, die niet zouden gedaan worden.

VersbegrippenWat Doe Jij?Ontbiedende KoningenWe Hebben GezondigdWelke Zonde?

En tot Sara zeide hij: Zie, ik heb uw broeder duizend zilverlingen gegeven; zie, hij zij u een deksel der ogen, allen, die met u zijn, ja, bij allen, en wees geleerd.

VersbegrippenBedektZilverDuizend DingenMan RechtvaardigtSpecifieke Sommen GeldMensen Die Andere Dingen Geven

En Sara zeide: God heeft mij een lachen gemaakt; al die het hoort, zal met mij lachen.

VersbegrippenGebarenBlijdschapGelachGoddelijke AfkomstDe Belofte Van Een BabySarah

Voorts zeide zij: Wie zou Abraham gezegd hebben: Sara heeft zonen gezoogd? want ik heb een zoon gebaard in zijn ouderdom.

VersbegrippenVerpleegkundigenBereiken Van Hoge LeeftijdHoop Voor Oude MensenOnmogelijk Voor MensenLeeftijdSarah

En het kind werd groot, en werd gespeend; toen maakte Abraham een groten maaltijd op den dag, als Izak gespeend werd.

VersbegrippenFeestenVieren Met Een BanketSpenenOpgroeienSarah

Doch Ik zal ook den zoon dezer dienstmaagd tot een volk stellen, omdat hij uw zaad is.

Toen stond Abraham des morgens vroeg op, en nam brood, en een fles water, en gaf ze aan Hagar, die leggende op haar schouder; ook gaf hij haar het kind, en zond haar weg. En zij ging voort, en dwaalde in de woestijn Ber-seba.

VersbegrippenSchoudersFlessen, GebruikWoestijen, SpecifiekDe DaklozenContainer Voor WaterZwerversZij Die Vroeg OpstondenAndere Ladingen Dragen

Als nu het water van de fles uit was, zo wierp zij het kind onder een van de struiken.

VersbegrippenContainer Voor WaterGeen Water Voor MensenTekort Aan Andere Dingen Dan Voedsel

Sta op, hef den jongen op, en houd hem vast met uwe hand; want Ik zal hem tot een groot volk stellen.

VersbegrippenBij De Hand Nemen

En God opende haar ogen, dat zij een waterput zag; en zij ging, en vulde de fles met water, en gaf den jongen te drinken.

VersbegrippenWaterContainer Voor WaterMan Die Water SchenktZicht Ontvangen

En God was met den jongen; en hij werd groot, en hij woonde in de woestijn, en werd een boogschutter.

VersbegrippenBoogschutters, MannenJagenOntspanningOpgroeienIn De Wildernis LevenGod Met Specifieke MensenMenselijke Natuur

En hij woonde in de woestijn Paran; en zijn moeder nam hem een vrouw uit Egypteland.

VersbegrippenVerlovingGewoonten In Verband Met Het HuwelijkIn De Wildernis Leven

En Abraham berispte Abimelech ter oorzake van een waterput, die Abimelechs knechten met geweld genomen hadden.

VersbegrippenSlechte DienarenBronnenVoorbeelden Van Oneerlijkheid

En hij zeide: Dat gij de zeven ooilammeren van mijn hand nemen zult, opdat het mij tot een getuigenis zij, dat ik dezen put gegraven heb.

VersbegrippenSoorten DierenUitgravingDingen Als Getuigen

Alzo maakten zij een verbond te Ber-seba. Daarna stond Abimelech op, en Pichol, zijn krijgsoverste, en zij keerden wederom naar het land der Filistijnen.

VersbegrippenIndividuen Die Naar Huis Gaan

En Hij zeide: Neem nu uw zoon, uw enige, dien gij liefhebt, Izak, en ga heen naar het land Moria, en offer hem aldaar tot een brandoffer, op een van de bergen, dien Ik u zeggen zal.

VersbegrippenCalvariebergAbrahamSoorten Van VerzoeningLiefde En De WereldLijden Van Jezus ChristusAanvaardbare Houdingen Van AanbiddingPlaatsen Van AanbiddingHet Enig KindDe Eerstgeborene OfferenEnig Kind Van MensenZij Die Liefhadden

En Abraham zeide: God zal Zichzelven een lam ten brandoffer voorzien, mijn zoon! Zo gingen zij beiden samen.

VersbegrippenPaaslamAbrahamGod, De AanbiederSamengaanGod VoorzietSchapen En GeitenVerschaffen

En zij kwamen ter plaatse, die hem God gezegd had; en Abraham bouwde aldaar een altaar, en hij schikte het hout, en bond zijn zoon Izak, en legde hem op het altaar boven op het hout.

VersbegrippenAltarenAbrahamVerbindendHet In Orde MakenAltaren BouwenBrandhoutVastbinden

Toen hief Abraham zijn ogen op, en zag om, en ziet, achter was een ram in de verwarde struiken vast met zijn hoornen; en Abraham ging, en nam dien ram, en offerde hem ten brandoffer in zijns zoons plaats.

VersbegrippenAbrahamGebroken HorensRammenVervangingNamen Van GodHorens Van DierenPlaatsvervanging

Ik ben een vreemdeling en inwoner bij u; geef mij een erfbegrafenis bij u, opdat ik mijn dode van voor mijn aangezicht begrave.

VersbegrippenEen Pelgrim ZijnVoorbeelden Van PelgrimsOngezienBeschouwd Worden Als VreemdelingenDe Grot Van Machpela

Hoor ons, mijn heer! gij zijt een vorst Gods in het midden van ons; begraaf uw dode in de keure onzer graven; niemand van ons zal zijn graf voor u weren, dat gij uw dode niet zoudt begraven.

VersbegrippenPrinsenAbraham, In GemeenschapTombesInstemmingDe Grot Van MachpelaBegraafplaatsen

Dat hij mij geve de spelonk van Machpela, die hij heeft, die in het einde van zijn akker is, dat hij dezelve mij om het volle geld geve, tot een erfbegrafenis in het midden van u.

VersbegrippenGrottenGrotten Als BegraafplaatsDe Grot Van MachpelaIn De Tegenwoordigheid Van De MensBegraafplaatsenKoppels

Mijn heer! hoor mij; een land van vierhonderd sikkelen zilvers, wat is dat tussen mij en tussen u? begraaf slechts uw dode.

VersbegrippenVastgoedOnbelangrijke Mensen

Aan Abraham tot een bezitting, voor de ogen van de zonen Heths, bij allen, die tot zijn stadspoort ingingen.

VersbegrippenZaken Doen Aan De PoortIn De Tegenwoordigheid Van De Mens

Alzo werd die akker, en de spelonk die daarin was, aan Abraham gevestigd tot een erfbegrafenis van de zonen Heths.

VersbegrippenContractenGrotten Als BegraafplaatsMensen Die Andere Dingen BezittenDe Grot Van MachpelaGrotten Als Graven

Maar dat gij naar mijn land, en naar mijn maagschap trekken, en voor mijn zoon Izak een vrouw nemen zult.

VersbegrippenVerlovingMet Familieleden HuwenEen Vrouw Nemen

De HEERE, de God des hemels, Die mij uit mijns vaders huis en uit het land mijner maagschap genomen heeft, en Die tot mij gesproken heeft, en Die mij gezworen heeft, zeggende: Aan uw zaad zal Ik dit land geven! Die Zelf zal Zijn Engel voor uw aangezicht zenden, dat gij voor mijn zoon van daar een vrouw neemt.

VersbegrippenAbrahamLand Als Goddelijk GeschenkGoddelijke EedGoede DienarenDiensten Van Engelen Aan GelovigenEngelen Die Gods Geboden VolgenMensen Uit Andere Plaatsen HalenEen Vrouw Nemen

En hij deed de kemelen nederknielen buiten de stad, bij een waterput, des avondtijds, ten tijde, als de putsters uitkwamen.

VersbegrippenWaterKamelenWater OphalenDieren Laten Inslapen

En die jonge dochter was zeer schoon van aangezicht, een maagd, en geen man had haar bekend; en zij ging af naar de fontein, en vulde haar kruik, en ging op.

VersbegrippenMooiAfwezigheid Van SexDe Schoonheid Van VrouwenSchoonheid Van De Natuur

Toen liep die knecht haar tegemoet, en hij zeide: Laat mij toch een weinig waters uit uw kruik drinken.

VersbegrippenContainer Voor WaterIndividuen Die LopenVoedsel VragenMan Die Water Schenkt

En het geschiedde, als de kemelen voleindigd hadden te drinken, dat die man een gouden voorhoofdsiersel nam, welks gewicht was een halve sikkel, en twee armringen aan haar handen, welker gewicht was tien sikkelen gouds.

VersbegrippenArmbandenNeuzenOrnamentenRingenGouden OrnamentenJuwelenTwee SieradenHelft Van De DingenGewichten Van Goud

En Rebekka had een broeder, wiens naam was Laban; en Laban liep tot die man naar buiten tot de fontein.

VersbegrippenIndividuen Die Lopen

Toen zeide hij: Ik ben een knecht van Abraham;

VersbegrippenDat Ben Ik

En Sara, de huisvrouw van mijn heer, heeft mijn heer een zoon gebaard, nadat zij oud geworden was; en hij heeft hem gegeven alles, wat hij heeft.

VersbegrippenAan Anderen GevenHoop Voor Oude Mensen

Maar gij zult trekken naar het huis mijns vaders, en naar mijn geslacht, en zult voor mijn zoon een vrouw nemen!

VersbegrippenMet Familieleden HuwenFamilieledenEen Vrouw Nemen

En hij zeide tot mij: De HEERE, voor Wiens aangezicht ik gewandeld heb, zal Zijn Engel met u zenden, en Hij zal uw weg voorspoedig maken, dat gij voor mijn zoon een vrouw neemt, uit mijn geslacht en uit mijns vaders huis.

VersbegrippenWandelen Met GodMet Familieleden HuwenEngelen Die Gods Geboden VolgenEen Vrouw NemenSucces Door God

Zie, ik sta bij de waterfontein; zo geschiede, dat de maagd, die uitkomen zal om te putten, en tot welke ik zeggen zal: Geef mij toch een weinig waters te drinken uit uw kruik;

VersbegrippenContainer Voor WaterWater OphalenMan Die Water Schenkt

En de HEERE zeide tot haar: Twee volken zijn in uw buik, en twee natien zullen zich uit uw ingewand van een scheiden; en het ene volk zal sterker zijn dan het andere volk; en de meerdere zal den mindere dienen.

VersbegrippenBaby's In De BaarmoederFavoritismeJacob De PatriarchAfhankelijkheidTwee GroepenFrisse JeugdBaarmoederMensen DienenSterke NatiesTegenslag Overwinnen

En de eerste kwam uit, ros; hij was geheel als een haren kleed; daarom noemden zij zijn naam Ezau.

VersbegrippenEerst ZijnBuitenkledijHarige MensenRode LichamenTweelingbroersKleurHaar

Als nu deze jongeren groot werden, werd Ezau een man, verstandig op de jacht, een veldman; maar Jakob werd een oprecht man, wonende in tenten.

VersbegrippenJagenStilteVaardigheidTentenBoogschutters, MannenOpgroeienMannen Van VredeBuiten Het HuisOuderschap

En het geschiedde, als hij een langen tijd daar geweest was, dat Abimelech, de koning der Filistijnen, ten venster uitkeek, en hij zag, dat, ziet, Izak was jokkende met Rebekka zijn huisvrouw.

VersbegrippenDoor Vensters KijkenNa Een Lange TijdSportenKnuffels

En Abimelech zeide: Wat is dit, dat gij ons gedaan hebt? Lichtelijk had een van dit volk bij uw huisvrouw gelegen, zodat gij een schuld over ons zoudt gebracht hebben.

VersbegrippenWat Doe Jij?

De knechten van Izak dan groeven in dat dal, en zij vonden aldaar een put van levend water.

VersbegrippenUitgraving

Toen groeven zij een andere put, en daar twistten zij ook over; daarom noemde hij deszelfs naam Sitna.

VersbegrippenUitgravingMensen TegenMensen Die Dingen Benoemen

En hij brak op van daar, en groef een andere put, en zij twistten over dien niet; daarom noemde hij deszelfs naam Rehoboth, en zeide: Want nu heeft ons de HEERE ruimte gemaakt, en wij zijn gewassen in dit land.

VersbegrippenOvervloed, MaterieelUitgravingPotentieel Van FruitRuime PlekMensen Die Dingen BenoemenVrijheidNaar Een Nieuwe Plek GaanRuimteVruchtbaarheidLand

Toen bouwde hij daar een altaar, en riep den Naam des HEEREN aan. En hij sloeg aldaar zijn tent op; en Izaks knechten groeven daar een put.

VersbegrippenAltarenGod AanroepenNomadenTentenAltaren Gebouwd DoorAltaren BouwenUitgraving

En zij zeiden: Wij hebben merkelijk gezien, dat de HEERE met u is; daarom hebben wij gezegd: Laat toch een eed tussen ons zijn, tussen ons en tussen u, en laat ons een verbond met u maken:

VersbegrippenGod Met Specifieke Mensen

En zij stonden des morgens vroeg op, en zwoeren de een den ander; daarna liet Izak hen gaan, en zij togen van hem in vrede.

VersbegrippenEen Verbond BezegelenVroeg OpstaanZij Die Vroeg OpstondenIn Vrede Gaan

Als nu Ezau veertig jaren oud was, nam hij tot een vrouw Judith, de dochter van Beeri, den Hethiet, en Basmath, de dochter van Elon, den Hethiet.

VersbegrippenKinderen, Slechte KinderenPolygamie

En deze waren voor Izak en Rebekka een bitterheid des geestes.

VersbegrippenVerontrustende Individuen

Nu dan, neem toch uw gereedschap, uw pijlkoker en uw boog, en ga uit in het veld, en jaag mij een wildbraad;

VersbegrippenGebruik Van Bogen En PijlenGebruik Van PijlenJagenBevenBoogschutters, MannenPijlenHertWedstrijden

Rebekka nu hoorde toe, als Izak tot zijn zoon Ezau sprak; en Ezau ging in het veld, om een wildbraad te jagen, dat hij het inbracht.

VersbegrippenLuisteren

Breng mij een wildbraad, en maak mij smakelijke spijzen toe, dat ik ete; en ik zal u zegenen voor het aangezicht des HEEREN, voor mijn dood.

VersbegrippenVoedsel VragenSmakelijkVoor De DoodMensen Die ZegenenMoeders DoodWedstrijden

Toen zeide Jakob tot Rebekka, zijn moeder: Zie, mijn broeder Ezau is een harig man, en ik ben een glad man.

VersbegrippenHuidGladheidHarige MensenGlad

Misschien zal mij mijn vader betasten, en ik zal in zijn ogen zijn als een bedrieger; zo zoude ik een vloek over mij halen, en niet een zegen.

VersbegrippenZij Die Liegen

Als Ezau de woorden zijns vaders hoorde, zo schreeuwde hij met een groten en bitteren schreeuw, gans zeer; en hij zeide tot zijn vader: Zegen mij, ook mij, mijn vader!

VersbegrippenWrok Tegenover MensenZelfmedelijdenEmotionele Aspecten Van LijdenStemmenBitter ZijnMensen Die ZegenenBitterheid

Toen antwoordde Izak, en zeide tot Ezau: Zie, ik heb hem tot een heer over u gezet, en al zijn broeders heb ik hem tot knechten gegeven; en ik heb hem met koorn en most ondersteund; wat zal ik u dan nu doen, mijn zoon?

VersbegrippenMensen DienenWijn Verschaffen

Totdat de toorn uws broeders van u afkere, en hij vergeten hebbe, hetgeen gij hem gedaan hebt; dan zal ik zenden, en u van daar nemen; waarom zoude ik ook van u beiden beroofd worden op een dag?

VersbegrippenWoede, Zondige VoorbeeldenDingen VergetenAfnemende WoedeVerlies

En Rebekka zeide tot Izak: Ik heb verdriet aan mijn leven vanwege de dochteren Heths! Indien Jakob een vrouw neemt van de dochteren Heths, gelijk deze zijn, van de dochteren dezes lands, waartoe zal mij het leven zijn?

VersbegrippenGevolgen Van De Afwezigheid Van HoopBeperkingen Omtrent Het HuwelijkVermoeidheidMoe Van Het Leven

Maak u op, ga naar Paddan-Aram, ten huize van Bethuel, den vader uwer moeder, en neem u van daar een vrouw, van de dochteren van Laban, uwer moeders broeder.

VersbegrippenMet Familieleden HuwenEen Vrouw NemenVaders En Dochter

En God almachtig zegene u, en make u vruchtbaar, en vermenigvuldige u, dat gij tot een hoop volken wordt.

VersbegrippenDe Kracht Van GodVoortplantingMag God Zegenen!Vruchtbaarheid

Als nu Ezau zag, dat Izak Jakob gezegend, en hem naar Paddan-Aram weggezonden had om zich van daar een vrouw te nemen; en als hij hem zegende, dat hij hem geboden had, zeggende: Neem geen vrouw van de dochteren van Kanaan;

VersbegrippenSituaties ZienEen Vrouw NemenMensen Die Anderen Zegenen

Zo ging Ezau tot Ismael, en nam zich tot een vrouw boven zijn vrouwen, Mahalath, de dochter van Ismael, den zoon van Abraham, de zuster van Nebajoth.

VersbegrippenPolygamieGenoemde Zusters

En hij geraakte op een plaats, waar hij vernachtte; want de zon was ondergegaan; en hij nam van de stenen dier plaats, en maakte zijn hoofdpeluw, en legde zich te slapen te dierzelver plaats.

VersbegrippenNachtDe ZonBeddenZonsondergangStenen Als Monumenten

En hij vreesde, en zeide: Hoe vreselijk is deze plaats! Dit is niet dan een huis Gods, en dit is de poort des hemels!

VersbegrippenPoortenDe Hemel, Gods HuisOntzagVroeg OpstaanGodsvrucht 's OchtendsTerreur Van GodBethel Het Huis Van GodHemelse Visie

Toen stond Jakob des morgens vroeg op, en hij nam dien steen, dien hij tot zijn hoofdpeluw gelegd had, en zette hem tot een opgericht teken, en goot daar olie boven op.

VersbegrippenObjecten ZalvenZalven Met OlieGodsvrucht 's OchtendsOchtendOlieVroeg OpstaanMonumentenGedenkstenenStenen Als MonumentenZij Die Vroeg OpstondenDingen ZalvenZalfolie

En Jakob beloofde een gelofte, zeggende: Wanneer God met mij geweest zal zijn, en mij behoed zal hebben op dezen weg, dien ik reize, en mij gegeven zal hebben brood om te eten, en klederen om aan te trekken;

VersbegrippenReisHet HedenGod Zal Met Jou ZijnGod Met Specifieke MensenGod HoudtJouw Familie BeschermenTeruggevenGoddelijke Bescherming

En ik ten huize mijns vaders in vrede zal wedergekeerd zijn; zo zal de HEERE mij tot een God zijn!

VersbegrippenIndividuen Die Naar Huis GaanHij Is Onze God

En deze steen, dien ik tot een opgericht teken gezet heb, zal een huis Gods wezen, en van alles, wat Gij mij geven zult, zal ik U voorzeker de tienden geven!

VersbegrippenHuis Van GodTiendenBreuken, Een TiendeGedenkstenenStenen Als MonumentenBethel Het Huis Van GodTienden ProducerenTienden En OffersTeruggeven

En hij zag toe, en ziet, er was een put in het veld; en ziet, er waren drie kudden schapen nevens dien nederliggende; want uit dien put drenkten zij de kudden; en er was een grote steen op den mond van dien put.

VersbegrippenDrie GroepenGrote DingenBronnen Stoppen

Als hij nog met hen sprak, zo kwam Rachel met de schapen, die haar vader toebehoorden; want zij was een herderin.

VersbegrippenTerwijl We PratenZij Die Voorraad Hadden

En Jakob gaf Rachel te kennen, dat hij een broeder van haar vader, en dat hij de zoon van Rebekka was. Toen liep zij heen, en gaf het aan haar vader te kennen.

VersbegrippenRennen Met NieuwsFamilieleden

Toen zeide Laban tot hem: Voorwaar, gij zijt mijn gebeente en mijn vlees! En hij bleef bij hem een volle maand.

VersbegrippenBenenLichaamEen MaandZelfde Vlees En BonenRuimte

Toen zeide Laban: Het is beter, dat ik haar aan u geve, dan dat ik haar aan een anderen man geve; blijf bij mij.

VersbegrippenGoede ActiviteitTijdelijk BlijvenGeven In Het Huwelijk

En Laban gaf haar Zilpa, zijn dienstmaagd, aan Lea, zijn dochter, tot een dienstmaagd.

VersbegrippenBruidschatVerlovingDienstmeisjesGewoonten In Verband Met Het HuwelijkHuwelijk, De Bruid

En Jakob deed alzo; en hij vervulde de week van deze. Toen gaf hij hem Rachel, zijn dochter, hem tot een vrouw.

VersbegrippenGewoonten In Verband Met Het HuwelijkPolygamieHet Werk Van De Mens Dat Voltooid Is

En Laban gaf aan zijn dochter Rachel zijn dienstmaagd Bilha, haar tot een dienstmaagd.

VersbegrippenDienstmeisjes

En Lea werd bevrucht, en baarde een zoon, en zij noemde zijn naam Ruben; want zij zeide: Omdat de HEERE mijn verdrukking heeft aangezien, daarom zal mijn man mij nu liefhebben.

VersbegrippenZwangerschapGod Ziet Hun EllendeGod Stuurde Zijn ZoonIk LijdtMannen En Vrouwen Die LiefhaddenMensen Met Toepasselijke Namen

En zij werd wederom bevrucht, en baarde een zoon, en zeide: Dewijl de HEERE gehoord heeft, dat ik gehaat was, zo heeft Hij mij ook dezen gegeven; en zij noemde zijn naam Simeon.

VersbegrippenGod Besteedde Aandacht Aan MijIndividuen HatenMensen Met Toepasselijke Namen

En zij werd nog bevrucht, en baarde een zoon, en zeide: Nu zal zich ditmaal mijn man bij mij voegen, dewijl ik hem drie zonen gebaard heb; daarom noemde zij zijn naam Levi.

VersbegrippenDrie KinderenMensen Met Toepasselijke Namen

En zij werd wederom bevrucht, en baarde een zoon, en zeide: Ditmaal zal ik den HEERE loven; daarom noemde zij zijn naam Juda. En zij hield op van baren.

VersbegrippenBeëindigingZijn Lof Laten ZienMensen Met Toepasselijke NamenVruchtbaar Zijn

En Bilha werd zwanger, en baarde Jakob een zoon.

Toen zeide Rachel: God heeft mij gericht, en ook mijn stem verhoord, en heeft mij een zoon gegeven; daarom noemde zij zijn naam Dan.

VersbegrippenGod Die BetuigtGod Besteedde Aandacht Aan MijMensen Met Toepasselijke NamenRechtvaardiging

Toen nu Lea zag, dat zij ophield van baren, nam zij ook haar dienstmaagd Zilpa, en gaf die aan Jakob tot een vrouw.

VersbegrippenConcubinesBeëindigingGeven In Het Huwelijk

En Zilpa, Lea's dienstmaagd, baarde Jakob een zoon.

Toen zeide Lea: Er komt een hoop! en zij noemde zijn naam Gad.

VersbegrippenMensen Met Toepasselijke Namen

Daarna baarde Zilpa, Lea's dienstmaagd, Jakob een tweeden zoon.

En Lea zeide: God heeft mij, mij heeft Hij begiftigd met een goede gift; ditmaal zal mijn man mij bijwonen; want ik heb hem zes zonen gebaard; en zij noemde zijn naam Zebulon.

VersbegrippenGeschenkenGeschenken Van GodAndere Geschenken Van GodMensen Met Toepasselijke Namen

Public domain