12003 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Het' in de Bijbel

En het geschiedde ten einde van twee volle jaren, dat Farao droomde, en ziet, hij stond aan de rivier.

VersbegrippenFysieke SlaapTwee Jaar

En ziet, uit de rivier kwamen op zeven koeien, schoon van aanzien, en vet van vlees, en zij weidden in het gras.

VersbegrippenZwaarlijvigheidZeven DierenVette DierenHet Eten Van DierenRivier Nijl

En de dunne aren verslonden de zeven vette en volle aren. Toen ontwaakte Farao, en ziet, het was een droom.

VersbegrippenZeven DingenDunne Lichamen

En het geschiedde in den morgenstond, dat zijn geest verslagen was, en hij zond heen, en riep al de tovenaars van Egypte, en al de wijzen, die daarin waren; en Farao vertelde hun zijn droom; maar er was niemand, die ze aan Farao uitlegde.

VersbegrippenWaarzeggerij Beoefend DoorOchtendRusteloosheidDe Aard Van Menselijke WijsheidTovenaarsWijze MannenOntbiedende KoningenNiemand BeschikbaarDromen Vertellen

En gelijk hij ons uitlegde, alzo is het geschied; mij heeft hij hersteld in mijn staat, en hem gehangen.

VersbegrippenHerstel Van MensenMensen Die Opgehangen Worden

En Jozef antwoordde Farao, zeggende: Het is buiten mij! God zal Farao's welstand aanzeggen.

VersbegrippenNederigheidMissie Van IsraëlGod Zal AntwoordenIk Niet

En zie, uit de rivier kwamen op zeven koeien, vet van vlees en schoon van gedaante, en zij weidden in het gras.

VersbegrippenZeven DierenVette DierenHet Eten Van DierenRivier Nijl

En zie, zeven andere koeien kwamen op na deze, mager en zeer lelijk van gedaante, rank van vlees; ik heb dergelijke van lelijkheid niet gezien in het ganse Egypteland.

VersbegrippenZeven DierenUnieke WezensSlechte Dingen

Dewelke in haar buik inkwamen; maar men merkte niet, dat ze in haar buik ingekomen waren; want haar aanzien was lelijk, gelijk als in het begin. Toen ontwaakte ik.

VersbegrippenSlechte Dingen

En de zeven dunne aren verslonden die zeven goede aren. En ik heb het den tovenaars gezegd; maar er was niemand, die het mij verklaarde.

VersbegrippenZeven DingenNiemand BeschikbaarDromen VertellenDunne Lichamen

Dit is het woord, hetwelk ik tot Farao gesproken heb: hetgeen God is doende, heeft Hij Farao vertoond.

VersbegrippenDe Toekomst Voorspellen

Zie, de zeven aankomende jaren, zal er grote overvloed in het ganse land van Egypte zijn.

VersbegrippenOvervloed In Egypte

Maar na dezelve zullen er opstaan zeven jaren des hongers; dan zal in het land van Egypte al die overvloed vergeten worden; en de honger zal het land verteren.

VersbegrippenDingen VergetenOngeluk

Ook zal de overvloed in het land niet gemerkt worden, vanwege dienzelven honger, die daarna wezen zal; want hij zal zeer zwaar zijn.

Zo zie nu Farao naar een verstandigen en wijzen man, en zette hem over het land van Egypte.

VersbegrippenDiscretieAan Mensen Toegekend Gezag

Farao doe zo, en bestelle opzieners over het land; en neme het vijfde deel des lands van Egypte in de zeven jaren des overvloeds.

VersbegrippenBelastenBreuken, Een VijfdeOvervloed In EgypteAan Mensen Toegekend Gezag

En dat zij alle spijze van deze aankomende goede jaren verzamelen, en koren opleggen, onder de hand van Farao, tot spijze in de steden, en bewaren het.

VersbegrippenOpslaanDe Aard Van Menselijke AutoriteitZuinigheidVoedsel VerzamelenWinkels Voor EtenMensen Die Bijhouden

Zo zal de spijze zijn tot voorraad voor het land, voor zeven jaren des hongers, die in Egypteland wezen zullen; opdat het land van honger niet verga.

VersbegrippenZuinigheid

En Farao noemde Jozefs naam Zafnath Paaneah, en gaf hem Asnath, de dochter van Potifera, overste van On, tot een vrouw; en Jozef toog uit door het land van Egypte.

VersbegrippenBeperkingen Omtrent Het HuwelijkVeranderde NamenMensen Die Mensen Andere Namen GevenAan Mensen Toegekend Gezag

Jozef nu was dertig jaren oud, als hij stond voor het aangezicht van Farao, koning van Egypte; en Jozef ging uit van Farao's aangezicht, en hij toog door gans Egypteland.

VersbegrippenDertigReizenAan Mensen Toegekend Gezag

En het land bracht voort, in de zeven jaren des overvloeds, bij handvollen.

VersbegrippenZeven JaarVruchtbaar LandOvervloed In EgypteOvervloed

En hij vergaderde alle spijze der zeven jaren, die in Egypteland was, en deed de spijze in de steden; de spijze van het veld van elke stad, hetwelk rondom haar was, deed hij daarbinnen.

VersbegrippenZuinigVoedsel Verzamelen

Alzo bracht Jozef zeer veel koren bijeen, als het zand der zee, totdat men ophield te tellen: want daarvan was geen getal.

VersbegrippenEen Ontelbaar AantalZandOnmogelijk Voor MensenOvervloed In EgypteZand En Grind

En Jozef noemde den naam des eerstgeborenen Manasse; want, zeide hij, God heeft mij doen vergeten al mijn moeite, en het ganse huis mijns vaders.

VersbegrippenEerstgeboren ZonenDingen VergetenGod Geneest VerdrietMensen Met Toepasselijke NamenFamilie ProblemenFamilie Eerst

En den naam des tweeden noemde hij Efraim; want, zeide hij, God heeft mij doen wassen in het land mijner verdrukking.

VersbegrippenNatuurlijke VruchtbaarheidDe Bron Van De VruchtGod Geneest VerdrietMensen Met Toepasselijke NamenVruchtbaarheid

Als nu gans Egypteland hongerde, riep het volk tot Farao om brood; en Farao zeide tot alle Egyptenaren: Gaat tot Jozef, doet wat hij u zegt.

VersbegrippenVoedsel Vragen

Als dan honger over het ganse land was, zo opende Jozef alles, waarin iets was, en verkocht aan de Egyptenaren; want de honger was sterk in Egypteland.

VersbegrippenOpslaanWarenhuizenDe Daad Van OpenenContainers Openen

Doch Benjamin, Jozefs broeder, zond Jakob niet met zijn broederen; want hij zeide: Opdat hem niet misschien het verderf ontmoete!

VersbegrippenPartijdigheidAngst Voor Andere Dingen

Alzo kwamen Israels zonen om te kopen onder degenen, die daar kwamen; want de honger was in het land Kanaan.

VersbegrippenGebruik Van Geld

Jozef nu was regent over dat land; hij verkocht aan al het volk des lands; en Jozefs broederen kwamen, en bogen zich voor hem, met de aangezichten ter aarde.

VersbegrippenBuigenBestuurdersBuigen Voor Jozef

Als Jozef zijn broederen zag, zo kende hij hen; maar hij hield zich vreemd jegens hen, en sprak hard met hen, en zeide tot hen: Van waar komt gij? En zij zeiden: Uit het land Kanaan; om spijze te kopen.

VersbegrippenVoorwendselBewustzijnEten KopenMensen HerkennenVermommingenWaar Vandaan?

Toen gedacht Jozef aan de dromen, die hij van hen gedroomd had; en hij zeide tot hen: Gij zijt verspieders, gij zijt gekomen om te bezichtigen, waar het land bloot is.

VersbegrippenSpionerenMensen Die HerinnerenOnbewaaktKwetsbaarheid

En hij zeide tot hen: Neen, maar gij zijt gekomen, om te bezichtigen, waar het land bloot is.

VersbegrippenOnbewaaktKwetsbaarheid

En zij zeiden: Wij, uw knechten, waren twaalf gebroeders, eens mans zonen, in het land Kanaan; en zie, de kleinste is heden bij onzen vader; doch de een is niet meer.

VersbegrippenHet Jongste KindIndividuen Die OverlijdenTwaalf WezensOverlijdenKwetsbaarheid

Toen zeide Jozef tot hen: Dat is het, wat ik tot u gesproken heb, zeggende: Gij zijt verspieders!

VersbegrippenSpioneren

Zo gij vroom zijt, zo zij een uwer broederen gebonden in het huis uwer bewaring; en gaat gij heen, brengt het koren voor den honger uwer huizen.

VersbegrippenGevangenschapMensen Die Zorgen Voor Voedsel

En Ruben antwoordde hun, zeggende: Heb ik het tot u niet gezegd, toen ik zeide: Zondigt niet aan dezen jongeling! maar gij hoordet niet; en ook zijn bloed, ziet, het wordt gezocht!

VersbegrippenBloed Als Symbool Van SchoolOordeel Over MoordenaarsAndere Mensen Kwaad BerokkenenBoekhouden

En zij wisten niet, dat het Jozef hoorde; want daar was een taalman tussen hen.

VersbegrippenCamouflageTalen VertolkenOnwetendheid Van Feiten

Toen een zijn zak opendeed, om zijn ezel voeder te geven in de herberg, zo zag hij zijn geld; want ziet, het was in den mond van zijn zak.

VersbegrippenHerbergenKribbesDe Daad Van OpenenContainers OpenenDieren VoedenOnbepaalde Sommen GeldTijdelijk Blijven

En hij zeide tot zijn broederen: Mijn geld is wedergekeerd; daartoe ook, ziet, het is in mijn zak! Toen ontging hun het hart, en zij verschrikten, de een tot den ander zeggende: Wat is dit, dat ons God gedaan heeft?

VersbegrippenMenselijk HartMenselijke EmotieIndividuen Die BevenWat Doet God?Onbepaalde Sommen GeldAndere Verdrietige Mensen

En zij kwamen in het land Kanaan, tot Jakob, hun vader; en zij gaven hem te kennen al hun wedervaren, zeggende:

VersbegrippenVertellen Over Gebeurtenissen

Wij waren twaalf gebroeders, zonen van onzen vader; de een is niet meer, en de kleinste is heden bij onzen vader in het land Kanaan.

VersbegrippenNummer TwaalfHet Jongste KindIndividuen Die OverlijdenTwaalf Wezens

En het geschiedde, als zij hun zakken ledigden, ziet, zo had een iegelijk den bundel zijns gelds in zijn zak; en zij zagen de bundelen huns gelds, zij en hun vader, en zij waren bevreesd.

VersbegrippenZilverLegenOnbepaalde Sommen Geld

Zo geschiedde het, als zij den leeftocht, dien zij uit Egypte gebracht hadden, opgegeten hadden, dat hun vader tot hen zeide: Keert wederom, koopt ons een weinig spijze.

VersbegrippenEten KopenEinde Van Activiteiten

Toen sprak Juda tot hem, zeggende: Die man heeft ons op het hoogste betuigd, zeggende: Gij zult mijn aangezicht niet zien, tenzij dat uw broeder met u is.

VersbegrippenNiet Met Mensen

En zij zeiden: Die man vraagde zeer nauw naar ons, en naar onze maagschap, zeggende: Leeft uw vader nog; hebt gij nog een broeder? Zo gaven wij het hem te kennen, volgens diezelfde woorden; hebben wij juist geweten, dat hij zeggen zou: Brengt uw broeder af?

VersbegrippenStellen Van Bepaalde VragenMensen BeantwoordenDe Toekomst Niet KennenVerder Leven

Toen zeide Israel, hun vader, tot hen: Is het nu alzo, zo doet dit; neemt van het loffelijkste dezes lands in uwe vaten, en brengt dien man een geschenk henen af: een weinig balsem, en een weinig honig, specerijen en mirre, terpentijnnoten en amandelen.

VersbegrippenVoedselAmandelenBalsemsKruiden En SpecerijenMirreHoningAmandelbomen

En neemt dubbel geld in uw hand; en brengt het geld, hetwelk in den mond uwer zakken wedergekeerd is, weder in uw hand; misschien is het een feil.

VersbegrippenEerlijkheidFoutenDubbel GeldOnbepaalde Sommen Geld

En God, de Almachtige, geve u barmhartigheid voor het aangezicht van dien man, dat hij uw anderen broeder en Benjamin met u late gaan! En mij aangaande, als ik van kinderen beroofd ben, zo ben ik beroofd!

VersbegrippenDe Kracht Van GodVerliesMensen Die Genade TonenMensen Die Anderen Vrijlaten

Als Jozef Benjamin met hen zag, zo zeide hij tot dengene, die over zijn huis was: Breng deze mannen naar het huis toe, en slacht slachtvee, en maak het gereed; want deze mannen zullen te middag met mij eten.

VersbegrippenUurMaaltijdenMiddagRentmeesterschapAvondmaalHuisdieren DodenMensen Zien

De man nu deed, gelijk Jozef gezegd had; en de man bracht deze mannen in het huis van Jozef.

Toen vreesden deze mannen, omdat zij in het huis van Jozef gebracht werden, en zeiden: Ter oorzake van het geld, dat in het begin in onze zakken wedergekeerd is, worden wij ingebracht, opdat hij ons overrompele en ons overvalle, en ons tot slaven neme, met onze ezelen.

VersbegrippenOnbepaalde Sommen GeldVerlies Van EzelsWaarom Mensen Dingen DedenAngst Van Individuen

Daarom naderden zij tot dien man, die over het huis van Jozef was, en zij spraken tot hem aan de deur van het huis.

En zij zeiden: Och, mijn heer! wij waren in het begin gewisselijk afgekomen, om spijze te kopen.

VersbegrippenEten Kopen

Het is nu geschied, als wij in de herberg gekomen waren, en wij onze zakken opendeden, zie, zo was ieders mans geld in den mond van zijn zak, ons geld in zijn gewicht; en wij hebben hetzelve wedergebracht in onze hand.

VersbegrippenHerbergenDe Daad Van OpenenContainers OpenenTijdelijk Blijven

Daarna bracht de man deze mannen in het huis van Jozef, en hij gaf water; en zij wiesen hun voeten; hij gaf ook aan hun ezelen voeder.

VersbegrippenReinigingGastenWaterVoetenwassingDieren VoedenReine Voeten

En zij bereidden het geschenk, totdat Jozef kwam op den middag; want zij hadden gehoord, dat zij aldaar brood eten zouden.

VersbegrippenEten BereidenZij Die Maaltijden Aanboden

Als nu Jozef te huis gekomen was, zo brachten zij hem het geschenk, hetwelk in hun hand was, in het huis, en zij bogen zich voor hem ter aarde.

VersbegrippenGroetenBuigen Voor Jozef

En hij vraagde hun naar hun welstand, en zeide: Is het wel met uw vader, den oude, waarvan gij zeidet? Leeft hij nog?

VersbegrippenVerder Leven

En zij zeiden: Het is wel met uw knecht, onzen vader, hij leeft nog; en zij neigden het hoofd en bogen zich neder.

VersbegrippenBuigen Voor JozefVerder Leven

En zij richtten voor hem aan in het bijzonder, en voor hen in het bijzonder; en voor de Egyptenaren, die met hem aten, in het bijzonder; want de Egyptenaars mogen geen brood eten met de Hebreen, dewijl zulks den Egyptenaren een gruwel is.

VersbegrippenAfkeerAfkeer, PraktijkenMensen Die Afscheid NemenGeen TransactiesMensen Haten

En mijn beker, den zilveren beker, zult gij leggen in den mond van den zak des kleinsten, met het geld van zijn koren. En hij deed naar Jozefs woord, hetwelk hij gesproken had.

VersbegrippenHet Jongste KindOnbepaalde Sommen Geld

Des morgens, als het licht werd, zo liet men deze mannen trekken, hen en hun ezelen.

VersbegrippenDageraadDageraad

Is het deze niet, waaruit mijn heer drinkt? en waarbij hij iets zekerlijk waarnemen zal? Gij hebt kwalijk gedaan, wat gij gedaan hebt.

En zij zeiden tot hem: Waarom spreekt mijn heer zulke woorden? Het zij verre van uw knechten, dat zij zodanig ding doen zouden.

VersbegrippenVerre Van Dit!

Zie, het geld, dat wij in den mond onzer zakken vonden, hebben wij tot u uit het land Kanaan wedergebracht; hoe zouden wij dan uit het huis uws heren zilver of goud stelen?

VersbegrippenStelenOnbepaalde Sommen Geld

En Juda kwam met zijn broederen in het huis van Jozef; want hij was nog zelf aldaar; en zij vielen voor zijn aangezicht neder ter aarde.

VersbegrippenBuigen Voor Jozef

Maar hij zeide: Het zij verre van mij zulks te doen! de man, in wiens hand de beker gevonden is, die zal mijn slaaf zijn; doch trekt gijlieden op in vrede tot uw vader.

VersbegrippenOntdekt WordenVrijgesteldVerre Van Dit!

En het is geschied, als wij tot uw knecht, mijn vader, opgetrokken zijn, en wij hem de woorden mijns heren verhaald hebben;

VersbegrippenVertellen Over Wat Mensen Gezegd Hebben

Zo hebben wij gezegd: Wij zullen niet mogen aftrekken; indien onze kleinste broeder bij ons is, zo zullen wij aftrekken; want wij zullen het aangezicht van dien man niet mogen zien, zo deze onze kleinste broeder niet bij ons is.

VersbegrippenNiet Met Mensen

Zo zal het geschieden, als hij ziet, dat de jongeling er niet is, dat hij sterven zal; en uw knechten zullen de grauwe haren van uw knecht, onzen vader, met droefenis ten grave doen nederdalen.

VersbegrippenGetroffen Door De DoodGrijsNergens Te Vinden

En hij verhief zijn stem met wenen, zodat het de Egyptenaren hoorden, en dat het Farao's huis hoorde.

VersbegrippenIdentiteit

Want het zijn nu twee jaren des hongers in het midden des lands; en er zijn nog vijf jaren, in welke geen ploeging noch oogst zijn zal.

VersbegrippenTwee JaarVijf JaarDe Aarde BewerkenNiet Oogsten Wat Je ZaaideIdentiteit

Doch God heeft mij voor uw aangezicht henen gezonden, om u een overblijfsel te stellen op de aarde, en om u bij het leven te behouden, door een grote verlossing.

VersbegrippenRestReddingOntsnappen Aan Het KwaadOverlevenden Van IsraëlIndividuen Die Anderen ReddenIdentiteitDe Aarde VerzorgenVerlossing

Nu dan, gij hebt mij herwaarts niet gezonden, maar God Zelf, Die mij tot Farao's vader gesteld heeft, en tot een heer over zijn ganse huis, en regeerder in het ganse land van Egypte.

VersbegrippenOverwinning Op Het KwaadBestuurdersHeersersPromotieSpirituele VadersGod Stuurde ProfetenVeroorzaakt Door GodGods Voorzienigheid In OmstandighedenIdentiteitIdentiteit In Christus

Haast u en trekt op tot mijn vader, en zegt het hem: Alzo zegt uw zoon Jozef: God heeft mij tot een heer over gans Egypteland gesteld; kom af tot mij, en vertoef niet.

VersbegrippenGoede Voorbeelden Van KinderenMensen Die VertraagdenAnderen Opjagen

En gij zult in het land Gosen wonen, en nabij mij wezen, gij en uw zonen, en de zonen uwer zonen, en uw schapen, en uw runderen, en al wat gij hebt.

VersbegrippenKleinkinderenIn Het Land LevenBurenImmigrantenLand

En ziet, uw ogen zien het, en de ogen van mijn broeder Benjamin, dat mijn mond tot u spreekt.

VersbegrippenDat Ben IkMensen Zien

Als dit gerucht in het huis van Farao gehoord werd, dat men zeide: Jozefs broeders zijn gekomen! was het goed in de ogen van Farao, en in de ogen van zijn knechten.

VersbegrippenRoemNieuws

En Farao zeide tot Jozef: Zeg tot uw broederen: Doet dit, laadt uw beesten, en trekt heen, gaat naar het land Kanaan;

En neemt uw vader en uw huisgezinnen, en komt tot mij, en ik zal u het beste van Egypteland geven, en gij zult het vette dezes lands eten.

VersbegrippenZwaarlijvigheidVet Van DierenOvervloed In EgypteLand

En uw oog verschone uw huisraad niet; want het beste van gans Egypteland, dat zal het uwe zijn.

VersbegrippenTerugkijkenBezittingen

En zijn vader desgelijks zond hij tien ezelen, dragende van het beste van Egypte, en tien ezelinnen, dragende koren, en brood, en spijze voor zijn vader op den weg.

VersbegrippenTien DierenMassa's Ezels

En zij trokken op uit Egypte, en zij kwamen in het land Kanaan tot hun vader Jakob.

En Israel zeide: Het is genoeg! mijn zoon Jozef leeft nog! ik zal gaan, en hem zien, eer ik sterve!

VersbegrippenVoor De DoodVerder Leven

En zij namen hun vee, en hun have, die zij in het land Kanaan geworven hadden, en zij kwamen in Egypte, Jakob en al zijn zaad met hem;

En de zonen van Juda: Er, en Onan, en Sela, en Perez, en Zerah. Doch Er en Onan waren gestorven in het land van Kanaan; en de zonen van Perez waren Hezron en Hamul.

En de zonen van Jozef, die hem in Egypte geboren zijn, waren twee zielen. Al de zielen van het huis van Jakob, die in Egypte kwamen, waren zeventig.

VersbegrippenDe Jaren ZeventigZeventigTwee Zonen

En hij zond Juda voor zijn aangezicht heen tot Jozef, om voor zijn aangezicht aanwijzing te doen naar Gosen; en zij kwamen in het land Gosen.

Daarna zeide Jozef tot zijn broederen, en tot zijns vaders huis: Ik zal optrekken en Farao boodschappen, en tot hem zeggen: Mijn broeders en het huis mijns vaders, die in het land Kanaan waren, zijn tot mij gekomen.

VersbegrippenVertellen Over Bewegingen

En die mannen zijn schaapherders; want het zijn mannen, die met vee omgaan; en zij hebben hun schapen, en hun runderen, en al wat zij hebben, medegebracht.

VersbegrippenHerder Als Beroep

Wanneer het nu geschieden zal, dat Farao ulieden zal roepen, en zeggen: Wat is uw hantering?

VersbegrippenStellen Van Bepaalde Vragen

Zo zult gij zeggen: Uw knechten zijn mannen, die van onze jeugd af tot nu toe met vee omgegaan hebben, zo wij als onze vaders; opdat gij in het land Gosen moogt wonen; want alle schaapherder is de Egyptenaren een gruwel.

VersbegrippenAfkeerWerken Van JongsafaanZij Die Voorraad HaddenMensen HatenBijhouden Voorraad

Toen kwam Jozef en boodschapte Farao, en zeide: Mijn vader en mijn broeders, en hun schapen, en hun runderen, met alles wat zij hebben, zijn gekomen uit het land Kanaan, en zie, zij zijn in het land Gosen.

VersbegrippenVertellen Over Bewegingen

Voorts zeiden zij tot Farao: Wij zijn gekomen, om als vreemdelingen in dit land te wonen; want er is geen weide voor de schapen, die uw knechten hebben, dewijl de honger zwaar is in het land Kanaan; en nu, laat toch uw knechten in het land Gosen wonen!

VersbegrippenVerblijvenGeen VoedselIn Het Land Leven

Egypteland is voor uw aangezicht; doe uw vader en uw broeders in het beste van het land wonen; laat hen in het land Gosen wonen, en zo gij weet, dat er onder hen kloeke mannen zijn, zo zet hen tot veemeesters over hetgeen ik heb.

VersbegrippenVermogenBekwaamheid

En Jozef bestelde voor Jakob en zijn broederen woningen, en hij gaf hun een bezitting in Egypteland, in het beste van het land, in het land Rameses, gelijk als Farao geboden had.

VersbegrippenLeven En Karakter Van Jacob

En Jozef onderhield zijn vader, en zijn broeders, en het ganse huis zijns vaders, met brood, tot den mond der kinderkens toe.

VersbegrippenGoede KinderenVolgens MensenFamilie Kracht

En er was geen brood in het ganse land; want de honger was zeer zwaar: zodat het land van Egypte en het land Kanaan raasden vanwege dien honger.

VersbegrippenFlauw VallenZonder Kracht

Toen verzamelde Jozef al het geld, dat in Egypteland en in het land Kanaan gevonden werd, voor het koren, dat zij kochten; en Jozef bracht dat geld in Farao's huis.

VersbegrippenPaleizenGeldmiddelenGeld Sparen

Public domain