1632 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Huis' in de Bijbel

Welke Jason in zijn huis genomen heeft; en alle dezen doen tegen de geboden des keizers, zeggende, dat er een andere Koning is, namelijk Jezus.

VersbegrippenUitdagingGoddelijk KoningschapVerraadVoorbeelden Van Valse BeschuldigingenGelovingen VerwelkomenAndere PersonenActeren

En van daar gegaan zijnde, kwam hij in het huis van een man, met name Justus, die God diende, wiens huis paalde aan de synagoge.

VersbegrippenBekeerlingen

En des anderen daags, Paulus en wij, die met hem waren, gingen van daar en kwamen te Cesarea; en gegaan zijnde in het huis van Filippus, den evangelist (die een was van de zeven), bleven wij bij hem.

VersbegrippenIdentiteit Van EvangelisatieGastenVoorbeelden Van GastvrijheidProfetesGastvrijheidReizigersZeven MensenDe Volgende DagEvangelisatie

En met ons gingen ook sommigen der discipelen van Cesarea, leidende met zich een zekeren Mnason, van Cyprus, een ouden discipel, bij dewelken wij zouden te huis liggen.

VersbegrippenVoorbeelden Van GastvrijheidEilandenFlexibiliteit

Doch zo iemand hongert, dat hij te huis ete, opdat gij niet tot een oordeel samenkomt. De overige dingen nu zal ik verordenen, als ik zal gekomen zijn.

VersbegrippenLichamelijke HongerDiscipline Van De KerkKerkordeSamenkomenNaar De Kerk GaanDe Armen VoedenCommunieHongerOpdracht

Al de heiligen groeten u, en meest die van het huis des keizers zijn.

VersbegrippenCaesarRomeinse Heersers

Doch in een groot huis zijn niet alleen gouden en zilveren vaten, maar ook houten en aarden vaten; en sommige ter ere, maar sommige ter onere.

VersbegrippenKleiGoudHoutMensen Die Eer HebbenHout En SteenDoelEerVerscheidenheid

Groet Priska en Aquila, en het huis van Onesiforus.

Want Deze is zoveel meerder heerlijkheid waardig geacht dan Mozes, als degene, die het huis gebouwd heeft, meerder eer heeft, dan het huis.

VersbegrippenDe Betekenis Van MozesBeroepenEigendom, HuizenOnderwijzenWaardigheidSuperioriteit Van ChristusHuizen BouwenChristus' Eigen GlorieDe Rechtschapen Eren

Want een ieder huis wordt van iemand gebouwd; maar Die dit alles gebouwd heeft, is God.

VersbegrippenEvolutieGods Eigendom Over AllesGetuigenissen Over Gods BestaanHuizen BouwenBouw

Want hen berispende, zegt Hij tot hen: Ziet, de dagen komen, spreekt de Heere, en Ik zal over het huis Israels, en over het huis van Juda een nieuw verbond oprichten;

VersbegrippenHet Nieuw VerbondBlaamTerechtwijzingOnzuivere Mensen

Want dit is het verbond, dat Ik met het huis Israels maken zal na die dagen, zegt de Heere: Ik zal Mijn wetten in hun verstand geven, en in hun harten zal Ik die inschrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn.

VersbegrippenMoraliteit En VerlossingTablettenSchrijvenHarten OntvangenOp Mensen SchrijvenIk Zal Hun God ZijnDe Wet Ter Harte NemenJournaliseren

En dewijl wij hebben een groten Priester over het huis Gods;

VersbegrippenNamen En Titels Voor De KerkGods Woning

Want het is de tijd, dat het oordeel beginne van het huis Gods; en indien het eerst van ons begint, welk zal het einde zijn dergenen, die het Evangelie van God ongehoorzaam zijn?

VersbegrippenGod Als RechterFamilie Weerspiegelt Gods RelatieTesten Van GeloofMensen EindigdenUitsprakenFamiliesKerk Van GodEen Nieuwe StartFamilie EerstNaar De Kerk GaanLaatste OordeelOordeelDe Kerk DienenWederoplevingLotProcesPetrus

Indien iemand tot ulieden komt, en deze leer niet brengt, ontvangt hem niet in huis, en zegt tot hem niet: Zijt gegroet.

VersbegrippenGeen Mensen VerwelkomenGroet NietDoctrines Van Het EvangelieAtheïsmeAfscheid NemenDoctrineWelkom

Public domain