5902 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Ik' in de Bijbel

Nu zal Ik in kort Mijn grimmigheid over u uitgieten, en Mijn toorn tegen u volbrengen, en u richten naar uw wegen, en zal op u brengen al uw gruwelen.

VersbegrippenDe Gevolgen Van De Toorn Van GodLuchten

En Mijn oog zal niet verschonen, en Ik zal niet sparen; Ik zal u geven naar uw wegen, en uw gruwelen zullen in het midden van u zijn; en gijlieden zult weten, dat Ik de HEERE ben, Die slaat.

VersbegrippenGod Die Mensen SlaatGod Zonder GenadeNiet Spaarzaam ZijnKwaad Met Kwaad BestrijdenMedelijden

En Hij heeft de schoonheid Zijns sieraads ter overtreffelijkheid gezet; maar zij hebben daarin beelden hunner gruwelen en hunner verfoeiselen gemaakt; daarom heb Ik dat hun tot onreinigheid gesteld.

VersbegrippenSchatAfgoderij Die Afkeer BetekentSchoonheid Van DingenJuwelen

En Ik zal het in de hand der vreemden overgeven ten roof, en den goddelozen der aarde ten buit, en zij zullen het ontheiligen.

VersbegrippenVreemdelingenHet Lijden Van VreemdelingenVoorspoed Van Het Kwaad

Ook zal Ik Mijn aangezicht van hen omwenden, en zij zullen Mijn verborgen plaats ontheiligen; want inbrekers zullen daar inkomen en die ontheiligen.

VersbegrippenGezicht Van GodHemelse GezichtenDe Tempel BinnengaanGod Verandert Van GedachtenVerontreinigen Heilige PlaatsenIndringers In De Tempel

Daarom zal Ik de kwaadste der heidenen doen komen, die hun huizen erfelijk bezitten zullen, en zal den hoogmoed der sterken doen ophouden, en die hen heiligen, zullen ontheiligd worden.

VersbegrippenHet Gevolg Van De Afwijzing Van GodHeiligdomBeëindigingBeperkingen Van KrachtGod Tegen De HoogmoedigenHuizen Onder AanvalMensen Die Andere Dingen BezittenVerontreinigen Heilige PlaatsenDingen Die Stoppen

De koning zal rouw bedrijven, en de vorsten zullen met verwoesting bekleed zijn, en de handen van het volk des lands zullen beroerd zijn; Ik zal hun doen naar hun weg, en met hun rechten zal Ik ze richten; en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.

VersbegrippenBekleed Met Slechte DingenBevende TroepenMensen Die Betrokken Zijn Bij Het OordeelMensen Die Versteld StaanMensen Die Rouwen Om Catastrofe

Het geschiedde nu in het zesde jaar, in de zesde maand, op den vijfden der maand, als ik in mijn huis zat, en de oudsten van Juda voor mijn aangezicht zaten, dat de hand des Heeren HEEREN daar over mij viel.

VersbegrippenOuderen Als GemeenschapsleidersMaandGods HandMaand 6Aan De Voeten ZittenGods Handen Op MensenDe Ouderen Die BijeenkomenDe Ouderen

Toen zag ik, en ziet, een gelijkenis, als de gedaante van vuur; van de gedaante Zijner lenden en nederwaarts was vuur; en van Zijn lenden en opwaarts, als de gedaante ener klaarheid, als de verf van Hasmal.

VersbegrippenVisioenen En Dromen In Het SchriftGod Is LichtKleurRegenboog

En ziet, de heerlijkheid des Gods van Israel was aldaar, naar de gedaante, die ik in de vallei gezien had.

VersbegrippenDe Glorie Van GodHeerlijkheid, Openbaring VanGods Glorie In Israël

En Hij zeide tot mij: Mensenkind, hef nu uw ogen op naar den weg van het noorden; en ik hief mijn ogen op naar den weg van het noorden, en ziet, tegen het noorden aan de poort van het altaar was dit beeld der ijvering, in den ingang.

VersbegrippenNoordenKompassenToegangswegen Tot De TempelTen Noorden Van Het AltaarGod Tegen Afgoderij

En Hij zeide tot mij: Mensenkind, ziet gij wel, wat zij doen, de grote gruwelen, die het huis Israels hier doet, opdat Ik van Mijn heiligdom verre wegga? Doch gij zult nog wederom grote gruwelen zien.

VersbegrippenHeiligdomHet Effect Van ZondeGroei Van Het KwaadGod Ver WegAfkeer

Zo bracht Hij mij tot de deur van het voorhof. Toen zag ik, en ziet, er was een hol in den wand.

VersbegrippenDe Daad Van OpenenMuren OpenenTot De Poorten KomenRechtbanken Van De TempelDe Ouderen

En Hij zeide tot mij: Mensenkind, graaf nu in dien wand. En ik groef in dien wand, en ziet, daar was een deur.

VersbegrippenUitgravingDe Daad Van OpenenMuren Openen

Zo ging ik in, en ik zag, en ziet, er was alle beeltenis van kruipende dieren en verfoeilijke beesten, en van alle drekgoden van het huis Israels, geheel rondom aan den wand gemaald.

VersbegrippenKunstHuizen

Daarom zal Ik ook handelen in grimmigheid, Mijn oog zal niet verschonen, en Ik zal niet sparen; hoewel zij voor Mijn oren met luider stem roepen, nochtans zal Ik hen niet horen.

VersbegrippenHorenKreten Van Ellende Tot GodGod Zonder GenadeNiet Spaarzaam ZijnWoede En VergiffenisMedelijden

Het geschiedde nu, als zij hen geslagen hadden, en ik overgebleven was, dat ik op mijn aangezicht viel, en riep, en zeide: Ach, Heere HEERE, zult Gij al het overblijfsel van Israel verderven, met Uw grimmigheid uit te gieten over Jeruzalem?

VersbegrippenGodslastering Tegen GodBuigingRestOverlevenden Vernietigd

Daarom ook, wat Mij aangaat, Mijn oog zal niet verschonen, en Ik zal niet sparen; Ik zal hun weg op hun hoofd geven.

VersbegrippenHoofdenGoddelijke BeloningDe Beloning Van De GoddelozenGod Draait Het Kwaad TerugGod Zonder GenadeNiet Spaarzaam ZijnMedelijden

En ziet, de man, die met linnen bekleed was, aan wiens lenden de inktkoker was, bracht bescheid weder, zeggende: Ik heb gedaan, gelijk als Gij mij geboden hadt.

VersbegrippenSchrijvenWe Gehoorzamen

Daarna zag ik, en ziet, boven het uitspansel, hetwelk was over het hoofd der cherubs, was als een saffiersteen, als de gedaante van de gelijkenis eens troons; en Hij verscheen op dezelve.

VersbegrippenKleuren, BlauwEdelstenenTheofanieTroonCherubijn Aan De Troon Van GodWaardevolle StenenDe UitgestrektheidUitspansel [Firmament]

Toen zag ik, en ziet, vier raderen waren bij de cherubs; een rad was bij elken cherub; en de gedaante der raderen was als de verf van een turkoois-steen.

VersbegrippenEdelstenenWaardevolle StenenVier SteunenWielenBruisendCherubijn

En die cherubs hieven zich omhoog; dit was hetzelfde dier, dat ik bij de rivier Chebar gezien had.

VersbegrippenKosmische WezensKlimmende WezensAndere Wezens Die Omhoog GaanCherubijn

Dit is het dier, dat ik zag onder den Gods Israels bij de rivier Chebar; en ik bemerkte, dat het cherubs waren.

VersbegrippenKosmische WezensMensen Herkennen

En aangaande de gelijkenis van hun aangezichten, het waren dezelfde aangezichten, die ik gezien had bij de rivier Chebar, hun gedaanten en zij zelven; zij gingen ieder recht uit voor zijn aangezicht henen.

VersbegrippenHemelse GezichtenNiet Opzij Draaien

Toen hief mij de Geest op, en bracht mij tot de Oostpoort van het huis des HEEREN, dewelke ziet oostwaarts; en ziet, aan de deur der poort waren vijf en twintig mannen, en in het midden van hen zag ik Jaazanja, den zoon van Azzur, en Pelatja, den zoon van Benaja, vorsten des volks.

VersbegrippenKompassenToegangswegen Tot De TempelGericht Naar Het OostenGod Verheft De MensTwintigtal

Zo viel dan de Geest des HEEREN op mij, en Hij zeide tot mij: Zeg: Zo zegt de HEERE: Alzo zegt gijlieden o huis Israels! want Ik weet elkeen der dingen, die in uw geest opklimmen.

VersbegrippenAlwetende GodGods MensenkennisOpenbaren Van ZondeDe Geest Van De HeerGedachten Van De MensGedachten Van De OngelovigenGod Kent Het Menselijk Hart

Daarom, zo zegt de Heere HEERE: Uw verslagenen, die gij in het midden derzelve nedergelegd hebt, die zijn dat vlees, en deze stad is de pot; maar ulieden zal Ik uit het midden derzelve doen uitgaan.

VersbegrippenKetelsMensen Uit Andere Plaatsen HalenPotten Om Te Koken En Te EtenIsraëlieten Doden

Gijlieden hebt het zwaard gevreesd; en het zwaard zal Ik over u brengen, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenAngst Voor Andere Dingen

Ook zal Ik ulieden uit het midden derzelve doen uitgaan, en Ik zal u overgeven in de hand der vreemden; en Ik zal recht onder u doen.

VersbegrippenHet Lijden Van VreemdelingenMensen Uit Andere Plaatsen Halen

Gij zult door het zwaard vallen; in de landpale Israels zal Ik u richten, en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben.

VersbegrippenGrenzen

Deze stad zal ulieden niet tot een pot zijn, en gij zult in het midden derzelve niet tot vlees zijn; in de landpale Israels zal Ik u richten.

VersbegrippenKetelsPotten Om Te Koken En Te EtenKokenKookpotGrenzenSluiting

En gij zult weten, dat Ik de HEERE ben, omdat gij in Mijn inzettingen niet gewandeld, en Mijn rechten niet gedaan hebt, maar naar de rechten der heidenen, die rondom u zijn, gedaan hebt.

VersbegrippenOvereenstemmendSlechte Mensen NabootstenWat Doen VreemdelingenJe Zal Weten Dat Ik De Heer BenZe Hielden Zich Niet Aan De Geboden

Het geschiedde nu, als ik profeteerde, dat Pelatja, de zoon van Benaja, stierf. Toen viel ik neder op mijn aangezicht, en riep met luider stem; en zeide: Ach, Heere HEERE! zult Gij gans een voleinding maken met het overblijfsel van Israel?

VersbegrippenRestOverlevenden VernietigdKreten Van Ellende Tot God

Daarom zeg: Zo zegt de Heere HEERE: Hoewel Ik hen verre onder de heidenen weggedaan heb, en hoewel Ik hen in de landen verstrooid heb, nochtans zal Ik hun een weinig tijds tot een heiligdom zijn, in de landen, waarin zij gekomen zijn.

VersbegrippenHeiligdomGod Die Israël VerstrooitVer Van HierMensen Uit Je Leven Verwijderen

Daarom zeg: Alzo zegt de Heere HEERE: Ja, Ik zal ulieden vergaderen uit de volken, en Ik zal u verzamelen uit de landen, waarin gij verstrooid zijt, en Ik zal u het land Israels geven.

VersbegrippenSamenkomen Israël

Opdat zij wandelen in Mijn inzettingen, en Mijn rechten bewaren, en dezelve doen; en zij zullen Mij tot een volk zijn, en Ik zal hun tot een God zijn.

VersbegrippenDe Aard Van HeroplevingIk Zal Hun God ZijnVolg De Geboden

Maar welker hart het hart hunner verfoeiselen en hunner gruwelen nawandelt, derzelver weg zal Ik op hun hoofd geven, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenGoddelijke BeloningVruchten Van ZondeDe Beloning Van De GoddelozenGod Draait Het Kwaad Terug

Daarna nam mij de Geest op, en bracht mij in gezicht door den Geest Gods in Chaldea tot de gevankelijk weggevoerden; en het gezicht, dat ik gezien had, voer van mij op.

VersbegrippenDe Openbaring Van GodInspiratie Van De Heilige Geest, Middelen VanProfetische VisioenenDe Geest Van GodGod Verheft De MensVisioenen Van God

En ik sprak tot de gevankelijk weggevoerden al de woorden des HEEREN, die Hij mij had doen zien.

VersbegrippenVertellen Over God

Voor hun ogen zult gij het op de schouders dragen, in donker zult gij het uitbrengen; uw aangezicht zult gij bedekken, dat gij het land niet ziet; want Ik heb u den huize Israels tot een wonderteken gegeven.

VersbegrippenDuisternis Van De NachtMensen Als TekenenSituaties ZienAndere Ladingen Dragen

En ik deed alzo, gelijk als mij bevolen was; ik bracht mijn gereedschap uit bij dag, als het gereedschap dergenen, die vertrekken; daarna in den avond doorgroef ik mij den wand met de hand; ik bracht het uit in donker, en ik droeg het op den schouder voor hun ogen.

VersbegrippenDe Dag GebruikenDe Daad Van OpenenMuren OpenenDuisternis Van De NachtBaggageVerbanning In VoouitzichtSituaties ZienAndere Ladingen Dragen

Zeg: Ik ben ulieder wonderteken; gelijk als ik gedaan heb, alzo zal hun gedaan worden; zij zullen door wegvoering in de gevangenis heengaan.

VersbegrippenMensen Als TekenenVerbanning In Voouitzicht

Ik zal ook Mijn net over hem uitspreiden, dat hij in Mijn jachtgaren gegrepen worde; en Ik zal hem brengen in Babylonie, het land der Chaldeen; ook zal hij dat niet zien, hoewel hij daar sterven zal.

VersbegrippenBabylon, Israël Verbannen NaarJagenNettenGod Die VerstriktVerblindendAndere Verblindingen

En allen, die rondom hem zijn tot zijn hulp, en al zijn benden zal Ik in alle winden verstrooien; en Ik zal het zwaard achter hen uittrekken.

VersbegrippenGod Die Israël VerstrooitDingen Die Gestript WordenGeen HulpGods Zwaard

Alzo zullen zij weten, dat Ik de HEERE ben, wanneer Ik hen onder de heidenen verspreiden en hen in de landen verstrooien zal.

VersbegrippenGod Die Israël Verstrooit

Doch Ik zal van hen weinige lieden doen overblijven van het zwaard, van den honger en van de pestilentie; opdat zij al hun gruwelen vertellen onder de heidenen, waarhenen zij komen zullen, en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.

VersbegrippenKleine OverblijfselenGeen Hongersnood MeerOverlevenden Van IsraëlEnkele MensenBerouw Over WandadenBeleden Zonde

En de bewoonde steden zullen woest worden, en het land zal een wildernis zijn; en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben.

VersbegrippenVernietigingVernietiging Van Steden

Daarom zeg tot hen: Alzo zegt de Heere HEERE: Ik zal dit spreekwoord doen ophouden, dat zij het niet meer ten spreekwoord gebruiken zullen in Israel. Maar spreek tot hen: De dagen zijn nabij gekomen, en het woord van ieder gezicht.

VersbegrippenBeëindigingBijna, In Het AlgemeenOude GezegdesDingen Die StoppenEinde Van DagenIsraëlVervulling

Want Ik ben de HEERE, Ik zal spreken; het woord, de tijd zal niet meer uitgesteld worden; want in uw dagen, o wederspannig huis, zal Ik een woord spreken, en hetzelve doen, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenDe Trouw Van GodDe Wil Van GodAarzelingBetrouwbaarheidDoel Van Het SchriftGod Die Niet UitsteltGod SpreektHet Woord Van GodAlles Gebeurt Voor Een RedenWachten Op Gods TimingVervulling

Daarom zeg tot hen: Alzo zegt de Heere HEERE: Geen Mijner woorden zullen meer uitgesteld worden; het woord, hetwelk Ik gesproken heb, dat zal gedaan worden, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenGod Die Niet Uitstelt

Ziet gij niet een ijdel gezicht, en spreekt een leugenachtige voorzegging, als gij zegt: De HEERE spreekt, daar Ik niet gesproken heb?

VersbegrippenProfeten Die Niet Gestuurd Werden

Daarom zo zegt de Heere HEERE: omdat gijlieden ijdelheid spreekt, en leugen ziet; daarom, ziet, Ik wil aan u, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenGod Tegen

En Mijn hand zal zijn tegen de profeten, die ijdelheid zien, en leugen voorzeggen; zij zullen in de vergadering Mijns volks niet zijn, en in het schrift van het huis Israels niet geschreven worden, en in het land Israels niet komen; en gij zult weten, dat Ik de Heere HEERE ben.

VersbegrippenBedrog Leidend Tot OordeelGods HandHet Koninkrijk BinnengaanValse VisioenenGod TegenGods Handen Bij Tegenstand

Daarom alzo zegt de Heere HEERE: Ja, Ik zal hem door een groten stormwind in Mijn grimmigheid splijten, en er zal een overstelpende plasregen zijn in Mijn toorn, en grote hagelstenen in Mijn grimmigheid, om dien te verdoen.

VersbegrippenWindGod Stuurde RegenGod Verstrekt WindOverstromingen

Zo zal Ik den wand afbreken, dien gijlieden met loze kalk gepleisterd hebt, en zal hem ter aarde nederwerpen, dat zijn grond zal ontdekt worden; alzo zal de stad vallen, en gij zult in het midden van haar omkomen; en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben.

VersbegrippenFunderingenVernietiging Van Het KwaadStichting Van NatiesGipsDingen Die Gestript WordenWitwassen

Zo zal Ik Mijn grimmigheid tegen den wand voortbrengen, en tegen degenen, die hem pleisteren met loze kalk; en Ik zal tot ulieden zeggen: Die wand is er niet meer, en die hem pleisterden, zijn er niet;

VersbegrippenGipsWitwassenNergens Te Vinden

Daarom, zo zegt de Heere HEERE: Ziet, Ik wil aan uw kussens, waarmede gij aldaar de zielen jaagt naar de bloemhoven, en Ik zal ze uit uw armen wegscheuren; en Ik zal die zielen losmaken, de zielen, die gij jaagt naar de bloemhoven.

VersbegrippenVogels, Figuurlijk GebruikGod Die De Mensen StriptGod TegenVermijden Van TovenarijGod Bevrijdt GevangenenVogelsVliegenMagieVampieren

Daartoe zal Ik uw hoofddeksels scheuren, en Mijn volk uit uw hand redden, zodat zij niet meer in uw hand zullen zijn tot een jacht; en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben.

VersbegrippenGod Die De Mensen StriptGod Redt Van De VijandenMagie

Omdat gijlieden het hart des rechtvaardigen door valsheid hebt bedroefd gemaakt, daar Ik hem geen smart aangedaan heb; en omdat gij de handen des goddelozen gesterkt hebt, opdat hij zich van zijn bozen weg niet afkeren zou, dat Ik hem in het leven behield;

VersbegrippenDeelname In ZondeNiet Opzij DraaienZichzelf In Leven HoudenMensen Die Anderen Aanmoedigen

Daarom zult gij niet meer ijdelheid zien, noch waarzegging gebruiken; maar Ik zal Mijn volk uit uw hand redden, en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben.

VersbegrippenGeen VisioenenGod Redt Van De Vijanden

Mensenkind, deze mannen hebben hun drekgoden in hun hart opgezet, en hebben den aanstoot hunner ongerechtigheid recht voor hun aangezichten gesteld; word Ik dan ernstiglijk van hen gevraagd?

VersbegrippenDe Aard Van Het HartIdoolaanbiddingVooraanGods Werk Verhinderen

Daarom spreek met hen, en zeg tot hen: Alzo zegt de Heere HEERE: Een ieder man uit het huis Israels, die de drekgoden in zijn hart opzet, en den aanstoot zijner ongerechtigheid recht voor zijn aangezicht stelt, en komt tot den profeet, Ik, de HEERE zal hem, als hij komt, antwoorden naar de menigte zijner drekgoden;

VersbegrippenDe Aard Van Het HartGod Zal AntwoordenIdoolaanbiddingGod Tegen AfgoderijVooraanGods Werk Verhinderen

Opdat Ik het huis Israels in hun hart grijpe, dewijl zij allen door hun drekgoden van Mij vervreemd zijn.

VersbegrippenAfwijzing Van GodVervreemdingScheiden Van GodGod Tegen AfgoderijSterk Waanidee

Want ieder man uit het huis Israels, en uit den vreemdeling, die in Israel verkeert, die zich van achter Mij afscheidt, en zet zijn drekgoden op in zijn hart, en stelt den aanstoot zijner ongerechtigheid recht voor zijn aangezicht, en komt tot den profeet, om Mij door hem te vragen; Ik ben de HEERE, hem zal geantwoord worden door Mij;

VersbegrippenVreemdelingenNavraag Doen Bij GodOvertredingScheiden Van GodGod Zal AntwoordenVooraanGods Werk VerhinderenImmigranten

En Ik zal Mijn aangezicht tegen dienzelven man zetten, en zal hem stellen tot een teken en tot spreekwoorden, en zal hem uitroeien uit het midden Mijns volks; en gijlieden zult weten, dat Ik de HEERE ben.

VersbegrippenGezicht Van GodMarkeringen Op MensenGod Tegen

Als nu een profeet overreed zal zijn, en iets gesproken zal hebben, Ik, de HEERE, heb dienzelven profeet overreed, en Ik zal Mijn hand tegen hem uitstrekken, en zal hem verdelgen uit het midden van Mijn volk Israel.

VersbegrippenUitrekkenGods HandMisleidende GodGod TegenGods Uitgestrekte Handen

Opdat het huis Israels niet meer van achter Mij afdwale, en zij zich niet meer verontreinigen met al hun overtredingen; alsdan zullen zij Mij tot een volk zijn, en Ik zal hun tot een God zijn, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenBezoedeling Door ZondeMensen Die AfdwalenMensen Die Zichzelf VerontreinigenIk Zal Hun God ZijnZonde Kleeft Aan De ZondaarHereniging

Mensenkind, als een land tegen Mij gezondigd zal hebben, zwaarlijk overtredende, zo zal Ik Mijn hand daartegen uitstrekken, en zal hetzelve den staf des broods breken, en een honger daarin zenden, dat Ik daaruit mensen en beesten uitroeie;

VersbegrippenOntrouw Tegenover GodUitrekkenGods HandVernietiging Van Alle WezensGods Uitgestrekte HandenZowel Mens Als Dier GedoodOntrouw

Zo Ik het boos gedierte make door het land door te gaan, hetwelk dat van kinderen berove, zodat het woest worde, dat er niemand doorga, vanwege het gedierte;

VersbegrippenHet Land Dat Leeg Wordt

Die drie mannen in het midden deszelven zijnde, zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE, zo zij zonen, en zo zij dochteren bevrijden zouden, zij zelven alleen zouden bevrijd worden, maar het land zou woest worden.

VersbegrippenDrie MannenLijdende KinderenZichzelf Redden

Of als Ik het zwaard brenge over datzelve land, en zegge: Zwaard! ga door, door dat land, zodat Ik daarvan uitroeie mensen en beesten;

VersbegrippenVernietiging Van Alle WezensZowel Mens Als Dier Gedood

Ofschoon die drie mannen in het midden deszelven waren, zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE, zij zouden zonen noch dochteren bevrijden, maar zij zelven alleen zouden bevrijd worden.

VersbegrippenDrie MannenLijdende KinderenZichzelf Redden

Of als Ik de pestilentie in datzelve land zende, en Mijn grimmigheid daarover met bloed uitgiete, om daarvan mensen en beesten uit te roeien;

VersbegrippenPestVernietiging Van Alle WezensBedekt Met BloedZowel Mens Als Dier Gedood

Ofschoon Noach, Daniel en Job in het midden deszelven waren, zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE, zo zij een zoon, of zo zij een dochter zouden bevrijden, zij zouden alleen hun ziel door hun gerechtigheid bevrijden.

VersbegrippenLijdende KinderenZichzelf Redden

Want alzo zegt de Heere HEERE: Hoeveel te meer als Ik mijn vier boze gerichten, het zwaard, en den honger, en het boze gedierte, en de pestilentie gezonden zal hebben tegen Jeruzalem, om daaruit mensen en beesten uit te roeien!

VersbegrippenPlagenPestVernietiging Van Alle WezensHongersnood Komende Van GodVier Andere DingenZowel Mens Als Dier Gedood

Doch ziet, daarin zullen ontkomenen overblijven, die uitgevoerd zullen worden, zonen en dochteren; ziet, zij zullen tot ulieden uitkomen, en gij zult hun weg zien, en hun handelingen; en gij zult vertroost worden over het kwaad, dat Ik over Jeruzalem gebracht zal hebben, ja, al wat Ik zal gebracht hebben over haar.

VersbegrippenRestOverlevenden Van IsraëlGod TroostteGod Zag Ervan Af Hen Kwaad Te Doen

Zo zullen zij u vertroosten, als gij hun weg en hun handelingen zien zult; en gij zult weten, dat Ik niet zonder oorzaak gedaan heb, al wat Ik in haar gedaan heb, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenNutteloze ArbeidMenselijk Comfort

Daarom, alzo zegt de Heere HEERE: Gelijk als het hout des wijnstoks is onder het hout des wouds, hetwelk Ik aan het vuur overgeef, opdat het verteerd worde, alzo zal Ik de inwoners van Jeruzalem overgeven.

VersbegrippenDingen Zoals Mensen

Want Ik zal Mijn aangezicht tegen hen zetten; als zij van het ene vuur uitgaan, zal het andere vuur hen verteren; en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben, als Ik Mijn aangezicht tegen hen gesteld zal hebben.

VersbegrippenGezicht Van GodJeruzalem VerbrandenGod Tegen

En Ik zal het land woest maken, omdat zij zwaarlijk overtreden hebben, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenOntrouw Tegenover GodHet Land Dat Leeg WordtOntrouw

En aangaande uw geboorten: ten dage, als gij geboren waart, werd uw navel niet afgesneden; en gij waart niet met water gewassen, toen Ik u aanschouwde; gij waart ook geenszins met zout gewreven, noch in windselen gewonden.

VersbegrippenDoekEen Baby InbakerenVroedvrouwMedicijnZoutSanitaire Voorzieningen, DesinfectieBaby'sScheiden Van LichaamsdelenPasgeboreneZuurheidDe Geboorte Van JezusNegativiteitKnippen

Als Ik bij u voorbijging, zo zag Ik u, vertreden zijnde in uw bloed, en Ik zeide tot u in uw bloed: Leef; ja, Ik zeide tot u in uw bloed: Leef!

VersbegrippenSmerigheidPasserenVernederingBedekt Met BloedGod Geeft Leven

Ik heb u tot tien duizend, als het gewas des velds, gemaakt; en gij zijt gegroeid, en groot geworden, en zijt gekomen tot grote sierlijkheid; uw borsten zijn vast geworden, en uw haar is gewassen, doch gij waart naakt en bloot.

VersbegrippenBorsten, Figuurlijk GebruiktOpgroeienGrote MensenBloedenUiterlijk Van HaarNaakt GeborenHaarMaturiteitBorstenHet Vrouw Zijn

Ik bekleedde u ook met gestikt werk, en Ik schoeide u met dassenvellen, en omgordde u met fijn linnen, en bedekte u met zijde.

VersbegrippenBlote VoetenBedektDassenDoekBorduurwerkLinnenSandalenSchoenenDierenhuidenGod Kleedt MensenDe Jurk Van De BruidKoningshuis

Ook versierde Ik u met sieraad, en deed armringen aan uw handen, en een keten aan uw hals.

VersbegrippenNekArmbandenOrnamentenJuwelenJuwelen

Desgelijks deed Ik een voorhoofdsiersel aan uw aangezicht, en oorringen aan uw oren, en een kroon der heerlijkheid op uw hoofd.

VersbegrippenOorringenNeuzenOrnamentenRingenJuwelenJuwelenKronenOpmaak

Daartoe ging van u een naam uit onder de heidenen om uw schoonheid; want die was volmaakt door Mijn heerlijkheid, die Ik op u gelegd had, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenRoemSpirituele SchoonheidMensen Perfect GemaaktGod Geeft GlorieDe Schoonheid Van VrouwenSchoonheid Van De Natuur

Daartoe hebt gij genomen de vaten uws sieraads van Mijn goud en van Mijn zilver, dat Ik u gegeven had, en gij hebt u mansbeelden gemaakt, en gij hebt met dezelve gehoereerd.

VersbegrippenFraudeVerbrekers Van VerbondGoudSchatJuwelenSchoonheid Van DingenJuwelen

En Mijn brood, hetwelk Ik u gaf, meelbloem en olie, en honig, waarmede Ik u spijsde, dat hebt gij ook voor hun aangezichten gesteld tot een liefelijken reuk; zo is het geschied, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenVoedselOlie Op Offers

Ziet, daarom strekte Ik Mijn hand over u uit, en verminderde uw bescheiden deel; en Ik gaf u over in den lust dergenen, die u haten, der dochteren der Filistijnen, die vanwege uw schandelijken weg beschaamd waren.

VersbegrippenOntuchtUitrekkenKwade VerlangensMensen Die Gehaat WordenSchaamte Over Slecht GedragZe Bedreven ImmoraliteitGod Zal Nederlaag VeroorzakenHebzuchtGedrag

Daarom, zie, Ik zal al uw boelen vergaderen, met dewelke gij vermengd zijt geweest, en allen, die gij liefgehad hebt, met allen, die gij gehaat hebt; en Ik zal hen van rondom vergaderen tegen u, en Ik zal voor hen uw naaktheid ontdekken, dat zij uw ganse naaktheid zien zullen.

VersbegrippenAanklachtenMet Kwade Bedoelingen Naar Mensen KijkenSamenkomst Van VriendenMensen Die Gehaat WordenGeliefden

Daartoe zal Ik u naar de rechten der overspeelsters en der bloedvergietsters richten; en Ik zal u overgeven aan het bloed der grimmigheid en des ijvers.

VersbegrippenIjver Van GodAfwerpenBedekt Met BloedMensen Die Betrokken Zijn Bij Het OordeelOordeel Over MoordenaarsGod Kwaad Op IndividuenSexuele Immoraliteit Leidt Tot Straf

En Ik zal u in hun hand overgeven, en zij zullen uw verwelfsel afbreken, en uw hoge plaatsen omwerpen, en uw klederen u uittrekken, en uw sierlijke juwelen nemen, en u naakt en bloot laten.

VersbegrippenNaaktheidVernietiging Van Satans WerkMensen Strippen MensenDoor Iemand Bij De Hand Genomen WordenJuwelen

Zij zullen ook uw huizen met vuur verbranden, en oordelen tegen u uitvoeren voor veler vrouwen ogen; en Ik zal u doen ophouden van een hoer te zijn, en gij zult ook niet meer hoerenloon geven.

VersbegrippenBeëindigingHet Kwaad StoppenJeruzalem VerbrandenSituaties Zien

Zo zal Ik Mijn grimmigheid op u doen rusten, en Mijn ijver zal van u afwijken; en Ik zal stil zijn, en niet meer toornig wezen.

VersbegrippenIjver Van GodAfnemende WoedeGod Zal Niet Meer Kwaad Zijn

Daarom dat gij niet gedacht hebt aan de dagen uwer jonkheid, en Mij tot beroering geweest zijt met dit alles, zie, zo zal Ik ook uw weg op uw hoofd geven, spreekt de Heere HEERE; en gij zult die schandelijke daad niet doen boven al uw gruwelen.

VersbegrippenOntuchtHuwelijk Tussen God En Zijn MensenJeugdige ToewijdingGod Zal Het EisenZe Bedreven Immoraliteit

Zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE, indien Sodom, uw zuster, zij met haar dochteren, gedaan heeft, gelijk gij gedaan hebt en uw dochteren!

VersbegrippenHet Kwaad Niet Imiteren

Public domain