1741 gebeurtenissen

'Koning' in de Bijbel

Pilatus dan zeide tot Hem: Zijt Gij dan een Koning? Jezus antwoordde: Gij zegt, dat Ik een Koning ben. Hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben Ik in de wereld gekomen, opdat Ik der waarheid getuigenis geven zou. Een iegelijk, die uit de waarheid is, hoort Mijn stem.

VersbegrippenMissie Van Jezus ChristusHet Belang Van GetuigenDe Koning Jezus ChristusDe Getuige Van ChristusInstemmingDe Waarheid OpvoerenWie Is Jezus?Waarom Het GebeurdeGods Woord Is WaarDe Waarheid Vertellen

Doch gij hebt een gewoonte, dat ik u op het pascha een loslate. Wilt gij dan, dat ik u den Koning der Joden loslate?

VersbegrippenGewoonteChristus Is Koning Van IsraëlMensen Die Anderen Vrijlaten

Van toen af zocht Pilatus Hem los te laten; maar de Joden riepen, zeggende: Indien gij Dezen loslaat, zo zijt gij des keizers vriend niet; een iegelijk, die zichzelven koning maakt, wederspreekt den keizer.

VersbegrippenCaesarBeweringenMensen TegenFalende VriendschapMensen Die Bevrijd Worden Door MensenMensen Die Anderen Vrijlaten

En het was de voorbereiding van het pascha, en omtrent de zesde ure; en hij zeide tot de Joden: Ziet, uw Koning!

VersbegrippenEten Bereiden

Maar zij riepen: Neem weg, neem weg, kruis Hem! Pilatus zeide tot hen: Zal ik uw Koning kruisigen? De overpriesters antwoordden: Wij hebben geen koning, dan den keizer.

VersbegrippenHogepriestersWoorden DuplicerenChristus VerdrijvenChristus Zou Worden Vermoord

En Pilatus schreef ook een opschrift, en zette dat op het kruis; en er was geschreven: JEZUS De NAZARENER De KONING DER JODEN.

VersbegrippenKruisiging Van ChristusSarcasmeMessiaanse Titels, Koning Van De JodenOpschriftenChristus Is Koning Van IsraëlHet Kruis

De overpriesters dan der Joden zeiden tot Pilatus: Schrijf niet: De Koning der Joden; maar, dat Hij gezegd heeft: Ik ben de Koning der Joden.

VersbegrippenOp Voorwerpen SchrijvenNoemde Zichzelf De ChristusChristus Is Koning Van IsraëlDe Hogepriesters Die Christus Veroordelen

En verloste hem uit al zijn verdrukkingen, en gaf hem genade en wijsheid voor Farao, den koning van Egypteland; en hij stelde hem tot een overste over Egypte, en zijn gehele huis.

VersbegrippenTalenten GevenOnderscheidingsvermogen Van BestuurdersReddingHeersersMenselijk Belang Van WijsheidGod Geeft WijsheidKwellingen

Totdat een ander koning opstond, die Jozef niet gekend had.

VersbegrippenGeen Mensenkennis Hebben

En omtrent denzelfden tijd sloeg de koning Herodes de handen aan sommigen van de Gemeente, om die kwalijk te handelen.

VersbegrippenVormen Van VervolgingHandoplegging Voor Het KwaadLastig Vallen

En van toen aan begeerden zij een koning; en God gaf hun Saul, den zoon van Kis, een man uit den stam van Benjamin, veertig jaren.

VersbegrippenVeertig JaarNummer Veertig40 Tot 50 jaar

En dezen afgezet hebbende, verwekte Hij hun David tot een koning; denwelken Hij ook getuigenis gaf, en zeide: Ik heb gevonden David, den zoon van Jesse; een man naar Mijn hart, die al Mijn wil zal doen.

VersbegrippenDe Menselijke Beschrijvingen Van GodGoddelijk HartSpiritualiteitDe Getuige Van GodGods Wil UitvoerenAfzettenSaul En DavidGods Hart Weerspiegelen

Welke Jason in zijn huis genomen heeft; en alle dezen doen tegen de geboden des keizers, zeggende, dat er een andere Koning is, namelijk Jezus.

VersbegrippenUitdagingGoddelijk KoningschapVerraadVoorbeelden Van Valse BeschuldigingenGelovingen VerwelkomenAndere PersonenActeren

En als enige dagen voorbijgegaan waren, kwamen de koning Agrippa en Bernice te Cesarea, om Festus te begroeten.

VersbegrippenGesproken Groet

En toen zij aldaar vele dagen doorgebracht hadden, heeft Festus de zaken van Paulus aan den koning verhaald, zeggende: Hier is een zeker man van Felix gevangen gelaten;

En Festus zeide: Koning Agrippa, en gij mannen allen, die met ons hier tegenwoordig zijt, gij ziet dezen, van welken mij de ganse menigte der Joden heeft aangesproken, beide te Jeruzalem en hier, roepende, dat hij niet meer behoort te leven.

VersbegrippenDood Als StrafIsraël Verhardde

Van welken ik niets zekers heb aan den heer te schrijven; daarom heb ik hem voor ulieden voorgebracht, en meest voor u, koning Agrippa, opdat ik, na gedane onderzoeking, wat heb te schrijven.

VersbegrippenOnderzoekenNiet Schrijven

Ik acht mijzelven gelukkig, o koning Agrippa, dat ik mij heden voor u zal verantwoorden van alles, waarover ik van de Joden beschuldigd word;

VersbegrippenVreugde In VoorspoedMan Die VerdedigtJezelf Veranderen

Tot dewelke onze twaalf geslachten, geduriglijk nacht en dag God dienende, verhopen te komen; over welke hoop ik, o koning Agrippa, van de Joden word beschuldigd.

VersbegrippenDag En Nacht AanbiddenGretigheidNachtHet Belang Van VertrouwenMessiaanse HoopTwaalf StammenIsraël VerharddeMensen Die Mensen Beschuldigen

Zag ik, o koning, in het midden van den dag, op den weg een licht, boven den glans der zon, van den hemel mij en degenen, die met mij reisden, omschijnende.

VersbegrippenNatuurlijk LichtMiddagDe ZonLicht In De Wereld

Want de koning weet van deze dingen, tot welken ik ook vrijmoedigheid gebruikende spreek; want ik geloof niet, dat hem iets van deze dingen verborgen is; want dit is in geen hoek geschied.

VersbegrippenGeheimhoudingVermijden Van GeheimenMensen Met Algemene KennisDurf

En als hij dit gezegd had, stond de koning op, en de stadhouder, en Bernice, en die met hen gezeten waren;

VersbegrippenMensen Die Opstaan

De stadhouder van den koning Aretas in Damaskus, bezette de stad der Damaskenen, willende mij vangen;

VersbegrippenBestuurdersDamascus

Want deze Melchizedek was koning van Salem, een priester des Allerhoogsten Gods, die Abraham tegemoet ging, als hij wederkeerde van het slaan der koningen, en hem zegende;

VersbegrippenAbraham, Aard VanNederlaagMelchizedekMensen OntmoetenKoningen DodenMensen Die Anderen Zegenen

Aan welken ook Abraham van alles de tienden deelde; die vooreerst overgezet wordt, koning der gerechtigheid, en daarna ook was een koning van Salem, hetwelk is een koning des vredes;

VersbegrippenAbraham, Aard VanTalen VertolkenChristus Onze RechtschapeneTiende Voor MensenMannen Van VredeTienden En Offers

Zeggende: Wij danken U, Heere God almachtig, Die is, en Die was, en Die komen zal, dat Gij Uw grote kracht hebt aangenomen, en als Koning hebt geheerst;

VersbegrippenDe Kracht Van GodGod, De EeuwigeThanksgivingAangeboden DankbaarheidDe AlmachtigeHet Bestaan Van GodGod Toonde Zijn KrachtWe Danken GodBedanktDankbaar Zijn

En zij zongen het gezang van Mozes, den dienstknecht Gods, en het gezang des Lams, zeggende: Groot en wonderlijk zijn Uw werken, Heere, Gij almachtige God, rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Gij Koning der heiligen!

VersbegrippenDe Gerechtigheid Van GodDe Soevereiniteit Van GodKoningenGoddelijk KoningschapDe Betekenis Van MozesDienstbaarheid In Het Leven Van GelovigenLiederenNamen En Titels Voor ChristusDe AlmachtigeGod Die Heerst Voor AltijdComponistenGod Doet Het JuisteJuist DoenSlaven Van GodWat Doet God?

En het beest, dat was en niet is, die is ook de achtste koning, en is uit de zeven en gaat ten verderve.

VersbegrippenOndergangDingen Die VerdwijnenZeven MensenAcht DingenVernietiging Van Satans WerkKosmische Wezens

Zoekresultaten op Versies

Zoekresultaten op Boek

Alle Boeken

Public domain