591 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Meer' in de Bijbel

In uw onreinigheid is schandelijkheid, omdat Ik u gereinigd heb, en gij niet gereinigd zijt, zo zult gij van uw onreinigheid niet meer gereinigd worden, totdat Ik Mijn grimmigheid op u zal hebben doen rusten.

VersbegrippenOntuchtMorele En Spirituele ZuiverheidKwellingen Van De GoddelozenZuiverenMensen Die Onrein Zijn

Ten zelven dage zal uw mond bij dien, die ontkomen is, opengedaan worden, en gij zult spreken, en niet meer stom zijn; alzo zult gij hun tot een wonderteken zijn, en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.

VersbegrippenMensen Als TekenenSprakeloosheidStom

Voor die van het oosten, met het land der kinderen Ammons, hetwelk Ik ter bezitting zal overgeven; opdat der kinderen Ammons onder de heidenen niet meer gedacht worde.

VersbegrippenMensen Vergeten

Zo zal Ik het gedeun uwer liederen doen ophouden, en het geklank uwer harpen zal niet meer gehoord worden.

VersbegrippenLawaaiHarpenSoorten MuziekinstrumentenBeëindigingHet Vieren StoppenStilteGeen MuziekCultuurInstrumenten

Ja, Ik zal u maken tot een gladde steenrots; gij zult zijn tot uitspreiding der netten, gij zult niet meer gebouwd worden; want Ik, de HEERE, heb het gesproken, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenVerspreidenNooitLege StedenDingen Die Gestript WordenVissen

Maar u zal Ik tot een groten schrik stellen, en gij zult er niet meer zijn; als gij gezocht wordt, zo zult gij niet meer gevonden worden in eeuwigheid, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenEindeMensen Die OverlijdenNooitNiet VindenTerrorisme

De handelaars onder de volken fluiten u aan; gij zijt een grote schrik geworden, en zult er niet meer zijn tot in eeuwigheid.

VersbegrippenMensen Die OverlijdenSissend

Allen, die u kennen onder de volken, zijn over u ontzet; gij zijt een grote schrik geworden, en zult er niet meer zijn tot in eeuwigheid.

VersbegrippenMensen KennenIndividuen Die OverlijdenMensen Die Versteld Staan

En het huis Israels zal geen smartenden doorn noch wee doende distel meer hebben, van allen, die rondom hen zijn, die henlieden beroven; en zij zullen weten, dat Ik de Heere HEERE ben.

VersbegrippenPijpDoornen

En het zal nederiger zijn dan de andere koninkrijken, en zich niet meer verheffen boven de heidenen; want Ik zal hen verminderen, dat zij niet zullen heersen over de heidenen.

VersbegrippenMinderwaardigheid

En het zal den huize Israels niet meer zijn tot een vertrouwen, dat der ongerechtigheid doet gedenken, wanneer zij naar henlieden omzien; maar zij zullen weten, dat Ik de Heere HEERE ben.

VersbegrippenOptimismeHerinneringenAndere Mensen VertrouwenGods Volk ZondigdeGod Niet Zoeken

Zo zegt de Heere HEERE: Ik zal ook de drekgoden verdoen, en de nietige afgoden doen ophouden uit Nof; en er zal geen vorst meer zijn uit Egypteland; en Ik zal een vreze in Egypteland stellen.

VersbegrippenVernietiging Van Satans WerkAngst Zal KomenVerlaten Van AfgodenGeen Koning

En Ik zal haar beesten verdoen van bij de grote wateren; en geen mensenvoet zal ze meer beroeren, en geen beestenklauwen zullen ze beroeren.

VersbegrippenZowel Mens Als Dier Getroffen

Nu was de hand des HEEREN op mij geweest des avonds, eer die ontkomene kwam, en had mijn mond opengedaan, totdat hij des morgens tot mij kwam. Alzo werd mijn mond opengedaan, en ik was niet meer stom.

VersbegrippenHand Van GodGods HandSprakeloosheidGods Handen Op MensenStom

Alzo zegt de Heere HEERE: Ziet, Ik wil aan de herders, en zal Mijn schapen van hun hand eisen, en zal ze van het weiden der schapen doen ophouden, zodat de herders zichzelven niet meer zullen weiden; en Ik zal Mijn schapen uit hun mond rukken, zodat zij hun niet meer tot spijze zullen zijn.

VersbegrippenChristus En Zijn SchapenBeëindigingGod Redt De BehoeftigenAndere Mensen Nemen

Daarom zal Ik Mijn schapen verlossen, dat zij niet meer tot een roof zullen zijn; en Ik zal richten tussen klein vee en klein vee.

VersbegrippenGod Redt De Behoeftigen

En zij zullen den heidenen niet meer ten roof zijn, en het wild gedierte der aarde zal ze niet meer vreten; maar zij zullen zeker wonen, en er zal niemand zijn, die ze verschrikke.

VersbegrippenMensenetende DierenVrij Van AngstGod Zal Veilig Houden

En Ik zal hun een plant van naam verwekken; en zij zullen niet meer weggeraapt worden door honger in het land, en den smaad der heidenen niet meer dragen.

VersbegrippenSlecht AdviesGeen Hongersnood MeerLandbouw

En Ik zal mensen op u doen wandelen, namelijk Mijn volk Israel, die zullen u erfelijk bezitten, en gij zult hun ter erfenis zijn, en gij zult ze voortaan niet meer beroven.

VersbegrippenBewoningVerliesMensen Die Andere Dingen Bezitten

Daarom zult gij niet meer mensen opeten, en uw volken niet meer doen struikelen, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenVerliesNiet Vernietigd

En Ik zal maken, dat men den schimp der heidenen niet meer over u hore, en gij zult den smaad der natien niet meer dragen; en gij zult uw volken niet meer doen struikelen, spreekt de Heere HEERE.

VersbegrippenHinder NietAndere Mensen BeledigenPlezierThuiskomen

En Ik zal de vrucht van het geboomte en de inkomst des velds vermenigvuldigen; opdat gij de smaadheid des hongers niet meer ontvangt onder de heidenen.

VersbegrippenGewassenStijgend FruitGeen Hongersnood MeerSchaamte EliminerenWedergeboorte Van IsraëlDe Vallei Van Droge Botten

En Ik zal ze maken tot een enig volk in het land, op de bergen Israels; en zij zullen allen te zamen een enigen Koning tot koning hebben; en zij zullen niet meer tot twee volken zijn, noch voortaan meer in twee koninkrijken verdeeld zijn.

VersbegrippenVerenigde MensenTwee GroepenEnkel 1 Persoon

En zij zullen zich niet meer verontreinigen met hun drekgoden, en met hun verfoeiselen, en met al hun overtredingen; en Ik zal ze verlossen uit al hun woonplaatsen, in dewelke zij gezondigd hebben, en zal ze reinigen; zo zullen zij Mij tot een volk zijn, en Ik zal hun tot een God zijn.

VersbegrippenOvertredingGereinigd Van Zonde WordenVermijden AfgoderijIk Zal Hun God Zijn

En Ik zal Mijn heiligen Naam in het midden van Mijn volk Israel bekend maken, en zal Mijn heiligen Naam niet meer laten ontheiligen; en de heidenen zullen weten, dat Ik de HEERE ben, de Heilige in Israel.

VersbegrippenIjver Van GodHet Doel Van HeiligheidMissie Van IsraëlGodslasteringHeiliging, Aard En BasisGods Naam VerkondigenGods Onthulde Dingen

Dan zullen zij weten, dat Ik, de HEERE, hunlieder God ben, dewijl Ik ze gevankelijk heb doen wegvoeren onder de heidenen, maar heb ze weder verzameld in hun land, en heb aldaar niemand van hen meer overgelaten.

VersbegrippenSamenkomen IsraëlGod Die Niet VerzaaktMensen VerbannenEzechiël InvasieWedergeboorte Van IsraëlLand Permanent Hersteld Naar Israël

En Hij zeide tot mij: Mensenkind! dit is de plaats Mijns troons, en de plaats der zolen Mijner voeten, alwaar Ik wonen zal in het midden der kinderen Israels, in eeuwigheid; en die van het huis Israels zullen Mijn heiligen Naam niet meer verontreinigen, zij noch hun koningen, met hun hoererij en met de dode lichamen hunner koningen, op hun hoogten;

VersbegrippenDe Menselijke Beschrijvingen Van GodKarkas, Figuurlijk GebruikHoge PlaatsenNamen En Titels Voor De KerkGod Leeft Met OnsGods Naam Ijdel GebruikenSpirituele HoererijZorg Voor VoetenRegels Over Lijken

Dit land aangaande, het zal hem tot een bezitting zijn in Israel; en Mijn vorsten zullen Mijn volk niet meer verdrukken, maar den huize Israels het land laten, naar hun stammen.

VersbegrippenVolgens Mensen

Toen werd Nebukadnezar vol grimmigheid, en de gedaante zijns aangezichts veranderde tegen Sadrach, Mesach en Abed-nego; hij antwoordde en zeide, dat men den oven zevenmaal meer heet zou maken dan men dien pleegt heet te maken.

VersbegrippenTemperenZevenvoudigGezichtsuitdrukkingenHete ZakenWoedende MensenVerandering

Zijn hart worde veranderd, dat het geens mensen hart meer zij, en hem worde eens beesten hart gegeven, en laat zeven tijden over hem voorbijgaan.

VersbegrippenDe Menselijke GeestVeranderd HartZeven JaarVeranderingMannen Gelijk Aan DierenBoze HartenHet BreinVeranderende Seizoenen

En nu, ik zal u de waarheid te kennen geven; ziet, er zullen nog drie koningen in Perzie staan, en de vierde zal verrijkt worden met grote rijkdom, meer dan al de anderen; en nadat hij zich in zijn rijkdom zal versterkt hebben, zal hij ze allen verwekken tegen het koninkrijk van Griekenland.

VersbegrippenAffirmatiesDrie MannenBreuken, Een VierdeVierdeSterke IndividuenDe Rijken Die Het BepalenRijke Mensen

En zij ontving wederom, en baarde een dochter; en Hij zeide tot hem: Noem haar naam Lo-Ruchama; want Ik zal Mij voortaan niet meer ontfermen over het huis Israels, maar Ik zal ze zekerlijk wegvoeren.

VersbegrippenOnvergeeflijkheidGod Noemt MensenGod Die Niet VergeeftGod Zonder Genade

En het zal te dien dage geschieden, spreekt de HEERE, dat gij Mij noemen zult: Mijn Man; en Mij niet meer noemen zult: Mijn Baal!

VersbegrippenDeurenResultaten Van HoopHuwelijk Tussen God En Zijn MensenHerstelde VreugdeJeugdige ToewijdingGod BeantwoordenKarmaHoop KjvWanhoopTeruggeven

Al hun boosheid is te Gilgal, want daar heb Ik ze gehaat, om de boosheid van hun handelingen; Ik zal ze uit Mijn huis uitdrijven, Ik zal ze voortaan niet meer liefhebben; al hun vorsten zijn afvalligen.

VersbegrippenHaatGod Die Mensen HaatLiefdeloosIndringers In De Tempel

Assur zal ons niet behouden, wij zullen niet rijden op paarden, en tot het werk onzer handen niet meer zeggen: Gij zijt onze God. Immers zal een wees bij U ontfermd worden.

VersbegrippenGods VrijgevigheidZonde, Bevrijding Van GodGod GeneestGod Zal Niet Meer Kwaad ZijnAfvalligheidGod Die Het Land GeneestDe Helende Liefde Van GodHeling En ComfortAfvalligheid

Efraim! wat heb Ik meer met de afgoden te doen? Ik heb hem verhoord, en zal op hem zien; Ik zal hem zijn als een groenende denneboom; uw vrucht is uit Mij gevonden. [ (Hosea 14:10) Wie is wijs? die versta deze dingen; wie is verstandig? die bekenne ze; want des HEEREN wegen zijn recht, en de rechtvaardigen zullen daarin wandelen, maar de overtreders zullen daarin vallen. ]

VersbegrippenDe Aard Van OnderscheidingsvermogenOrthodoxie, In OTRechtvaardigheid Van GelovigenStruikelenMenselijk Belang Van WijsheidDe Aard Van Menselijke WijsheidOndergangKennis WaarderenOnderscheidingsvermogen

Een dag van duisternis en donkerheid, een dag van wolken en dikke duisterheid, als de dageraad uitgespreid over de bergen; een groot en machtig volk, desgelijks van ouds niet geweest is, en na hetzelve niet meer zal zijn tot in jaren van vele geslachten.

VersbegrippenZwartGrootsheidDuistere DagenUnieke GebeurtenissenGrote Legers

En de HEERE zal antwoorden en tot Zijn volk zeggen: Ziet, Ik zend ulieden het koren, en den most, en de olie, dat gij daarvan verzadigd zult worden; en Ik zal u niet meer overgeven tot een smaadheid onder de heidenen.

VersbegrippenTevredenheidWijn In OvervloedProvisie Van OlieOvervloed Door GodGod Voedt De Aarde

En gij zult weten, dat Ik in het midden van Israel ben, en dat Ik de HEERE, uw God, ben, en niemand meer; en Mijn volk zal niet beschaamd worden in eeuwigheid.

VersbegrippenGod, De HeerNiemand Anders Is GodGod Is Onder JullieIk Zal Hun God ZijnWeten Over Gods Koninkrijk

En gijlieden zult weten, dat Ik de HEERE, uw God ben, wonende op Sion, den berg Mijner heiligheid; en Jeruzalem zal een heiligheid zijn, en vreemden zullen niet meer door haar doorgaan.

VersbegrippenVreemdelingenBergenHeiligheid, Afzonderlijk Voor GodDoormakenZion Als Een SymboolVreemdelingen In Heilige PlaatsenIk Zal Hun God ZijnZuiverheid Van Een Nieuwe ScheppingGod Leeft In Jeruzalem

En de naaste vriend zal een iegelijk van die opnemen, of die hem verbrandt, om de beenderen uit het huis uit te brengen, en zal zeggen tot dien, die binnen de zijden van het huis is: Zijn er nog meer bij u? En hij zal zeggen: Niemand. Dan zal hij zeggen: Zwijg! want zij waren niet om des HEEREN Naam te vermelden.

VersbegrippenDe DodenBeschaamd ZijnAlleen HandelenVoorbereiding Voor BegrafenisGods Naam VerkondigenIngehouden BetoogFamilieleden Zijn Ook Betrokken

En de HEERE zeide tot mij: Wat ziet gij, Amos? En ik zeide: Een paslood. Toen zeide de HEERE: Zie, Ik zal het paslood stellen in het midden van Mijn volk Israel; Ik zal het voortaan niet meer voorbijgaan.

VersbegrippenKijken En ZienNiet Spaarzaam Zijn

Maar te Beth-El zult gij voortaan niet meer profeteren; want dat is des konings heiligdom, en dat is het huis des koninkrijks.

VersbegrippenVerzwegen Voorspelling

En Hij zeide: Wat ziet gij Amos? En ik zeide: Een korf met zomervruchten. Toen zeide de HEERE tot mij: Het einde is gekomen over Mijn volk Israel; Ik zal het voortaan niet meer voorbijgaan.

VersbegrippenZomerMensen EindigdenKijken En ZienNiet Spaarzaam ZijnZomerfruit

En Ik zal ze in hun land planten; en zij zullen niet meer worden uitgerukt uit hun land, dat Ik hunlieden gegeven heb, zegt de HEERE, uw God.

VersbegrippenNooitUitpikkenGod Gaf Het LandGods Volk PlantteIsraëlLand

En Ik zou die grote stad Nineve niet verschonen? waarin veel meer dan honderd en twintig duizend mensen zijn, die geen onderscheid weten tussen hun rechterhand, en hun linkerhand; daartoe veel vee?

VersbegrippenGods Eis Tot BekeringStadGebrek Aan OnderscheidingsvermogenOnvolwassenheidHet DierenrijkWereldsheidZorg Voor DierenGods Zorg Over DierenHonderdduizend En MeerGod Zal Genade TonenOnwetendheid Van FeitenEmpathieJona

En Hij zal onder grote volken richten, en machtige heidenen straffen, tot verre toe; en zij zullen hun zwaarden slaan tot spaden, en hun spiesen tot sikkelen; het ene volk zal tegen het andere volk geen zwaard opheffen, en zij zullen den krijg niet meer leren.

VersbegrippenGod Als RechterSnoeienOntwapeningSperenGereedschapAard Van OorlogWapensTegenstrijdigheidTakken SnoeienDe Aarde BewerkenVruchteloos LerenVer Van HierGod Schept VredeGod Redt Van Zonde En Dood

En Ik zal uw gesneden beelden en uw opgerichte beelden uit het midden van u uitroeien, dat gij u niet meer zult nederbuigen voor het werk uwer handen.

VersbegrippenTovenarij En MagieWaarzeggerijOccultismeTovenarijMagieHeksen

Alzo zegt de HEERE: Zijn zij voorspoedig, en alzo velen, alzo zullen zij ook geschoren worden, en hij zal doorgaan; Ik heb u wel gedrukt, maar Ik zal u niet meer drukken.

VersbegrippenAlliantiesVijanden Van Israël En JudaMensen Die OverlijdenVeel VijandenHoe Dood Onontkoombaar IsSterke MensenGod Zag Ervan Af Hen Kwaad Te Doen

Doch tegen u heeft de HEERE bevolen, dat er van uw naam niemand meer gezaaid zal worden; uit het huis uws gods zal Ik uitroeien de gesneden en gegoten beelden; Ik zal u daar een graf maken, als gij zult veracht zijn geworden.

VersbegrippenDe DodenValse ReligieBallingschap In AssyriëHeidense TempelsVernietiging Van Satans WerkUitgeveegde NamenVerlaten Van Afgoden

Ziet op de bergen de voeten desgenen, die het goede boodschapt, die vrede doet horen; vier uw vierdagen, o Juda! betaal uw geloften; want de Belials- man zal voortaan niet meer door u doorgaan, hij is gans uitgeroeid.

VersbegrippenVoetenIdentiteit Van EvangelisatieAard Van EvangelisatieBeschrijvingen Van Het EvangelieVoorbodeGoed NieuwsNooitHoe Dood Onontkoombaar IsBeloftes MakenVoeten In ActieZegeningen Van De BergenGod Beoordeelt Het KwaadGeobserveerde FestivalsViering

Ziet, Ik wil aan u, spreekt de HEERE der heirscharen, en Ik zal haar wagenen in rook verbranden, en het zwaard zal uw jonge leeuwen verteren, en Ik zal uw roof uitroeien van de aarde, en de stem uwer gezanten zal niet meer gehoord worden.

VersbegrippenStrijdwagensRookBeëindigingVernietigen Van StrijdwagensWilde Dieren DodenVerlossing Van De Leeuwen

Gij hebt meer handelaars, dan er sterren aan den hemel zijn; de kevers zullen invallen, en er van vliegen.

VersbegrippenHandelHandelDingen Die Gestript WordenVermenigvuldigende MensenZij Die Vliegen

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenVals VertrouwenVoorbeelden Van TrotsDe Aard Van SpotBestaan Van ArrogantieVernedering, Voorbeelden VanSissendUnieke NatiesWoningen Van WezensAndere Woonplaatsen Van Wezens

Te dien dage zult gij niet beschaamd wezen vanwege al uw handelingen, waarmede gij tegen Mij overtreden hebt; want alsdan zal Ik uit het midden van u wegnemen, die van vreugde opspringen over uw hovaardij, en gij zult u voortaan niet meer verheffen om Mijns heiligen bergs wil.

VersbegrippenMilleniumGevolgen Van TrotsDe Aard Van ZelfgerechtigheidDe Gevolgen Van KoppigheidOorsprong Van TrotsHooghartigheidDe Trotsen Zullen Vernederd Worden

De HEERE heeft uw oordelen weggenomen, Hij heeft uw vijand weggevaagd; de Koning Israels, de HEERE, is in het midden van u, gij zult geen kwaad meer zien.

VersbegrippenGod Is Onder JullieGeen VeroordelingVijanden OverwinnenAngst Verdrijven

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenBestuurdersMaandGraadMaand 6Genoemde Profeten Van De HeerHomohuwelijk

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenZelfgenoegzaamheidLauwheidTijdloosheidDe Tweede TempelNiet De TijdWederopbouw

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenEigendom, HuizenZelfingenomenTijdloosheidVernietiging Van De TempelHuizen BouwenJuiste Tijd Voor De MensenNiet De TijdWederopbouw

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenWegen Van De MensGedachtJuist Denken

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenTassenPortemonneesHerfstZaaien En OogstenSchatSalarissenGebruik Van AlcoholVeel VerzamelenWeinig VoedselGatenZichzelf KledenKoud WeerGeen VoedselGeldboxGeldmiddelenGeld SparenZaaien

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenWegen Van De MensGod BehagenJuist Denken

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenDe Vreugde Van GodBouwenDe Tweede TempelIn De Bergen TrekkenWederopbouw

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenOorzaken Van ArmoedeWinstOnbetrouwbaarheidVeel VerzamelenWeinig VoedselVernietiging Van De TempelGods WoningHuizen BouwenKatastrofische GebeurtenissenLandbouwGeldmiddelenFamilie Problemen

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenDauwGebrek Aan Regen

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenDroogte, FysiekOlieTekort Aan WijnProvisie Van OlieZowel Mens Als Dier GetroffenZijn/Haar Werk Doen

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenVerbintenis Tot GodIndividuen Die God VrezenGenoemde Profeten Van De HeerHomohuwelijk

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenGod, De HeerHet HedenGod Met Jouhomosexuelen

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenEnthousiasmeBeginPersoonlijke HeroplevingHet Emotionele Aspect Van GeestDe Tweede Tempel

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenMaand 6

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenHerfstMaand 7Genoemde Profeten Van De Heer

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenBestuurders

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenHerinneringenOverlevenden Van IsraëlOnbelangrijke MensenDe Eerste Tempel

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenImmanuelSpirituele VitaliteitSpirituele KrachtGod Met JouKracht Van MensenGods Werk DoenWees Moedig!Wees Sterk!Moed

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenHandelingen Van Vrijheid In OTGods BeloftesGeschenk Van De Heilige GeestDe Geest Van GodBeloftes Van De Heilige GeestEgypte VerlatenGod Is Onder JullieWees Niet Bang Want God Zal Helpen

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenEen Korte TijdGod SchudtHet Verwoeste UniversumKorte Tijd Tot Het EindeKatastrofische GebeurtenissenAardeNaar De Hemel GaanDe ZeeBeweging

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenHeerlijkheid, Openbaring VanGods Glorie In IsraëlVoorspellingen Over ChristusNamen En Titels Voor ChristusDe Namen Voor ChristusMessiaanse ProfetieënHet Heiligdom VullenGod SchudtGod Redt Van Zonde En DoodStaat Van De TempelRijke MensenWolk Van Glorie

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenGods Eigendom Over AllesRespect Voor De OmgevingDe Aard Van RijkdomVerantwoordelijkheid Voor De Natuurlijke WereldOnbepaalde Sommen GeldAlles Behoort Tot GodMillionaire MentaliteitDe Eerste TempelBehoren

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenGoddelijke Vrede In OTVoorspelling, Methodes In OTHerstelDe Glorie Van Gods ShekinaHet Toekomstige TijdperkGeschiedenis Van NatiesTijd Van VredeDe Eerste TempelHeerlijkheid Van De KerkDe ToekomstHet VerledenNaar Een Nieuwe Plek GaanVerleden

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenVoorspelling, Inspiratie In OTMaand 8Genoemde Profeten Van De HeerMaandenHomosexueel Zijn

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenWoord Van GodVragen

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenBoord Van KledijHeilige Dingen AanrakenAfwijkend

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenMensen BeantwoordenHomosexueel Zijn

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenOnreine Dingen

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenLauwheidJuist Denken

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenTekort Aan WijnAndere Inhoudsmaten

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenMeeldauwWees GegroetKastijdingMeeldauwKwellingen Van De GoddelozenBomenNiet Terugkeren Naar GodVerval Van De NatuurSchimmel

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenFunderingenMaandVerjaardagenMaand 8Funderingen Van GebouwenJuist Denken

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenFruitVijgenboomOlijvenOnvruchtbaarheidWijnstokkenGods Actie MorgenGranaatappelsOogstenVruchten DragenGod Zal Zegenen

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenMaand 8Opnieuw Praten

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenGod SchudtHet Verwoeste Universum

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenStrijdwagensAchterkantKoninkrijkenOnbetrouwbaarheidOp Paarden RijdenVernietigen Van StrijdwagensAfzettenElkaar Doden

Dit is die stad, die opspringt van vreugde, die zeker woont, die in haar hart zegt: Ik ben het, en buiten mij is geen meer; hoe is zij geworden tot woestheid, een rustplaats van het gedierte! Een ieder, die daardoor trekt, zal ze aanfluiten, hij zal zijn hand bewegen.

VersbegrippenDag Van De HEERGekozen InstrumentenDe Aard Van BedieningRingenZegelsDienaren Van De HeerSymbolen

En Ik zal Mij rondom Mijn huis legeren, vanwege het heirleger, vanwege den doorgaande, en vanwege den wederkerende, opdat de drijver niet meer door hen doorga; want nu heb Ik het met Mijn ogen aangezien.

VersbegrippenGoddelijke VerdedigingGoddelijke WaakzaamheidGod Ziet Hun EllendeGod Stuurde Zijn Zoon

Zekerlijk, Ik zal niet meer de inwoners dezes lands verschonen, spreekt de HEERE; maar ziet, Ik zal de mensen overleveren, elkeen in de hand zijns naasten, en in de hand zijns konings, en zij zullen dit land te morzel slaan, en Ik zal ze uit hun hand niet verlossen.

VersbegrippenGod Zonder GenadeMedelijden

En ik zeide: Ik zal ulieden niet meer weiden; wat sterft, dat sterve, en wat afgesneden is, dat zij afgesneden, en dat de overgeblevenen de een des anderen vlees verslinden.

VersbegrippenOntoereikende HerdersWeerzinwekkend VoedselHoe Dood Onontkoombaar IsEen Geliefd Persoon VerliezenStervenVerlies Van Een Geliefde

Public domain