'Van' in de Bijbel
- 1.Genesis 1:9-Genesis 10:7
- 2.Genesis 10:14-Genesis 23:3
- 3.Genesis 23:4-Genesis 28:11
- 4.Genesis 28:13-Genesis 36:25
- 5.Genesis 36:26-Genesis 44:9
- 6.Genesis 44:12-Exodus 2:6
- 7.Exodus 2:8-Exodus 12:7
- 8.Exodus 12:12-Exodus 23:28
- 9.Exodus 23:29-Exodus 29:22
- 10.Exodus 29:24-Exodus 37:23
- 11.Exodus 37:25-Leviticus 4:11
- 12.Leviticus 4:13-Leviticus 11:25
- 13.Leviticus 11:32-Leviticus 19:6
- 14.Leviticus 19:9-Numberi 1:2
- 15.Numberi 1:3-Numberi 3:50
- 16.Numberi 4:2-Numberi 7:56
- 17.Numberi 7:59-Numberi 13:15
- 18.Numberi 13:16-Numberi 19:4
- 19.Numberi 19:6-Numberi 26:19
- 20.Numberi 26:20-Numberi 32:29
- 21.Numberi 32:30-Numberi 36:13
- 22.Deuteronomium 1:1-Deuteronomium 9:11
- 23.Deuteronomium 9:12-Deuteronomium 21:13
- 24.Deuteronomium 21:15-Deuteronomium 32:24
- 25.Deuteronomium 32:25-Jozua 7:2
- 26.Jozua 7:4-Jozua 12:16
- 27.Jozua 12:17-Jozua 18:17
- 28.Jozua 18:19-Jozua 23:14
- 29.Jozua 23:15-Richteren 6:18
- 30.Richteren 6:19-Richteren 11:28
- 31.Richteren 11:29-Richteren 19:17
- 32.Richteren 19:18-Ruth 4:18
- 33.1 Samuël 1:1-1 Samuël 10:10
- 34.1 Samuël 10:11-1 Samuël 17:34
- 35.1 Samuël 17:36-1 Samuël 25:12
- 36.1 Samuël 25:14-2 Samuël 2:24
- 37.2 Samuël 2:25-2 Samuël 11:15
- 38.2 Samuël 11:17-2 Samuël 18:27
- 39.2 Samuël 18:31-2 Samuël 24:9
- 40.2 Samuël 24:13-1 Koningen 6:1
- 41.1 Koningen 6:2-1 Koningen 9:15
- 42.1 Koningen 9:16-1 Koningen 15:7
- 43.1 Koningen 15:9-1 Koningen 20:19
- 44.1 Koningen 20:20-2 Koningen 3:5
- 45.2 Koningen 3:7-2 Koningen 9:9
- 46.2 Koningen 9:10-2 Koningen 14:15
- 47.2 Koningen 14:16-2 Koningen 18:17
- 48.2 Koningen 18:18-2 Koningen 23:33
- 49.2 Koningen 23:34-1 Kronieken 2:47
- 50.1 Kronieken 2:49-1 Kronieken 6:49
- 51.1 Kronieken 6:50-1 Kronieken 11:8
- 52.1 Kronieken 11:11-1 Kronieken 18:9
- 53.1 Kronieken 18:11-1 Kronieken 26:27
- 54.1 Kronieken 26:28-2 Kronieken 5:8
- 55.2 Kronieken 5:12-2 Kronieken 14:13
- 56.2 Kronieken 14:15-2 Kronieken 22:5
- 57.2 Kronieken 22:6-2 Kronieken 28:27
- 58.2 Kronieken 29:1-2 Kronieken 35:4
- 59.2 Kronieken 35:5-Ezra 2:62
- 60.Ezra 2:63-Ezra 8:34
- 61.Ezra 9:1-Nehemia 6:18
- 62.Nehemia 7:2-Nehemia 11:4
- 63.Nehemia 11:5-Esther 2:20
- 64.Esther 2:21-Job 7:16
- 65.Job 7:19-Job 31:2
- 66.Job 31:18-Psalmen 16:4
- 67.Psalmen 17:1-Psalmen 38:1
- 68.Psalmen 38:7-Psalmen 65:4
- 69.Psalmen 65:11-Psalmen 83:1
- 70.Psalmen 83:6-Psalmen 109:16
- 71.Psalmen 109:17-Psalmen 137:1
- 72.Psalmen 137:3-Spreuken 11:4
- 73.Spreuken 11:10-Spreuken 25:24
- 74.Spreuken 25:27-Hooglied 1:5
- 75.Hooglied 1:9-Jesaja 7:23
- 76.Jesaja 7:25-Jesaja 19:22
- 77.Jesaja 19:23-Jesaja 33:21
- 78.Jesaja 33:23-Jesaja 44:28
- 79.Jesaja 45:3-Jesaja 60:4
- 80.Jesaja 60:6-Jeremia 6:25
- 81.Jeremia 6:29-Jeremia 17:5
- 82.Jeremia 17:8-Jeremia 26:18
- 83.Jeremia 26:19-Jeremia 33:10
- 84.Jeremia 33:12-Jeremia 40:1
- 85.Jeremia 40:4-Jeremia 48:46
- 86.Jeremia 49:1-Jeremia 52:21
- 87.Jeremia 52:25-Ezechiël 7:14
- 88.Ezechiël 7:15-Ezechiël 17:7
- 89.Ezechiël 17:9-Ezechiël 25:6
- 90.Ezechiël 25:8-Ezechiël 33:14
- 91.Ezechiël 33:18-Ezechiël 41:9
- 92.Ezechiël 41:10-Ezechiël 48:11
- 93.Ezechiël 48:12-Daniël 6:21
- 94.Daniël 6:27-Hosea 7:4
- 95.Hosea 7:5-Amos 5:6
- 96.Amos 5:10-Micha 6:5
- 97.Micha 6:7-Haggaï 2:18
- 98.Haggaï 2:19-Maleachi 3:7
- 99.Maleachi 4:4-Mattheüs 12:22
- 100.Mattheüs 12:23-Mattheüs 20:23
- 101.Mattheüs 20:24-Markus 1:14
- 102.Markus 1:19-Markus 9:25
- 103.Markus 9:30-Lukas 1:70
- 104.Lukas 1:71-Lukas 7:19
- 105.Lukas 7:21-Lukas 13:17
- 106.Lukas 13:22-Lukas 23:27
- 107.Lukas 23:28-Johannes 7:14
- 108.Johannes 7:17-Johannes 16:9
- 109.Johannes 16:10-Handelingen 4:11
- 110.Handelingen 4:13-Handelingen 12:14
- 111.Handelingen 12:19-Handelingen 19:11
- 112.Handelingen 19:12-Handelingen 26:7
- 113.Handelingen 26:9-Romeinen 11:22
- 114.Romeinen 11:24-1 Corinthiërs 10:27
- 115.1 Corinthiërs 10:29-2 Corinthiër 8:19
- 116.2 Corinthiër 8:20-Efeziërs 1:17
- 117.Efeziërs 1:18-1 Thessalonicenzen 2:5
- 118.1 Thessalonicenzen 2:6-Titus 1:6
- 119.Titus 1:10-Hebreeën 12:15
- 120.Hebreeën 12:16-2 Petrus 3:6
- 121.2 Petrus 3:12-Openbaring 7:15
- 122.Openbaring 7:17-Openbaring 22:21
Verwachtende en haastende tot de toekomst van den dag Gods, in welken de hemelen, door vuur ontstoken zijnde, zullen vergaan, en de elementen brandende zullen versmelten.
Daarom, geliefden, verwachtende deze dingen, benaarstigt u, dat gij onbevlekt en onbestraffelijk van Hem bevonden moogt worden in vrede;
Gelijk ook in alle zendbrieven, daarin van deze dingen sprekende; in welke sommige dingen zwaar zijn om te verstaan, die de ongeleerde en onvaste mensen verdraaien, gelijk ook de andere Schriften, tot hun eigen verderf.
Gij dan, geliefden, zulks te voren wetende, wacht u, dat gij niet door de verleiding der gruwelijke mensen mede afgerukt wordt, en uitvalt van uw vastigheid;
Maar wast op in de genade en kennis van onzen Heere en Zaligmaker Jezus Christus. Hem zij de heerlijkheid, beide nu en in de dag der eeuwigheid. Amen.
Hetgeen van den beginne was, hetgeen wij gehoord hebben, hetgeen wij gezien hebben met onze ogen, hetgeen wij aanschouwd hebben, en onze handen getast hebben, van het Woord des levens;
En dit is de verkondiging, die wij van Hem gehoord hebben, en wij u verkondigen, dat God een Licht is, en gans geen duisternis in Hem is.
Maar indien wij in het licht wandelen, gelijk Hij in het licht is, zo hebben wij gemeenschap met elkander, en het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde.
Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, dat Hij ons de zonden vergeve, en ons reinige van alle ongerechtigheid.
Broeders! Ik schrijf u geen nieuw gebod, maar een oud gebod, dat gij van den beginne gehad hebt; dit oud gebod is het woord, dat gij van den beginne gehoord hebt.
Ik schrijf u, vaders! want gij hebt Hem gekend, Die van den beginne is. Ik schrijf u, jongelingen, want gij hebt den boze overwonnen. Ik schrijf u, kinderen, want gij hebt den Vader gekend.
Ik heb u geschreven, vaders, want gij hebt Hem gekend, Die van den beginne is. Ik heb u geschreven, jongelingen, want gij zijt sterk, en het Woord Gods blijft in u, en gij hebt den boze overwonnen.
En de wereld gaat voorbij, en haar begeerlijkheid; maar die den wil van God doet, blijft in der eeuwigheid.
Doch gij hebt de zalving van den Heilige, en gij weet alle dingen.
Hetgeen gijlieden dan van den beginne gehoord hebt, dat blijve in u. Indien in u blijft, wat gij van den beginne gehoord hebt, zo zult gij ook in den Zoon en in den Vader blijven.
Dit heb ik u geschreven van degenen, die u verleiden.
En de zalving, die gijlieden van Hem ontvangen hebt, blijft in u, en gij hebt niet van node, dat iemand u lere; maar gelijk dezelfde zalving u leert van alle dingen, zo is zij ook waarachtig, en is geen leugen; en gelijk zij u geleerd heeft, zo zult gij in Hem blijven.
En nu, kinderkens, blijft in Hem; opdat, wanneer Hij zal geopenbaard zijn, wij vrijmoedigheid hebben, en wij van Hem niet beschaamd gemaakt worden in Zijn toekomst.
Die de zonde doet, is uit den duivel; want de duivel zondigt van den beginne. Hiertoe is de Zoon van God geopenbaard, opdat Hij de werken des duivels verbreken zou.
Want dit is de verkondiging, die gij van den beginne gehoord hebt, dat wij elkander zouden liefhebben.
Niet gelijk Kain, die uit den boze was, en zijn broeder doodsloeg; en om wat oorzaak sloeg hij hem dood? Omdat zijn werken boos waren, en van zijn broeder rechtvaardig.
En zo wat wij bidden, ontvangen wij van Hem, dewijl wij Zijn geboden bewaren, en doen, hetgeen behagelijk is voor Hem.
En dit is Zijn gebod, dat wij geloven in den Naam van Zijn Zoon Jezus Christus, en elkander liefhebben, gelijk Hij ons een gebod gegeven heeft.
Hieraan kent gij den Geest van God: alle geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God;
En alle geest, die niet belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God niet; maar dit is de geest van den antichrist, welken geest gij gehoord hebt, dat komen zal, en is nu alrede in de wereld.
Hieraan kennen wij, dat wij in Hem blijven, en Hij in ons, omdat Hij ons van Zijn Geest gegeven heeft.
Zo wie beleden zal hebben, dat Jezus de Zoon van God is, God blijft in hem, en hij in God.
En dit gebod hebben wij van Hem, namelijk dat die God liefheeft, ook zijn broeder liefhebbe.
Wie is het, die de wereld overwint, dan die gelooft, dat Jezus is de Zoon van God?
Indien wij de getuigenis der mensen aannemen, de getuigenis van God is meerder; want dit is de getuigenis van God, welke Hij van Zijn Zoon getuigd heeft.
Die in den Zoon van God gelooft, heeft de getuigenis in zichzelven; die God niet gelooft, heeft Hem tot een leugenaar gemaakt, dewijl hij niet geloofd heeft de getuigenis, die God getuigd heeft van Zijn Zoon.
Die den Zoon heeft, die heeft het leven; die den Zoon van God niet heeft, die heeft het leven niet.
Deze dingen heb ik u geschreven, die gelooft in den Naam des Zoons van God; opdat gij weet, dat gij het eeuwige leven hebt, en opdat gij gelooft in den Naam des Zoons van God.
En indien wij weten, dat Hij ons verhoort, wat wij ook bidden, zo weten wij, dat wij de beden verkrijgen, die wij van Hem gebeden hebben.
Doch wij weten, dat de Zoon van God gekomen is, en heeft ons het verstand gegeven, dat wij den Waarachtige kennen; en wij zijn in den Waarachtige, namelijk in Zijn Zoon Jezus Christus. Deze is de waarachtige God, en het eeuwige Leven.
Kinderkens, bewaart uzelven van de afgoden. Amen.
Genade, barmhartigheid, vrede zij met ulieden van God den Vader, en van den Heere Jezus Christus, den Zoon des Vaders, in waarheid en liefde.
Ik ben zeer verblijd geweest, dat ik van uw kinderen gevonden heb, die in de waarheid wandelen, gelijk wij een gebod ontvangen hebben van den Vader.
En nu bid ik u, uitverkoren vrouwe, niet als u schrijvende een nieuw gebod, maar hetgeen wij gehad hebben van den beginne, namelijk dat wij elkander liefhebben.
En dit is de liefde, dat wij wandelen naar Zijn geboden. Dit is het gebod, gelijk gijlieden van den beginne gehoord hebt, dat gij in hetzelve zoudt wandelen.
Een iegelijk, die overtreedt, en niet blijft in de leer van Christus, die heeft God niet; die in de leer van Christus blijft, deze heeft beiden den Vader en den Zoon.
U groeten de kinderen van uw zuster, de uitverkorene. Amen.
Want ik ben zeer verblijd geweest, als de broeders kwamen, en getuigden van uw waarheid, gelijk gij in de waarheid wandelt.
Die getuigd hebben van uw liefde, in de tegenwoordigheid der Gemeente; welken indien gij geleide doet, gelijk het Gode waardig is, zo zult gij weldoen.
Want zij zijn voor Zijn Naam uitgegaan, niets nemende van de heidenen.
Aan Demetrius wordt getuigenis gegeven van allen, en van de waarheid zelve; en wij getuigen ook, en gij weet, dat onze getuigenis waarachtig is.
Judas, een dienstknecht van Jezus Christus, en broeder van Jakobus, aan de geroepenen, die door God den Vader geheiligd zijn, en door Jezus Christus bewaard:
Geliefden, alzo ik alle naarstigheid doe om u te schrijven van de gemene zaligheid, zo heb ik noodzaak gehad aan u te schrijven en u te vermanen, dat gij strijdt voor het geloof, dat eenmaal den heiligen overgeleverd is.
Maar Michael, de archangel, toen hij met den duivel twistte, en handelde van het lichaam van Mozes, durfde geen oordeel van lastering tegen hem voortbrengen, maar zeide: De Heere bestraffe u!
Wee hun, want zij zijn de weg van Kain ingegaan, en door de verleiding van het loon van Balaam zijn zij henengestort, en zijn door de tegenspreking van Korach vergaan.
Dezen zijn vlekken in uw liefdemaaltijden, en als zij met u ter maaltijd zijn, weiden zij zichzelven zonder vreze; zij zijn waterloze wolken, die van de winden omgedreven worden; zij zijn als bomen in het afgaan van de herfst, onvruchtbaar, tweemaal verstorven, en ontworteld;
En van dezen heeft ook Enoch, de zevende van Adam, geprofeteerd, zeggende: Ziet, de Heere is gekomen met Zijn vele duizenden heiligen;
Maar geliefden, gedenkt gij der woorden, die voorzegd zijn van de apostelen van onzen Heere Jezus Christus;
Bewaart uzelven in de liefde Gods, verwachtende de barmhartigheid van onzen Heere Jezus Christus ten eeuwigen leven.
Maar behoudt anderen door vreze, en grijpt ze uit het vuur; en haat ook den rok, die van het vlees bevlekt is.
Hem nu, Die machtig is u van struikelen te bewaren, en onstraffelijk te stellen voor Zijn heerlijkheid, in vreugde,
De openbaring van Jezus Christus, die God hem gegeven heeft, om Zijn dienstknechten te tonen de dingen, die haast geschieden moeten; en die Hij door Zijn engel gezonden, en Zijn dienstknecht Johannes te kennen gegeven heeft;
Dewelke het woord Gods betuigd heeft, en de getuigenis van Jezus Christus, en al wat hij gezien heeft.
Johannes aan de zeven Gemeenten, die in Azie zijn: genade zij u en vrede van Hem, Die is, en Die was, en Die komen zal; en van de zeven geesten, die voor Zijn troon zijn;
En van Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden, en de Overste der koningen der aarde. Hem, Die ons heeft liefgehad, en ons van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed.
Ik, Johannes, die ook uw broeder ben, en medegenoot in de verdrukking, en in het Koninkrijk, en in de lijdzaamheid van Jezus Christus, was op het eiland, genaamd Patmos, om het Woord Gods, en om de getuigenis van Jezus Christus.
En ik was in den geest op den dag des Heeren; en ik hoorde achter mij een grote stem, als van een bazuin,
En in het midden van de zeven kandelaren Een, den Zoon des mensen gelijk zijnde, bekleed met een lang kleed tot de voeten, en omgord aan de borsten met een gouden gordel;
En Zijn voeten waren blinkend koper gelijk, en gloeiden als in een oven; en Zijn stem als een stem van vele wateren.
Schrijf aan den engel der Gemeente van Efeze: Dit zegt Hij, Die de zeven sterren in Zijn rechter hand houdt, Die in het midden der zeven gouden kandelaren wandelt:
Gedenk dan, waarvan gij uitgevallen zijt, en bekeer u, en doe de eerste werken; en zo niet, Ik zal u haastelijk bij komen, en zal uw kandelaar van zijn plaats weren, indien gij u niet bekeert.
Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te eten van den boom des levens, die in het midden van het paradijs Gods is.
En schrijf aan den engel der Gemeente van die van Smyrna: Dit zegt de Eerste en de Laatste, Die dood geweest is, en weder levend is geworden:
Vrees geen der dingen, die gij lijden zult. Ziet, de duivel zal enigen van ulieden in de gevangenis werpen, opdat gij verzocht wordt; en gij zult een verdrukking hebben van tien dagen. Zijt getrouw tot den dood, en Ik zal u geven de kroon des levens.
Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, zal van den tweeden dood niet beschadigd worden.
Maar Ik heb enige weinige dingen tegen u, dat gij aldaar hebt, die de lering van Balaam houden, die Balak leerde den kinderen Israels een aanstoot voor te werpen, opdat zij zouden afgodenoffer eten en hoereren.
Die oren heeft, die hore, wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te eten van het manna, dat verborgen is, en Ik zal hem geven een witten keursteen, en op den keursteen een nieuwen naam geschreven, welken niemand kent, dan die hem ontvangt.
En schrijf aan den engel der Gemeente te Thyatire: Dit zegt de Zoon van God, Die Zijn ogen heeft als een vlam vuurs, en Zijn voeten zijn blinkend koper gelijk:
En Ik heb haar tijd gegeven, opdat zij zich zou bekeren van haar hoererij, en zij heeft zich niet bekeerd.
Zie, Ik werp haar te bed, en die met haar overspel bedrijven, in grote verdrukking, zo zij zich niet bekeren van hun werken.
En hij zal ze hoeden met een ijzeren staf; zij zullen als pottenbakkersvaten vermorzeld worden; gelijk ook Ik van Mijn Vader ontvangen heb.
Die overwint, Ik zal hem maken tot een pilaar in den tempel Mijns Gods, en hij zal niet meer daaruit gaan; en Ik zal op hem schrijven den Naam Mijns Gods, en de naam der stad Mijns Gods, namelijk des nieuwen Jeruzalems, dat uit den hemel van Mijn God afdaalt, en ook Mijn nieuwen Naam.
En schrijf aan den engel van de Gemeente der Laodicensen: Dit zegt de Amen, de trouwe, en waarachtige Getuige, het Begin der schepping Gods:
Ik raad u dat gij van Mij koopt goud, beproefd komende uit het vuur, opdat gij rijk moogt worden; en witte klederen, opdat gij moogt bekleed worden, en de schande uwer naaktheid niet geopenbaard worde; en zalf uw ogen met ogenzalf, opdat gij zien moogt.
Na dezen zag ik, en ziet, een deur was geopend in den hemel; en de eerste stem, die ik gehoord had, als van een bazuin, met mij sprekende, zeide: Kom hier op, en Ik zal u tonen, hetgeen na dezen geschieden moet.
En van den troon gingen uit bliksemen, en donderslagen, en stemmen; en zeven vurige lampen waren brandende voor den troon, welke zijn de zeven geesten Gods.
En voor den troon was een glazen zee, kristal gelijk. En in het midden des troons, en rondom den troon, vier dieren, zijnde vol ogen van voren en van achteren.
En de vier dieren hadden elkeen voor zichzelven zes vleugelen rondom, en waren van binnen vol ogen; en hebben geen rust dag en nacht, zeggende: Heilig, heilig, heilig is de Heere God, de Almachtige, Die was, en Die is, en Die komen zal.
En ik zag in de rechter hand Desgenen, Die op den troon zat, een boek, geschreven van binnen en van buiten, verzegeld met zeven zegelen.
En een van de ouderlingen zeide tot mij: Ween niet; zie, de Leeuw, Die uit den stam van Juda is, de Wortel Davids, heeft overwonnen, om het boek te openen, en zijn zeven zegelen open te breken.
En ik zag, en ziet, in het midden van den troon, en van de vier dieren, en in het midden van de ouderlingen, een Lam, staande als geslacht, hebbende zeven hoornen, en zeven ogen; dewelke zijn de zeven geesten Gods, die uitgezonden zijn in alle landen.
En ik zag, toen het Lam een van de zegelen geopend had, en ik hoorde een uit de vier dieren zeggen, als een stem van een donderslag: Kom en zie!
En een ander paard ging uit, dat rood was; en dien, die daarop zat, werd macht gegeven den vrede te nemen van de aarde; en dat zij elkander zouden doden; en hem werd een groot zwaard gegeven.
En ik hoorde een stem in het midden van de vier dieren, die zeide: Een maatje tarwe voor een penning, en drie maatjes gerst voor een penning; en beschadig de olie en den wijn niet.
En toen Het het vierde zegel geopend had, hoorde ik een stem van het vierde dier, die zeide: Kom en zie!
En zij riepen met grote stem, zeggende: Hoelang, o heilige en waarachtige Heerser, oordeelt en wreekt Gij ons bloed niet van degenen, die op de aarde wonen?
En de sterren des hemels vielen op de aarde, gelijk een vijgeboom zijn onrijpe vijgen afwerpt, als hij van een groten wind geschud wordt.
En zeiden tot de bergen en tot de steenrotsen: Valt op ons, en verbergt ons van het aangezicht Desgenen, Die op den troon zit, en van den toorn des Lams.
En ik zag een anderen engel opkomen van den opgang der zon, hebbende het zegel des levenden Gods; en hij riep met een grote stem tot de vier engelen, welke macht gegeven was de aarde en de zee te beschadigen,
Uit het geslacht van Juda waren twaalf duizend verzegeld; uit het geslacht van Ruben waren twaalf duizend verzegeld; uit het geslacht van Gad waren twaalf duizend verzegeld;
Uit het geslacht van Aser waren twaalf duizend verzegeld; uit het geslacht van Nafthali waren twaalf duizend verzegeld; uit het geslacht van Manasse waren twaalf duizend verzegeld;
Uit het geslacht van Simeon waren twaalf duizend verzegeld; uit het geslacht van Levi waren twaalf duizend verzegeld; uit het geslacht van Issaschar waren twaalf duizend verzegeld;
Uit het geslacht van Zebulon waren twaalf duizend verzegeld; uit het geslacht van Jozef waren twaalf duizend verzegeld; uit het geslacht van Benjamin waren twaalf duizend verzegeld.
En een uit de ouderlingen antwoordde, zeggende tot mij: Dezen, die bekleed zijn met de lange witte klederen, wie zijn zij, en van waar zijn zij gekomen?
Daarom zijn zij voor den troon van God, en dienen Hem dag en nacht in Zijn tempel; en Die op den troon zit, zal hen overschaduwen.
Zoekresultaten vervolgd...
- 1.Genesis 1:9-Genesis 10:7
- 2.Genesis 10:14-Genesis 23:3
- 3.Genesis 23:4-Genesis 28:11
- 4.Genesis 28:13-Genesis 36:25
- 5.Genesis 36:26-Genesis 44:9
- 6.Genesis 44:12-Exodus 2:6
- 7.Exodus 2:8-Exodus 12:7
- 8.Exodus 12:12-Exodus 23:28
- 9.Exodus 23:29-Exodus 29:22
- 10.Exodus 29:24-Exodus 37:23
- 11.Exodus 37:25-Leviticus 4:11
- 12.Leviticus 4:13-Leviticus 11:25
- 13.Leviticus 11:32-Leviticus 19:6
- 14.Leviticus 19:9-Numberi 1:2
- 15.Numberi 1:3-Numberi 3:50
- 16.Numberi 4:2-Numberi 7:56
- 17.Numberi 7:59-Numberi 13:15
- 18.Numberi 13:16-Numberi 19:4
- 19.Numberi 19:6-Numberi 26:19
- 20.Numberi 26:20-Numberi 32:29
- 21.Numberi 32:30-Numberi 36:13
- 22.Deuteronomium 1:1-Deuteronomium 9:11
- 23.Deuteronomium 9:12-Deuteronomium 21:13
- 24.Deuteronomium 21:15-Deuteronomium 32:24
- 25.Deuteronomium 32:25-Jozua 7:2
- 26.Jozua 7:4-Jozua 12:16
- 27.Jozua 12:17-Jozua 18:17
- 28.Jozua 18:19-Jozua 23:14
- 29.Jozua 23:15-Richteren 6:18
- 30.Richteren 6:19-Richteren 11:28
- 31.Richteren 11:29-Richteren 19:17
- 32.Richteren 19:18-Ruth 4:18
- 33.1 Samuël 1:1-1 Samuël 10:10
- 34.1 Samuël 10:11-1 Samuël 17:34
- 35.1 Samuël 17:36-1 Samuël 25:12
- 36.1 Samuël 25:14-2 Samuël 2:24
- 37.2 Samuël 2:25-2 Samuël 11:15
- 38.2 Samuël 11:17-2 Samuël 18:27
- 39.2 Samuël 18:31-2 Samuël 24:9
- 40.2 Samuël 24:13-1 Koningen 6:1
- 41.1 Koningen 6:2-1 Koningen 9:15
- 42.1 Koningen 9:16-1 Koningen 15:7
- 43.1 Koningen 15:9-1 Koningen 20:19
- 44.1 Koningen 20:20-2 Koningen 3:5
- 45.2 Koningen 3:7-2 Koningen 9:9
- 46.2 Koningen 9:10-2 Koningen 14:15
- 47.2 Koningen 14:16-2 Koningen 18:17
- 48.2 Koningen 18:18-2 Koningen 23:33
- 49.2 Koningen 23:34-1 Kronieken 2:47
- 50.1 Kronieken 2:49-1 Kronieken 6:49
- 51.1 Kronieken 6:50-1 Kronieken 11:8
- 52.1 Kronieken 11:11-1 Kronieken 18:9
- 53.1 Kronieken 18:11-1 Kronieken 26:27
- 54.1 Kronieken 26:28-2 Kronieken 5:8
- 55.2 Kronieken 5:12-2 Kronieken 14:13
- 56.2 Kronieken 14:15-2 Kronieken 22:5
- 57.2 Kronieken 22:6-2 Kronieken 28:27
- 58.2 Kronieken 29:1-2 Kronieken 35:4
- 59.2 Kronieken 35:5-Ezra 2:62
- 60.Ezra 2:63-Ezra 8:34
- 61.Ezra 9:1-Nehemia 6:18
- 62.Nehemia 7:2-Nehemia 11:4
- 63.Nehemia 11:5-Esther 2:20
- 64.Esther 2:21-Job 7:16
- 65.Job 7:19-Job 31:2
- 66.Job 31:18-Psalmen 16:4
- 67.Psalmen 17:1-Psalmen 38:1
- 68.Psalmen 38:7-Psalmen 65:4
- 69.Psalmen 65:11-Psalmen 83:1
- 70.Psalmen 83:6-Psalmen 109:16
- 71.Psalmen 109:17-Psalmen 137:1
- 72.Psalmen 137:3-Spreuken 11:4
- 73.Spreuken 11:10-Spreuken 25:24
- 74.Spreuken 25:27-Hooglied 1:5
- 75.Hooglied 1:9-Jesaja 7:23
- 76.Jesaja 7:25-Jesaja 19:22
- 77.Jesaja 19:23-Jesaja 33:21
- 78.Jesaja 33:23-Jesaja 44:28
- 79.Jesaja 45:3-Jesaja 60:4
- 80.Jesaja 60:6-Jeremia 6:25
- 81.Jeremia 6:29-Jeremia 17:5
- 82.Jeremia 17:8-Jeremia 26:18
- 83.Jeremia 26:19-Jeremia 33:10
- 84.Jeremia 33:12-Jeremia 40:1
- 85.Jeremia 40:4-Jeremia 48:46
- 86.Jeremia 49:1-Jeremia 52:21
- 87.Jeremia 52:25-Ezechiël 7:14
- 88.Ezechiël 7:15-Ezechiël 17:7
- 89.Ezechiël 17:9-Ezechiël 25:6
- 90.Ezechiël 25:8-Ezechiël 33:14
- 91.Ezechiël 33:18-Ezechiël 41:9
- 92.Ezechiël 41:10-Ezechiël 48:11
- 93.Ezechiël 48:12-Daniël 6:21
- 94.Daniël 6:27-Hosea 7:4
- 95.Hosea 7:5-Amos 5:6
- 96.Amos 5:10-Micha 6:5
- 97.Micha 6:7-Haggaï 2:18
- 98.Haggaï 2:19-Maleachi 3:7
- 99.Maleachi 4:4-Mattheüs 12:22
- 100.Mattheüs 12:23-Mattheüs 20:23
- 101.Mattheüs 20:24-Markus 1:14
- 102.Markus 1:19-Markus 9:25
- 103.Markus 9:30-Lukas 1:70
- 104.Lukas 1:71-Lukas 7:19
- 105.Lukas 7:21-Lukas 13:17
- 106.Lukas 13:22-Lukas 23:27
- 107.Lukas 23:28-Johannes 7:14
- 108.Johannes 7:17-Johannes 16:9
- 109.Johannes 16:10-Handelingen 4:11
- 110.Handelingen 4:13-Handelingen 12:14
- 111.Handelingen 12:19-Handelingen 19:11
- 112.Handelingen 19:12-Handelingen 26:7
- 113.Handelingen 26:9-Romeinen 11:22
- 114.Romeinen 11:24-1 Corinthiërs 10:27
- 115.1 Corinthiërs 10:29-2 Corinthiër 8:19
- 116.2 Corinthiër 8:20-Efeziërs 1:17
- 117.Efeziërs 1:18-1 Thessalonicenzen 2:5
- 118.1 Thessalonicenzen 2:6-Titus 1:6
- 119.Titus 1:10-Hebreeën 12:15
- 120.Hebreeën 12:16-2 Petrus 3:6
- 121.2 Petrus 3:12-Openbaring 7:15
- 122.Openbaring 7:17-Openbaring 22:21
Verwante onderwerpen
- Aanbieden Van Granen En Plengoffers
- Aard Van Evangelisatie
- Afkeer
- Afmetingen Van Tempelmeubilair
- Afstand
- Afwijzing Van God
- Alcohol
- Altaren Bouwen
- Alwetende God
- Andere Goden
- Babylon
- Bedden
- Begin
- Begrip
- Belasten
- Beleden Zonde
- Bescherming Tegen Vijanden
- Besprenkelen
- Bestuurders
- Bewaarders
- Beweging
- Beweringen
- Beëindiging
- Blauw-paars En Scharlaken
- Blauwe Doek
- Bloed
- Bloed Sprenkelen
- Boekhouden
- Bouwen
- Brieven
- Bronzen Voorwerpen Voor De Tabernakel
- Buigen
- Buitenaardse Wezens
- Cherubijn
- Christelijke Liefde
- Communicatie
- Confrontatie
- Dag Van De HEER
- Damascus
- De Aanwezigheid Van God
- De Aard Van Bediening
- De Aard Van Bekering
- De Aard Van Discipelschap
- De Aard Van God Kennen
- De Betekenis Van Mozes
- De Bron Van Menselijke Wijsheid
- De Daad Van Openen
- De Eerste Tempel
- De Functie Van Priesters In De Tijd Van OT
- De Geboorte Van Jezus
- De Glorie Van God
- De Invloed Van God Kennen
- De Jaren Vijftig
- De Jaren Zeventig
- De Ketenen Verbreken
- De Komst Van Het Koninkrijk Van God
- De Kracht Van God
- De Legale Aspecten Van Bestraffing
- De Menselijke Beschrijvingen Van God
- De Namen Voor Christus
- De Oorsprong Van Het Kwaad
- De Openbaring Van God
- De Reachtie Van Gelovigen Tegen Het Kwaad
- De Rol Van Profeten
- De Schoonheid Van Vrouwen
- De Vader
- De Wet Van Mozes
- De Zee Bevaren
- De Zon
- Deelname In Christus
- Deelname In Zonde
- Dertig
- Dienaren Van De Heer
- Dienstbaarheid
- Dienstbaarheid In Het Leven Van Gelovigen
- Dochters
- Doelen
- Donder
- Driehonderd En Meer
- Een Gebroken Hart
- Een Nieuwe Start
- Eenheid Is Het Doel Van God
- Eenheid Tussen Gods Mensen
- Eenhoorns
- Eenzaamheid
- Eerherstel
- Eerstgeboren Zonen
- Eerstgeborene
- Eigendom, Huizen
- Einde Van Dagen
- Ephah [Tien Omers]
- Feesten
- Fouten
- Funderingen
- Gasten
- Gebaren
- Geboden In NT
- Gebroken Hart
- Gebroken Harten
- Geesten
- Geheimhouding
- Geld Aan De Kerk Geven
- Geldmiddelen
- Genade Voor Jou
- Generaties
- Genieten Van Het Leven
- Genoemde Individuen Doden
- Genoemde Personen Die Kwaad Waren Op Anderen
- Genoemde Poorten
- Genoemde Profeten Van De Heer
- Geruchten
- Geschenken
- Getuige Zijn Van
- Gevallen En Verlost Hart
- Gevangenen
- Gewichten Van Goud
- Gezicht Van God
- God Als Verlosser
- God Behagen
- God Dodend
- God Haalt Israël Uit Egypte
- God Kennen
- God Redt Van De Vijanden
- God, De Eeuwige
- God, Levend En Zelfvoorzienend
- Gods Hand
- Gods Onthulde Dingen
- Gods Redding Bekend Gemaakt
- Gods Stem
- Gods Verborgen Dingen
- Gods Waarheid
- Gods Werk Verhinderen
- Gods Wil
- Goud
- Gouden Voorwerpen Voor Het Tabernakel
- Graad
- Graan
- Gretigheid
- Grootmoeders
- Haar
- Hand Van God
- Handel
- Handicaps
- Haren
- Hart En De Heilige Geest
- Hebzucht
- Heersers
- Heiligdom
- Heiligdommen
- Heiligen
- Heiliging
- Heiliging, Methodes En Resultaten
- Herder Als Beroep
- Herfst
- Hersteld In Jezus Christus
- Het Belang Van Vertrouwen
- Het Evangelie Verspreiden
- Het Instituut Priesters In De Tijd Van OT
- Het Verleden
- Historische Boeken
- Honderd En Enkelen
- Hoofden
- Hoofden Van Priestelijke Huishoudens
- Huisdieren
- Huizen
- Identiteit
- Identiteit Van Evangelisatie
- Ijzer
- Ijzeren Voorwerpen
- In De Tegenwoordigheid Van De Mens
- Israël
- Jacob De Patriarch
- Jeruzalem
- Jeugd
- Jezebel
- Jezelf Veranderen
- Jona
- Juiste Maatregelen
- Juk
- Karakter Van Het Kwaad
- Kenmerken Van Dwazen
- Ketenen
- Kleur
- Koningen
- Koningen Dienen
- Koningen Doden
- Koningen Van Juda
- Korte Tijd Voor Actie
- Leeftijd
- Leeftijd Bij Overlijden
- Leeftijd Wanneer Gekroond
- Lichaam
- Liederen
- Liefde En De Wereld
- Liefde Vinden
- Liegen En Bedrog
- Lijst van koningen van Israël
- Linnen
- Lippen
- Lof
- Maand
- Man Van God
- Melk En Honing
- Menigtes
- Menselijk Hart
- Menselijke En Goddelijke Heerschappij
- Menselijke Macht
- Menselijke Natuur
- Menselijke Perfectie
- Mensen Uit Je Leven Verwijderen
- Mensen Van Juda
- Mensen Van Ver Weg
- Messiaanse Profetieën
- Minnares
- Missie Van Israël
- Moeders Van Koningen
- Morele En Spirituele Zuiverheid
- Munstelsel
- Muren
- Muziek
- Nabijheid Van De Dood
- Nacht
- Namen En Titels Voor Christus
- Namen En Titels Voor De Christenen
- Namen En Titels Voor De Heilige Geest
- Nederlaag
- Niet Sterven
- Ochtend
- Offeringen Doden
- Officieren
- Olie
- Olie Op Offers
- Omhuld In Goud
- Ontrouw Aan God
- Ontvankelijkheid
- Oorzaken Van Lijden
- Oost
- Oost En West
- Opslaan
- Over De Discipelen Van Christus Zullen Lijden
- Overwinning Op Het Kwaad
- Paarse Stof
- Paleizen
- Passie
- Pijn
- Plannen
- Pogingen Om Bepaalde Mensen Te Doden
- Poorten
- Priesters Die Verzoenen
- Prinsen
- Psalmen Interjecties
- Redding
- Regen
- Regenboog
- Relatie Tussen Vader En Zoon
- Rest
- Reuzen
- Richting
- Rivieren
- Rivieren En Stromen
- Rood Materiaal
- Saul
- Schapen En Geiten
- School
- Schuwen
- Slaven Van God
- Soorten Muziekinstrumenten
- Spirituele Armoede
- Staan
- Stad
- Stammen Van Israël
- Stemmen
- Sterk Eindigen
- Strijdwagens
- Symbolen
- Syrië
- Taal
- Tafels
- Tekenen En Wonderen Van Het Evangelie
- Tenten
- Terughoudendheid
- Tien Dingen
- Tienden En Offers
- Tijd Van Vrede
- Tijden Van Mensen
- Toekomst
- Troon
- Trouw
- Twaalf Dingen
- Twaalf Wezens
- Twee Dieren
- Twintigduizend En Meer
- Types Van Christus
- Uitgestuurde Boodschappers
- Uitrusting, Fysiek
- Vaardigheid
- Vaklui
- Vals Vertrouwen
- Valse Goden
- Valse Religie
- Valse Vrienden
- Vanaf Het Begin
- Vanuit Het Noorden
- Vee Offeren
- Verboden Voedsel
- Verdergaan
- Verdriet
- Verenigingen Van Kwaad
- Verlatenheid
- Verlossing
- Vernietiging Van Jeruzalem
- Verordeningen
- Versterkingen
- Vertrouwen En Zelfrespect
- Verwezenlijkingen
- Vijanden Van Gelovigen
- Vijanden Van Israël En Juda
- Voedsel
- Voeten
- Voorbij Jordanië
- Voorbode
- Voorspelling Eindtijd
- Voorspellingen Over Christus
- Vormen Van Vervolging
- Vragen
- Vreemdelingen
- Waar Vandaan?
- Waardevolle Stenen
- Weed
- Wegen
- Westen
- Weten Over Gods Koninkrijk
- Wijn
- Woede En Vergiffenis
- Woord Van God
- Zee
- Zegels
- Zeilen
- Zeloten
- Zes- Tot Zevenhonderd
- Zeshonderd En Meer
- Zeven Dagen
- Zeven Dagen Voor Juridische Zaken
- Zeven- Tot Negenhonderd
- Ziekte
- Ziektes
- Zij Die God In Hun Handen Heeft Gegeven
- Zij Die Vroeg Opstonden
- Zilver
- Zion
- Zonde Veroorzaakt Dood
- Zonde, Bevrijding Van God
- Zonen
- Zorgen