12200 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Van' in de Bijbel

En ziet, de HEERE stond op dezelve en zeide: Ik ben de HEERE, de God van uw vader Abraham, en de God van Izak; dit land, waarop gij ligt te slapen, zal Ik aan u geven, en aan uw zaad.

VersbegrippenLand Als Goddelijk GeschenkIk Ben GodGrootvaders

Toen nu Jakob van zijn slaap ontwaakte, zeide hij: Gewisselijk is de HEERE aan deze plaats, en ik heb het niet geweten!

VersbegrippenAngst Veroorzaakt DoorVroeg OpstaanGodsvrucht 's OchtendsDe Aanwezigheid Van GodOntwaken

En deze steen, dien ik tot een opgericht teken gezet heb, zal een huis Gods wezen, en van alles, wat Gij mij geven zult, zal ik U voorzeker de tienden geven!

VersbegrippenHuis Van GodTiendenBreuken, Een TiendeGedenkstenenStenen Als MonumentenBethel Het Huis Van GodTienden ProducerenTienden En OffersTeruggeven

Toen hief Jakob zijn voeten op, en ging naar het land der kinderen van het Oosten.

VersbegrippenReisBijzondere Reizen

En hij zag toe, en ziet, er was een put in het veld; en ziet, er waren drie kudden schapen nevens dien nederliggende; want uit dien put drenkten zij de kudden; en er was een grote steen op den mond van dien put.

VersbegrippenDrie GroepenGrote DingenBronnen Stoppen

En derwaarts werden al de kudden verzameld, en zij wentelden den steen van den mond des puts, en drenkten de schapen, en legden den steen weder op den mond van dien put, op zijn plaats.

VersbegrippenHerder Als BeroepSamenkomst Van WezensDe Daad Van OpenenPutten OpenenBronnen StoppenRollen

Toen zeide Jakob tot hen: Mijn broeders! van waar zijt gij? En zij zeiden: Wij zijn van Haran.

VersbegrippenWaar Vandaan?

En hij zeide tot hen: Kent gij Laban, den zoon van Nahor? En zij zeiden: Wij kennen hem.

VersbegrippenKleinkinderenMensen KennenImmigranten

Toen zeiden zij: Wij kunnen niet, totdat al de kudden samen zullen vergaderd zijn, en dat men den steen van den mond des puts afwentele, opdat wij de schapen drenken.

VersbegrippenSamenkomst Van WezensRollenNiet Mogelijk Om Andere Dingen Te Doen

En het geschiedde, als Jakob Rachel zag, de dochter van Laban, zijner moeders broeder, en de schapen van Laban, zijner moeders broeder, dat Jakob toetrad, en wentelde den steen van den mond des puts, en drenkte de schapen van Laban, zijner moeders broeder.

VersbegrippenRollenSchapen Bezitten

En Jakob gaf Rachel te kennen, dat hij een broeder van haar vader, en dat hij de zoon van Rebekka was. Toen liep zij heen, en gaf het aan haar vader te kennen.

VersbegrippenRennen Met NieuwsFamilieleden

En het geschiedde, als Laban die tijding hoorde van Jakob, zijner zusters zoon, zo liep hij hem tegemoet, en omhelsde hem, en kuste hem, en bracht hem tot zijn huis. En hij vertelde Laban al deze dingen.

VersbegrippenMensen Die KussenWapensKussendIndividuen Die LopenGenoemde Zusters

Vervul de week van deze; dan zullen wij u ook die geven, voor den dienst, dien gij nog andere zeven jaren bij mij dienen zult.

VersbegrippenOnderhandelingWekenZeven JaarIndividuen DienenGeven In Het HuwelijkHet Werk Van De Mens Dat Voltooid IsBijbelteksten Wachten Tot Het Huwelijk

En Jakob deed alzo; en hij vervulde de week van deze. Toen gaf hij hem Rachel, zijn dochter, hem tot een vrouw.

VersbegrippenGewoonten In Verband Met Het HuwelijkPolygamieHet Werk Van De Mens Dat Voltooid Is

En zij werd wederom bevrucht, en baarde een zoon, en zeide: Ditmaal zal ik den HEERE loven; daarom noemde zij zijn naam Juda. En zij hield op van baren.

VersbegrippenBeëindigingZijn Lof Laten ZienMensen Met Toepasselijke NamenVruchtbaar Zijn

Toen ontstak Jakobs toorn tegen Rachel, en hij zeide: Ben ik dan in plaats van God, Die de vrucht des buiks van u geweerd heeft?

VersbegrippenOnvruchtbare VrouwenRedenen Voor OnvruchtbaarheidMannen Als GodenGenoemde Personen Die Kwaad Waren Op Anderen

Toen nu Lea zag, dat zij ophield van baren, nam zij ook haar dienstmaagd Zilpa, en gaf die aan Jakob tot een vrouw.

VersbegrippenConcubinesBeëindigingGeven In Het Huwelijk

En Ruben ging in de dagen van de tarweoogst, en hij vond Dudaim in het veld, en hij bracht die tot zijn moeder Lea. Toen zeide Rachel tot Lea: Geef mij toch van uws zoons Dudaim.

VersbegrippenTarwe

Zo zal mijn gerechtigheid op den dag van morgen met mij getuigen, als gij komen zult over mijn loon, voor uw aangezicht; al wat niet gespikkeld en geplekt is onder de geiten en bruin onder de lammeren, dat zij bij mij gestolen.

VersbegrippenEerlijkheidZwarte DierenOnzuivere WezensZwart En Wit

En hij stelde een weg van drie dagen tussen hem, en tussen Jakob; en Jakob weidde de overige kudde van Laban.

VersbegrippenVoedenGewichten En Maten, AfstandenVertrekkenDrie DagenZij Die Voorraad Hadden

Toen nam zich Jakob roeden van groen populierenhout, en van hazelaar, en van kastanjen; en hij schilde daarin witte strepen, ontblotende het wit, hetwelk aan die roeden was.

VersbegrippenAmandelenWitBomenPolenVillenZwart En Wit

En hij legde deze roeden, die hij geschild had, in de goten, en in de drinkbakken van het water, waar de kudde kwam drinken, tegenover de kudde; en zij werden verhit, als zij kwamen om te drinken.

VersbegrippenParende DierenContainer Voor WaterPolenVillen

Toen scheidde Jakob de lammeren, en hij wendde het gezicht der kudde op het gesprenkelde, en al het bruine onder Labans kudde; en hij stelde zijn kudden alleen, en hij zette ze niet bij de kudde van Laban.

VersbegrippenHerder Als BeroepDieren ScheidenZwarte DierenNiet Mengen

Toen hoorde hij de woorden der zonen van Laban, zeggende: Jakob heeft genomen alles, wat onzes vaders was, en van hetgeen, dat onzes vaders was, heeft hij al deze heerlijkheid gemaakt.

VersbegrippenVoorbeeld Van AfgunstRijk WordenBezittingen Nemen

Jakob zag ook het aangezicht van Laban aan, en ziet, het was jegens hem niet als gisteren en eergisteren.

VersbegrippenErgerVerandering

Ik ben die God van Beth-El, alwaar gij het opgerichte teken gezalfd hebt, waar gij Mij een gelofte beloofd hebt; nu, maak u op, vertrek uit dit land, en keer weder in het land uwer maagschap.

VersbegrippenOlieMonumentenIk Ben GodDingen Zalven

Zijn wij niet vreemden van hem geacht? Want hij heeft ons verkocht, en hij heeft ook steeds ons geld verteerd.

VersbegrippenBeschouwenBeschouwd Worden Als Vreemdelingen

Want al de rijkdom, welke God onze vader heeft ontrukt, die is onze, en van onze zonen; nu dan, doe alles, wat God tot u gezegd heeft.

VersbegrippenRijk WordenBezittingen Nemen

En Jakob ontstal zich aan het hart van Laban, den Syrier, overmits hij hem niet te kennen gaf, dat hij vlood.

VersbegrippenAnderen Die Gevlucht ZijnZij Die BedrogenZij Die Niets Zeggen

Toen nam hij zijn broeders met zich, en jaagde hem achterna, een weg van zeven dagen, en hij kreeg hem op het gebergte van Gilead.

VersbegrippenZeven DagenInhalen

En Laban achterhaalde Jakob; Jakob nu had zijn tent geslagen op dat gebergte; ook sloeg Laban met zijn broederen de zijne op het gebergte van Gilead.

VersbegrippenNomadenKamp Van IsraëlInhalen

Het ware in de macht mijner hand aan ulieden kwaad te doen; maar de God van ulieder vader heeft tot mij gisteren nacht gesproken, zeggende: Wacht u, van met Jakob te spreken, of goed, of kwaad.

VersbegrippenIndividuen WaarschuwenMensen Die Mogelijk Kwaad DoenKrachtPijnOuders Die Fout ZijnKwetsen

Toen ging Laban in de tent van Jakob, en in de tent van Lea, en in de tent van de beide dienstmaagden, en hij vond niets; en als hij uit de tent van Lea gegaan was, kwam hij in de tent van Rachel.

VersbegrippenTentenNiet Vinden

Als gij al mijn huisraad betast hebt, wat hebt gij gevonden van al het huisraad uws huizes! Leg het hier voor mijn broederen en uw broederen, en laat hen richten tussen ons beiden.

VersbegrippenNiet VindenIn De Tegenwoordigheid Van De Mens

Het verscheurde heb ik tot u niet gebracht; ik heb het geboet; gij hebt het van mijn hand geeist, het ware des daags gestolen, of des nachts gestolen.

VersbegrippenVergoedingVerliesDe Aard Van OnderdrukkingHerder Als BeroepIn Stukken Gereten DierenDag Of Nacht

Ten ware de God van mijn vader, de God van Abraham, en de Vreze van Izak, bij mij geweest was, zekerlijk, gij zoudt mij nu ledig weggezonden hebben! God heeft mijn ellende, en den arbeid mijner handen aangezien, en heeft u gisteren nacht bestraft.

VersbegrippenGod Van De VadersVoorbeelden Van Angst Van GodGod Ziet Hun EllendeMet Lege HandenGod Voor OnsGod Stuurde Zijn ZoonIk LijdtZij Die ZwoegdenGod, Verzoek Ze!

En Mizpa; omdat hij zeide: Dat de HEERE opzicht neme tussen mij en tussen u, wanneer wij de een van den ander zullen verborgen zijn!

VersbegrippenGod Houdt De WachtMensen Die Afscheid Nemen

De God van Abraham, en de God van Nahor, de God huns vaders richte tussen ons! En Jakob zwoer bij de Vreze zijn vaders Izaks.

VersbegrippenGod Als RechterGod Moet Gevreesd Worden

En Jakob zond boden uit voor zijn aangezicht tot Ezau, zijn broeder, naar het land Seir, de landstreek van Edom.

VersbegrippenUitgestuurde BoodschappersBoodschapper

En hij vernachtte aldaar dienzelfden nacht; en hij nam van hetgeen, dat hem in zijn hand kwam, een geschenk voor Ezau zijn broeder;

VersbegrippenGraanofferTijdelijk Blijven

Zo zult gij zeggen: Dat is een geschenk van uw knecht Jakob, gezonden tot mijn heer, tot Ezau, en zie, hij zelf is ook achter ons!

En hij stond op in dienzelfden nacht, en hij nam zijn twee vrouwen, en zijn twee dienstmaagden, en zijn elf kinderen, en hij toog over het veer van de Jabbok.

VersbegrippenRivieren En StromenGedurende Een NachtTwee VrouwenElfDoorwaadbare Plaats

En toen Hij zag, dat Hij hem niet overmocht, roerde Hij het gewricht zijner heup aan, zodat het gewricht van Jakobs heup verwrongen werd, als Hij met hem worstelde.

VersbegrippenHandicapsKwetsuurAanrakingLichamelijke ZwakteOntwrichtingDijenAanraken Om Te KwetsenWorstelenSpieren

En Jakob noemde den naam dier plaats Pniel: Want, zeide hij, ik heb God gezien van aangezicht tot aangezicht, en mijn ziel is gered geweest.

VersbegrippenGezicht Van GodGod ErvarenDe Openbaring Van GodVisieOog In Oog Staan Met GodHemelse GezichtenZij Die God ZagenLeven Ondanks Gods TegenwoordigheidDrievuldigheid

Daarom eten de kinderen Israels de verrukte zenuw niet, die op het gewricht der heup is, tot op dezen dag, omdat Hij het gewricht van Jakobs heup aangeroerd had, aan de verrukte zenuw.

VersbegrippenLichamelijke ZwakteDijenAanraken Om Te KwetsenVerboden VoedselStatuten Tot De Dag Van VandaagSpieren

Toen zeide Jakob: Och neen! indien ik nu genade in uw ogen gevonden heb, zo neem mijn geschenk van mijn hand; daarom, omdat ik uw aangezicht gezien heb, als had ik Gods aangezicht gezien, en gij welgevallen aan mij genomen hebt.

VersbegrippenHemelse GezichtenGlimlachen

Mijn heer trekke toch voorbij, voor het aangezicht van zijn knecht; en ik zal mij op mijn gemak als leidsman voegen, naar den gang van het werk, hetwelk voor mijn aangezicht is, en naar den gang dezer kinderen, totdat ik bij mijn heer te Seir kome.

VersbegrippenTraagheidMensen Die Voorgingen

En Ezau zeide: Laat mij toch van dit volk, dat met mij is, u bijstellen. En hij zeide: Waartoe dat? laat mij genade vinden in mijns heren ogen!

VersbegrippenSamengaan

En Jakob kwam behouden tot de stad Sichem, welke is in het land Kanaan, als hij kwam van Paddan-Aram; en hij legerde zich in het gezicht der stad.

VersbegrippenVoorbeelden Van DurfAltaren Gebouwd DoorKamp Van Israël

En hij kocht een deel des velds, waarop hij zijn tent gespannen had, van de hand der zonen van Hemor, den vader van Sichem, voor honderd stukken gelds.

VersbegrippenEigendom, LandZilverTentenVastgoedHoge Benoemingen

En Dina, de dochter van Lea, die zij Jakob gebaard had, ging uit, om de dochteren van dat land te bezien.

VersbegrippenBezoekenMensen Die Bezoeken

Sichem nu, de zoon van Hemor den Heviet, den landvorst, zag haar, en hij nam ze, en lag bij haar, en verkrachtte ze.

VersbegrippenVoorbeelden Van WreedheidVoorbeelden Van OverspelHeersersVerkrachting

En zijn ziel kleefde aan Dina, Jakobs dochter; en hij had de jonge dochter lief, en sprak naar het hart van de jonge dochter.

VersbegrippenUiten Van GenegenheidMenselijk HartGoedheidVastklampen Aan MensenZachte WoordenMannen En Vrouwen Die LiefhaddenDe Liefde Voor Vrouwen

En Hemor, de vader van Sichem, ging uit tot Jakob, om met hem te spreken.

VersbegrippenMensen Die Bezoeken

En de zonen van Jakob kwamen van het veld, als zij dit hoorden; en het smartte deze mannen, en zij ontstaken zeer, omdat hij dwaasheid in Israel gedaan had, Jakobs dochter beslapende, hetwelk alzo niet zoude gedaan worden.

VersbegrippenLiefde En De WereldDe Aard Van Sexuele ZondeZorgenVerkrachtingGenoemde Personen Die Kwaad Waren Op Anderen

En hun woorden waren goed in de ogen van Hemor, en in de ogen van Sichem, Hemors zoon.

VersbegrippenGoede Woorden

Deze mannen zijn vreedzaam met ons; daarom laat hen in dit land wonen, en daarin handelen, en het land (ziet het is wijd van begrip) voor hun aangezicht zijn; wij zullen ons hun dochteren tot vrouwen nemen, en wij zullen onze dochteren aan hen geven.

VersbegrippenRentmeesterschap Over GeldIn Het Land LevenMannen Van Vrede

En het geschiedde ten derden dage, toen zij in de smart waren, zo namen de twee zonen van Jakob, Simeon en Levi, broeders van Dina, een iegelijk zijn zwaard, en kwamen stoutelijk in de stad, en doodden al wat mannelijk was.

VersbegrippenDe Derde Dag Van De WeekUitroeiingDood Van Alle MannenLichamelijke PijnTwee ZonenAangenaamheidSlachtingen

Zij sloegen ook Hemor, en zijn zoon Sichem, dood met de scherpte des zwaards; en zij namen Dina uit Sichems huis, en gingen van daar.

VersbegrippenAndere Mensen Nemen

De zonen van Jakob kwamen over de verslagenen, en plunderden de stad, omdat zij hun zuster verontreinigd hadden.

VersbegrippenVerkrachtingMensen Die Verontreinigd WordenGenoemde Zusters

Daarna zeide God tot Jakob: Maak u op, trek op naar Beth-El, en woon aldaar; en maak daar een altaar dien God, Die u verscheen, toen gij vluchttet voor het aangezicht van uw broeder Ezau.

VersbegrippenVluchtelingenOptreden Van God In OTHerdenkingGoddelijke SpraakPlaatsen Van AanbiddingAltaren BouwenGod VerschijntBethel Het Huis Van GodIn Het Land Leven

Toen zeide Jakob tot zijn huisgezin, en tot allen, die bij hem waren: Doet weg de vreemde goden, die in het midden van u zijn, en reinigt u, en verandert uw klederen;

VersbegrippenVoorbeelden Van FamiliesHoofden Van De FamilieRein, Spiritueel GebruikHervormingAfgodenWerkgevers, Goede VoorbeeldenVreemde DingenVeranderen KledijReine KledijAndere Goden VerzakenJezelf Veranderen

En zij reisden heen; en Gods verschrikking was over de steden, die rondom hen waren, zodat zij de zonen van Jakob niet achterna jaagden.

VersbegrippenVoorbeelden Van Goddelijke BeschermingTerreur Van GodTerrorisme

En Debora, de voedster van Rebekka, stierf, en zij werd begraven onder aan Beth-El; onder dien eik, welks naam hij noemde Allon-Bachuth.

VersbegrippenPlaatsen Van BegrafenissenVerpleegkundigenBomenEikenDe Dood Berouwen

En God verscheen Jakob wederom, als hij van Paddan-Aram gekomen was; en Hij zegende hem.

VersbegrippenGod VerschijntGezegend Door God

Toen voer God van hem op in die plaats, waar Hij met hem gesproken had.

VersbegrippenGod Staat OpGod Spreekt

En zij reisden van Beth-El; en er was nog een kleine streek lands om tot Efrath te komen; en Rachel baarde, en zij had het hard in haar baren.

VersbegrippenGewichten En Maten, AfstandenZware Taken

En Jakob richtte een gedenkteken op boven haar graf, dit is het gedenkteken van Rachels graf tot op dezen dag.

VersbegrippenGedenkstenenPlaatsen Tot Op De Dag

Toen verreisde Israel, en hij spande zijn tent op gene zijde van Migdal-Eder.

VersbegrippenNomadenTorens

En het geschiedde, als Israel in dat land woonde, dat Ruben heenging, en lag bij Bilha, zijns vaders bijwijf; en Israel hoorde het. En de zonen van Jakob waren twaalf.

VersbegrippenIncestConcubinesNummer TwaalfVoorbeelden Van Sexuele ImmoraliteitVoorbeelden Van Buitenechtelijke SexTwaalf WezensSex

De zonen van Lea waren: Ruben, Jakobs eerstgeborene, daarna Simeon, en Levi, en Juda, en Issaschar, en Zebulon.

VersbegrippenEerstgeboreneEerstgeboren Zonen

De zonen van Rachel: Jozef en Benjamin.

En de zonen van Bilha, Rachels dienstmaagd: Dan en Nafthali.

En de zonen van Zilpa, Lea's dienstmaagd: Gad en Aser. Deze zijn de zonen van Jakob, die hem geboren zijn in Paddan-Aram.

Dit nu zijn de geboorten van Ezau, welke is Edom.

Ezau nam zijn vrouwen uit de dochteren van Kanaan, Ada, de dochter van Elon, de Hethiet, en Aholibama, de dochter van Ana, de dochter van Zibeon, de Heviet;

VersbegrippenKleinkinderen

En Basmath, de dochter van Ismael, zuster van Nebajoth.

VersbegrippenGenoemde Zusters

En Aholibama baarde Jehus, en Jaelam, en Korah. Dit zijn de zonen van Ezau, die hem geboren zijn in het land Kanaan.

Ezau nu had genomen zijn vrouwen, en zijn zonen, en zijn dochters, en al de zielen zijns huizes, en zijn vee, en al zijn beesten, en al zijn bezitting, die hij in het land Kanaan geworven had, en was vertrokken naar een ander land, van het aangezicht van zijn broeder Jakob.

VersbegrippenGewichten En Maten, AfstandenMensen Die Afscheid Nemen

Dit nu zijn de geboorten van Ezau, de vader der Edomieten, op het gebergte van Seir.

Dit zijn de namen der zonen van Ezau: Elifaz, de zoon van Ada, Ezau's huisvrouw; Rehuel, de zoon van Basmath, Ezau's huisvrouw.

En de zonen van Elifaz waren: Teman, Omar, Zefo, en Gaetam, en Kenaz.

En Timna was een bijwijf van Elifaz, den zoon van Ezau, en zij baarde aan Elifaz Amalek; dit zijn de zonen van Ada, Ezau's huisvrouw.

Verse ConceptsConcubines

En dit zijn de zonen van Rehuel: Nahath, en Zerah, Samma en Mizza; dat zijn geweest de zonen van Basmath, Ezau's huisvrouw.

En dit zijn geweest de zonen van Aholibama, dochter van Ana, dochter van Zibeon, Ezau's huisvrouw; en zij baarde aan Ezau Jehus, en Jaelam, en Korah.

VersbegrippenKleinkinderen

Dit zijn de vorsten der zonen van Ezau: de zonen van Elifaz, den eerstgeborene van Ezau, waren: de vorst Teman, de vorst Omar, de vorst Zefo, de vorst Kenaz.

VersbegrippenEerstgeboreneEerstgeboren Zonen

De vorst Korah, de vorst Gaetam, de vorst Amalek; dat zijn de vorsten van Elifaz in het land Edom; dat zijn de zonen van Ada.

En dit zijn de zonen van Rehuel, den zoon van Ezau: de vorst Nahath, de vorst Zera, de vorst Samma, de vorst Mizza; dat zijn de vorsten van Rehuel in het land Edom; dat zijn de zonen van Basmath, de huisvrouw van Ezau.

En dit zijn de zonen van Aholibama, de huisvrouw van Ezau: de vorst Jehus, de vorst Jaelam, de vorst Korah; dat zijn de vorsten van Aholibama, de dochter van Ana, de huisvrouw van Ezau.

Dat zijn de zonen van Ezau, en dat zijn hunlieder vorsten; hij is Edom.

Dit zijn de zonen van Seir, den Horiet, inwoners van dat land: Lotan, en Sobal, en Zibeon, en Ana,

En Dison, en Ezer, en Disan; dat zijn de vorsten der Horieten, zonen van Seir, in het land van Edom.

VersbegrippenHeersers Van Edom

En de zonen van Lotan waren Hori en Hemam; en Lotans zuster was Timna.

VersbegrippenGenoemde Zusters

En dit zijn de zonen van Sobal: Alvan en Manahath, en Ebal, en Sefo, en Onam.

En dit zijn de zonen van Zibeon: Aja en Ana, hij is die Ana, die de muilen in de woestijn gevonden heeft, toen hij de ezels van zijn vader Zibeon weidde.

VersbegrippenMuilezelsZij Die Voorraad Hadden

En dit zijn de zonen van Ana: Dison; en Aholibama was de dochter van Ana.

Public domain