'Zijn' in de Bijbel
- 1.Genesis 1:7-Genesis 13:10
- 2.Genesis 13:17-Genesis 25:19
- 3.Genesis 25:21-Genesis 32:6
- 4.Genesis 32:13-Genesis 38:25
- 5.Genesis 38:28-Genesis 46:1
- 6.Genesis 46:4-Exodus 5:13
- 7.Exodus 5:19-Exodus 18:1
- 8.Exodus 18:5-Exodus 27:1
- 9.Exodus 27:2-Exodus 32:29
- 10.Exodus 33:4-Leviticus 4:33
- 11.Leviticus 4:34-Leviticus 11:37
- 12.Leviticus 11:38-Leviticus 16:17
- 13.Leviticus 16:19-Leviticus 25:2
- 14.Leviticus 25:4-Numberi 2:23
- 15.Numberi 2:25-Numberi 8:8
- 16.Numberi 8:11-Numberi 19:18
- 17.Numberi 19:19-Numberi 28:31
- 18.Numberi 29:1-Deuteronomium 4:6
- 19.Deuteronomium 4:7-Deuteronomium 14:29
- 20.Deuteronomium 15:2-Deuteronomium 25:10
- 21.Deuteronomium 25:11-Deuteronomium 33:6
- 22.Deuteronomium 33:7-Jozua 17:18
- 23.Jozua 18:5-Richteren 8:20
- 24.Richteren 8:21-Richteren 18:30
- 25.Richteren 19:2-1 Samuël 7:1
- 26.1 Samuël 7:17-1 Samuël 17:40
- 27.1 Samuël 17:41-1 Samuël 25:30
- 28.1 Samuël 25:31-2 Samuël 5:21
- 29.2 Samuël 6:6-2 Samuël 15:35
- 30.2 Samuël 15:36-1 Koningen 1:23
- 31.1 Koningen 1:24-1 Koningen 9:22
- 32.1 Koningen 9:27-1 Koningen 18:46
- 33.1 Koningen 19:3-2 Koningen 5:22
- 34.2 Koningen 5:23-2 Koningen 15:15
- 35.2 Koningen 15:18-1 Kronieken 1:29
- 36.1 Kronieken 1:31-1 Kronieken 8:39
- 37.1 Kronieken 9:1-1 Kronieken 22:9
- 38.1 Kronieken 22:10-2 Kronieken 4:22
- 39.2 Kronieken 5:1-2 Kronieken 20:21
- 40.2 Kronieken 20:25-2 Kronieken 32:30
- 41.2 Kronieken 32:31-Nehemia 1:3
- 42.Nehemia 1:5-Esther 5:1
- 43.Esther 5:2-Job 10:8
- 44.Job 10:17-Job 21:20
- 45.Job 21:21-Job 35:8
- 46.Job 35:14-Psalmen 10:6
- 47.Psalmen 10:7-Psalmen 35:14
- 48.Psalmen 35:19-Psalmen 62:3
- 49.Psalmen 62:4-Psalmen 83:8
- 50.Psalmen 83:10-Psalmen 105:2
- 51.Psalmen 105:4-Psalmen 119:82
- 52.Psalmen 119:84-Psalmen 145:3
- 53.Psalmen 145:9-Spreuken 12:8
- 54.Spreuken 12:10-Spreuken 20:17
- 55.Spreuken 20:19-Spreuken 30:24
- 56.Spreuken 30:25-Hooglied 4:1
- 57.Hooglied 4:2-Jesaja 9:16
- 58.Jesaja 9:18-Jesaja 24:23
- 59.Jesaja 25:1-Jesaja 37:3
- 60.Jesaja 37:4-Jesaja 53:7
- 61.Jesaja 53:8-Jeremia 3:22
- 62.Jeremia 3:25-Jeremia 15:18
- 63.Jeremia 15:19-Jeremia 30:22
- 64.Jeremia 31:1-Jeremia 46:10
- 65.Jeremia 46:12-Klaagliederen 1:10
- 66.Klaagliederen 1:14-Ezechiël 12:3
- 67.Ezechiël 12:12-Ezechiël 23:23
- 68.Ezechiël 23:34-Ezechiël 34:5
- 69.Ezechiël 34:6-Ezechiël 45:16
- 70.Ezechiël 45:21-Daniël 5:7
- 71.Daniël 5:9-Hosea 1:9
- 72.Hosea 1:10-Amos 4:13
- 73.Amos 5:8-Nahum 3:12
- 74.Nahum 3:16-Zacharia 4:2
- 75.Zacharia 4:4-Mattheüs 2:21
- 76.Mattheüs 2:22-Mattheüs 12:1
- 77.Mattheüs 12:5-Mattheüs 21:37
- 78.Mattheüs 21:38-Markus 1:28
- 79.Markus 1:36-Markus 10:10
- 80.Markus 10:11-Lukas 2:49
- 81.Lukas 2:51-Lukas 11:21
- 82.Lukas 11:22-Lukas 20:33
- 83.Lukas 20:35-Johannes 6:22
- 84.Johannes 6:24-Johannes 18:2
- 85.Johannes 18:10-Handelingen 10:17
- 86.Handelingen 10:24-Romeinen 1:21
- 87.Romeinen 1:22-Romeinen 14:5
- 88.Romeinen 14:8-1 Corinthiërs 12:22
- 89.1 Corinthiërs 12:23-2 Corinthiër 13:7
- 90.2 Corinthiër 13:9-Colossenzen 1:20
- 91.Colossenzen 1:24-2 Timotheüs 2:26
- 92.2 Timotheüs 3:2-Hebreeën 11:29
- 93.Hebreeën 11:30-1 Johannes 3:10
- 94.1 Johannes 3:12-Openbaring 9:20
- 95.Openbaring 10:1-Openbaring 22:6
- 96.Openbaring 22:12-Openbaring 22:19
En ik zag een anderen sterken engel, afkomende van den hemel, die bekleed was met een wolk; en een regenboog was boven zijn hoofd; en zijn aangezicht was als de zon, en zijn voeten waren als pilaren van vuur.
En hij had in zijn hand een boeksken, dat geopend was; en hij zette zijn rechtervoet op de zee, en den linker op de aarde.
En de engel, dien ik zag staan op de zee, en op de aarde, hief zijn hand op naar den hemel;
En hij zwoer bij Dien, Die leeft in alle eeuwigheid, Die den hemel geschapen heeft en hetgeen daarin is, en de aarde en hetgeen daarin is, en de zee en hetgeen daarin is, dat er geen tijd meer zal zijn;
Maar in de dagen der stem des zevenden engels, wanneer hij bazuinen zal, zo zal de verborgenheid Gods vervuld worden, gelijk Hij Zijn dienstknechten, den profeten, verkondigd heeft.
En ik ging henen tot den engel, zeggende tot hem: Geef mij dat boeksken. En hij zeide tot mij: Neem dat en eet het op; en het zal uw buik bitter maken, maar in uw mond zal het zoet zijn als honig.
Dezen zijn de twee olijfbomen, en de twee kandelaren, die voor den God der aarde staan.
En die op de aarde wonen, die zullen verblijd zijn over hen, en zullen vreugde bedrijven, en zullen elkander geschenken zenden; omdat deze twee profeten degenen, die op de aarde wonen, gepijnigd hadden.
En in diezelfde ure geschiedde een grote aardbeving, en het tiende deel der stad is gevallen, en er zijn in de aardbeving gedood zeven duizend namen van mensen, en de overigen zijn zeer bevreesd geworden, en hebben den God des hemels heerlijkheid gegeven.
En de zevende engel heeft gebazuind, en er geschiedden grote stemmen in den hemel, zeggende: De koninkrijken der wereld zijn geworden onzes Heeren en van Zijn Christus, en Hij zal als Koning heersen in alle eeuwigheid.
En de tempel Gods in de hemel is geopend geworden, en de ark Zijns verbonds is gezien in Zijn tempel; en er werden bliksemen, en stemmen, en donderslagen, en aardbeving, en grote hagel.
En er werd een ander teken gezien in den hemel; en ziet, er was een grote rode draak, hebbende zeven hoofden, en tien hoornen, en op zijn hoofden zeven koninklijke hoeden.
En zijn staart trok het derde deel der sterren des hemels, en wierp die op de aarde. En de draak stond voor de vrouw, die baren zou, opdat hij haar kind zou verslinden, wanneer zij het zou gebaard hebben.
En zij baarde een mannelijken zoon, die al de heidenen zou hoeden met een ijzeren roede; en haar kind werd weggerukt tot God en Zijn troon.
En er werd krijg in den hemel; Michael en zijn engelen krijgden tegen den draak, en de draak krijgde ook en zijn engelen.
En de grote draak is geworpen, namelijk de oude slang, welke genaamd wordt duivel en satanas, die de gehele wereld verleidt, hij is, zeg ik, geworpen op de aarde; en zijn engelen zijn met hem geworpen.
En ik hoorde een grote stem, zeggende in den hemel: Nu is de zaligheid, en de kracht, en het koninkrijk geworden onzes Gods; en de macht van Zijn Christus; want de verklager onzer broederen, die hen verklaagde voor onzen God dag en nacht is nedergeworpen.
En der vrouwe zijn gegeven twee vleugelen eens groten arends, opdat zij zou vliegen in de woestijn, in haar plaats, alwaar zij gevoed wordt een tijd, en tijden, en een halven tijd, buiten het gezicht der slang.
En de aarde kwam de vrouw te hulp, en de aarde opende haar mond, en verzwolg de rivier, welke de draak uit zijn mond had geworpen.
En ik zag uit de zee een beest opkomen, hebbende zeven hoofden en tien hoornen; en op zijn hoornen waren tien koninklijke hoeden, en op zijn hoofden was een naam van gods lastering.
En het beest dat ik zag, was een pardel gelijk, en zijn voeten als eens beers voeten, en zijn mond als de mond eens leeuws; en de draak gaf hem zijn kracht, en zijn troon, en grote macht.
En ik zag een van zijn hoofden als tot den dood gewond, en zijn dodelijke wonde werd genezen; en de gehele aarde verwonderde zich achter het beest.
En het opende zijn mond tot lastering tegen God, om Zijn Naam te lasteren, en Zijn tabernakel, en die in den hemel wonen.
En allen, die op de aarde wonen, zullen hetzelve aanbidden, welker namen niet zijn geschreven in het boek des levens, des Lams, Dat geslacht is, van de grondlegging der wereld.
En verleidt degenen, die op de aarde wonen, door de tekenen, die aan hetzelve toe doen gegeven zijn in de tegenwoordigheid van het beest; zeggende tot degenen, die op de aarde wonen, dat zij het beest, dat de wond des zwaards had, en weder leefde, een beeld zouden maken.
Hier is de wijsheid: die het verstand heeft, rekene het getal van het beest; want het is een getal eens mensen, en zijn getal is zeshonderd zes en zestig.
Dezen zijn het, die met vrouwen niet bevlekt zijn, want zij zijn maagden; dezen zijn het, die het Lam volgen, waar Het ook heengaat; dezen zijn gekocht uit de mensen, tot eerstelingen Gode en het Lam.
En in hun mond is geen bedrog gevonden; want zij zijn onberispelijk voor den troon van God.
En een derde engel is hen gevolgd, zeggende met een grote stem: Indien iemand het beest aanbidt en zijn beeld, en ontvangt het merkteken aan zijn voorhoofd, of aan zijn hand,
En de rook van hun pijniging gaat op in alle eeuwigheid, en zij hebben geen rust dag en nacht, die het beest aanbidden en zijn beeld, en zo iemand het merkteken zijns naams ontvangt.
Hier is de lijdzaamheid der heiligen; hier zijn zij, die de geboden Gods bewaren en het geloof van Jezus.
En ik hoorde een stem uit den hemel, die tot mij zeide: Schrijf, zalig zijn de doden, die in den Heere sterven, van nu aan. Ja, zegt de Geest, opdat zij rusten mogen van hun arbeid; en hun werken volgen met hen.
En ik zag, en ziet, een witte wolk, en op de wolk was Een gezeten, des mensen Zoon gelijk, hebbende op Zijn hoofd een gouden kroon; en in Zijn hand een scherpe sikkel.
En Die op de wolk zat, zond Zijn sikkel op de aarde, en de aarde werd gemaaid.
En een andere engel kwam uit van het altaar, die macht had over het vuur; en hij riep met een groot geroep, tot dengene, die de scherpe sikkel had, zeggende: Zend uw scherpe sikkel, en snijd af de druiftakken van den wijngaard der aarde, want zijn druiven zijn rijp.
En de engel zond zijn sikkel op de aarde en sneed de druiven af van den wijngaard der aarde, en wierp ze in den groten wijnpersbak des toorns Gods.
En ik zag als een glazen zee, met vuur gemengd; en die de overwinning hadden van het beest, en van zijn beeld, en van zijn merkteken, en van het getal zijns naams, welke stonden aan de glazen zee, hebbende de citers Gods;
En zij zongen het gezang van Mozes, den dienstknecht Gods, en het gezang des Lams, zeggende: Groot en wonderlijk zijn Uw werken, Heere, Gij almachtige God, rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Gij Koning der heiligen!
Wie zou U niet vrezen, Heere, en Uw Naam niet verheerlijken? Want Gij zijt alleen heilig; want alle volken zullen komen, en voor U aanbidden; want Uw oordelen zijn openbaar geworden.
En de tempel werd vervuld met rook uit de heerlijkheid Gods, en uit Zijn kracht; en niemand kon in den tempel ingaan, totdat de zeven plagen der zeven engelen geeindigd waren.
En de eerste ging henen, en goot zijn fiool uit op de aarde; en er werd een kwaad en boos gezweer aan de mensen, die het merkteken van het beest hadden, en die zijn beeld aanbaden.
En de tweede engel goot zijn fiool uit in de zee, en zij werd bloed als van een dode; en alle levende ziel is gestorven in de zee.
En de derde engel goot zijn fiool uit in de rivieren en in de fonteinen der wateren; en de wateren werden bloed.
En ik hoorde den engel der wateren zeggen: Gij zijt rechtvaardig, Heere! Die is, en Die was, en Die zijn zal, dat Gij dit geoordeeld hebt;
Dewijl zij het bloed der heiligen, en der profeten vergoten hebben, zo hebt Gij hun ook bloed te drinken gegeven; want zij zijn het waardig.
En ik hoorde een anderen van het altaar zeggen: Ja, Heere, Gij almachtige God! Uwe oordelen zijn waarachtig en rechtvaardig.
En de vierde engel goot zijn fiool uit op de zon; en haar is macht gegeven de mensen te verhitten door vuur.
En de vijfde engel goot zijn fiool uit op den troon van het beest; en zijn rijk is verduisterd geworden; en zij kauwden hun tongen van pijn;
En de zesde engel goot zijn fiool uit op de grote rivier, den Eufraat; en zijn water is uitgedroogd, opdat bereid zou worden de weg der koningen, die van den opgang der zon komen zullen.
Want het zijn geesten der duivelen, en zij doen tekenen, welke uitgaan tot de koningen der aarde en der gehele wereld, om die te vergaderen tot den krijg van dien groten dag des almachtigen Gods.
Zie, Ik kom als een dief. Zalig is hij, die waakt en zijn klederen bewaart, opdat hij niet naakt wandele, en men zijn schaamte niet zie.
En de zevende engel goot zijn fiool uit in de lucht; en er kwam een grote stem uit den tempel des hemels, van den troon, zeggende: Het is geschied!
En er geschiedden stemmen, en donderslagen, en bliksemen; en er geschiedde een grote aardbeving, hoedanige niet is geschied van dat de mensen op de aarde geweest zijn, namelijk een zodanige aardbeving en zo groot.
En de grote stad is in drie delen gescheurd, en de steden der heidenen zijn gevallen; en het grote Babylon is gedacht geworden voor God, om haar te geven den drinkbeker van den wijn des toorns Zijner gramschap.
En alle eiland is gevloden, en de bergen zijn niet gevonden.
Met welke de koningen der aarde gehoereerd hebben, en die de aarde bewonen zijn dronken geworden van den wijn harer hoererij.
Het beest, dat gij gezien hebt, was en is niet; en het zal opkomen uit den afgrond, en ten verderve gaan; en die op de aarde wonen, zullen verwonderd zijn (welker namen niet zijn geschreven in het boek des levens van de grondlegging der wereld), ziende het beest, dat was en niet is, hoewel het is.
Hier is het verstand, dat wijsheid heeft. De zeven hoofden zijn zeven bergen, op welke de vrouw zit.
En het zijn ook zeven koningen; de vijf zijn gevallen, en de een is, en de ander is nog niet gekomen, en wanneer hij zal gekomen zijn, moet hij een weinig tijds blijven.
En de tien hoornen, die gij gezien hebt, zijn tien koningen, die het koninkrijk nog niet hebben ontvangen, maar als koningen macht ontvangen op een ure met het beest.
Dezen zullen tegen het Lam krijgen, en het Lam zal hen overwinnen (want Het is een Heere der heren, en een Koning der koningen), en die met Hem zijn, de geroepenen, en uitverkorenen en gelovigen.
En hij zeide tot mij: De wateren, die gij gezien hebt, waar de hoer zit, zijn volken, en scharen, en natien, en tongen.
Want God heeft hun in hun harten gegeven, dat zij Zijn mening doen, en dat zij enerlei mening doen, en dat zij hun koninkrijk het beest geven, totdat de woorden Gods voleindigd zullen zijn.
En na dezen zag ik een anderen engel afkomen uit den hemel, hebbende grote macht, en de aarde is verlicht geworden van zijn heerlijkheid.
Dewijl uit den wijn des toorns harer hoererij alle volken gedronken hebben, en de koningen der aarde met haar gehoereerd hebben, en de kooplieden der aarde rijk zijn geworden uit de kracht harer weelde.
Want haar zonden zijn de ene op de andere gevolgd tot den hemel toe, en God is harer ongerechtigheden gedachtig geworden.
En zij wierpen stof op hun hoofden, en riepen, wenende en rouw bedrijvende, zeggende: Wee, wee, de grote stad, in dewelke allen, die schepen in de zee hadden, van haar kostelijkheid rijk geworden zijn; want zij is in een ure verwoest geworden.
En het licht der kaars zal in u niet meer schijnen; en de stem eens bruidegoms en ener bruid zal in u niet meer gehoord worden; want uw kooplieden waren de groten der aarde, want door uw toverij zijn alle volken verleid geweest.
En in dezelve is gevonden het bloed der profeten en der heiligen, en al dergenen, die gedood zijn op de aarde.
Want Zijn oordelen zijn waarachtig en rechtvaardig; dewijl Hij de grote hoer geoordeeld heeft, die de aarde verdorven heeft met haar hoererij, en Hij het bloed Zijner dienaren van haar hand gewroken heeft.
En een stem kwam uit den troon, zeggende: Looft onzen God, gij al Zijn dienstknechten, en gij, die Hem vreest, beiden klein en groot!
Laat ons blijde zijn, en vreugde bedrijven, en Hem de heerlijkheid geven; want de bruiloft des Lams is gekomen, en Zijn vrouw heeft zichzelve bereid.
En haar is gegeven, dat zij bekleed worde met rein en blinkend fijn lijnwaad; want dit fijn lijnwaad zijn de rechtvaardigmakingen der heiligen.
En hij zeide tot mij: Schrijf, zalig zijn zij, die geroepen zijn tot het avondmaal van de bruiloft des Lams. En hij zeide tot mij: Deze zijn de waarachtige woorden Gods.
En ik viel neder voor zijn voeten, om hem te aanbidden, en hij zeide tot mij: Zie, dat gij dat niet doet; ik ben uw mededienstknecht, en uwer broederen, die de getuigenis van Jezus hebben; aanbid God. Want de getuigenis van Jezus is de geest der profetie.
En Zijn ogen waren als een vlam vuurs, en op Zijn hoofd waren vele koninklijke hoeden; en Hij had een naam geschreven, die niemand wist, dan Hijzelf.
En Hij was bekleed met een kleed, dat met bloed geverfd was; en Zijn naam wordt genoemd het Woord Gods.
En uit Zijn mond ging een scherp zwaard, opdat Hij daarmede de heidenen slaan zou. En Hij zal hen hoeden met een ijzeren roede; en Hij treedt den wijnpersbak van den wijn des toorns en der gramschap des almachtigen Gods.
En Hij heeft op Zijn kleed en op Zijn dij dezen Naam geschreven: Koning der koningen, en Heere der heren.
En ik zag het beest, en de koningen der aarde, en hun heirlegers vergaderd, om krijg te voeren tegen Hem, Die op het paard zat, en tegen Zijn heirlegers.
En het beest werd gegrepen, en met hetzelve de valse profeet, die de tekenen in de tegenwoordigheid van hetzelve gedaan had, door welke hij verleid had, die het merkteken van het beest ontvangen hadden, en die deszelfs beeld aanbaden. Deze twee zijn levend geworpen in den poel des vuurs, die met sulfer brandt.
En de overigen werden gedood met het zwaard Desgenen, Die op het paard zat, hetwelk uit Zijn mond ging; en al de vogelen werden verzadigd van hun vlees.
En ik zag een engel afkomen uit den hemel, hebbende den sleutel des afgronds, en een grote keten in zijn hand;
En wierp hem in den afgrond, en sloot hem daarin, en verzegelde dien boven hem, opdat hij de volken niet meer verleiden zou, totdat de duizend jaren zouden geeindigd zijn. En daarna moet hij een kleinen tijd ontbonden worden.
Zalig en heilig is hij, die deel heeft in de eerste opstanding; over deze heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen heersen duizend jaren.
En wanneer de duizend jaren zullen geeindigd zijn, zal de satanas uit zijn gevangenis ontbonden worden.
En hij zal uitgaan om de volken te verleiden, die in de vier hoeken der aarde zijn, den Gog en den Magog, om hen te vergaderen tot den krijg; welker getal is als het zand aan de zee.
En zij zijn opgekomen op de breedte der aarde, en omringden de legerplaats der heiligen, en de geliefde stad; en er kwam vuur neder van God uit den hemel, en heeft hen verslonden.
En de duivel, die hen verleidde, werd geworpen in den poel des vuurs en sulfers, alwaar het beest en de valse profeet zijn; en zij zullen gepijnigd worden dag en nacht in alle eeuwigheid.
En ik hoorde een grote stem uit den hemel, zeggende: Ziet, de tabernakel Gods is bij de mensen, en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen Zijn volk zijn, en God Zelf zal bij hen en hun God zijn.
En God zal alle tranen van hun ogen afwissen; en de dood zal niet meer zijn; noch rouw, noch gekrijt, noch moeite zal meer zijn; want de eerste dingen zijn weggegaan.
En Die op den troon zat, zeide: Ziet, Ik maak alle dingen nieuw. En Hij zeide tot mij: Schrijf, want deze woorden zijn waarachtig en getrouw.
Die overwint, zal alles beerven; en Ik zal hem een God zijn, en hij zal Mij een zoon zijn.
En zij had een groten en hogen muur, en had twaalf poorten, en in de poorten twaalf engelen, en namen daarop geschreven, welken zijn de namen der twaalf geslachten der kinderen Israels.
En haar poorten zullen niet gesloten worden des daags; want aldaar zal geen nacht zijn.
En in haar zal niet inkomen iets, dat ontreinigt, en gruwelijkheid doet, en leugen spreekt; maar die geschreven zijn in het boek des levens des Lams.
En geen vervloeking zal er meer tegen iemand zijn; en de troon Gods en des Lams zal daarin zijn, en Zijn dienstknechten zullen Hem dienen;
En zullen Zijn aangezicht zien, en Zijn Naam zal op hun voorhoofden zijn.
En aldaar zal geen nacht zijn, en zij zullen geen kaars noch licht der zon van node hebben; want de Heere God verlicht hen; en zij zullen als koningen heersen in alle eeuwigheid.
En hij zeide tot mij: Deze woorden zijn getrouw en waarachtig; en de Heere, de God der heilige profeten, heeft Zijn engel gezonden, om Zijn dienstknechten te tonen, hetgeen haast moet geschieden.
Zoekresultaten vervolgd...
- 1.Genesis 1:7-Genesis 13:10
- 2.Genesis 13:17-Genesis 25:19
- 3.Genesis 25:21-Genesis 32:6
- 4.Genesis 32:13-Genesis 38:25
- 5.Genesis 38:28-Genesis 46:1
- 6.Genesis 46:4-Exodus 5:13
- 7.Exodus 5:19-Exodus 18:1
- 8.Exodus 18:5-Exodus 27:1
- 9.Exodus 27:2-Exodus 32:29
- 10.Exodus 33:4-Leviticus 4:33
- 11.Leviticus 4:34-Leviticus 11:37
- 12.Leviticus 11:38-Leviticus 16:17
- 13.Leviticus 16:19-Leviticus 25:2
- 14.Leviticus 25:4-Numberi 2:23
- 15.Numberi 2:25-Numberi 8:8
- 16.Numberi 8:11-Numberi 19:18
- 17.Numberi 19:19-Numberi 28:31
- 18.Numberi 29:1-Deuteronomium 4:6
- 19.Deuteronomium 4:7-Deuteronomium 14:29
- 20.Deuteronomium 15:2-Deuteronomium 25:10
- 21.Deuteronomium 25:11-Deuteronomium 33:6
- 22.Deuteronomium 33:7-Jozua 17:18
- 23.Jozua 18:5-Richteren 8:20
- 24.Richteren 8:21-Richteren 18:30
- 25.Richteren 19:2-1 Samuël 7:1
- 26.1 Samuël 7:17-1 Samuël 17:40
- 27.1 Samuël 17:41-1 Samuël 25:30
- 28.1 Samuël 25:31-2 Samuël 5:21
- 29.2 Samuël 6:6-2 Samuël 15:35
- 30.2 Samuël 15:36-1 Koningen 1:23
- 31.1 Koningen 1:24-1 Koningen 9:22
- 32.1 Koningen 9:27-1 Koningen 18:46
- 33.1 Koningen 19:3-2 Koningen 5:22
- 34.2 Koningen 5:23-2 Koningen 15:15
- 35.2 Koningen 15:18-1 Kronieken 1:29
- 36.1 Kronieken 1:31-1 Kronieken 8:39
- 37.1 Kronieken 9:1-1 Kronieken 22:9
- 38.1 Kronieken 22:10-2 Kronieken 4:22
- 39.2 Kronieken 5:1-2 Kronieken 20:21
- 40.2 Kronieken 20:25-2 Kronieken 32:30
- 41.2 Kronieken 32:31-Nehemia 1:3
- 42.Nehemia 1:5-Esther 5:1
- 43.Esther 5:2-Job 10:8
- 44.Job 10:17-Job 21:20
- 45.Job 21:21-Job 35:8
- 46.Job 35:14-Psalmen 10:6
- 47.Psalmen 10:7-Psalmen 35:14
- 48.Psalmen 35:19-Psalmen 62:3
- 49.Psalmen 62:4-Psalmen 83:8
- 50.Psalmen 83:10-Psalmen 105:2
- 51.Psalmen 105:4-Psalmen 119:82
- 52.Psalmen 119:84-Psalmen 145:3
- 53.Psalmen 145:9-Spreuken 12:8
- 54.Spreuken 12:10-Spreuken 20:17
- 55.Spreuken 20:19-Spreuken 30:24
- 56.Spreuken 30:25-Hooglied 4:1
- 57.Hooglied 4:2-Jesaja 9:16
- 58.Jesaja 9:18-Jesaja 24:23
- 59.Jesaja 25:1-Jesaja 37:3
- 60.Jesaja 37:4-Jesaja 53:7
- 61.Jesaja 53:8-Jeremia 3:22
- 62.Jeremia 3:25-Jeremia 15:18
- 63.Jeremia 15:19-Jeremia 30:22
- 64.Jeremia 31:1-Jeremia 46:10
- 65.Jeremia 46:12-Klaagliederen 1:10
- 66.Klaagliederen 1:14-Ezechiël 12:3
- 67.Ezechiël 12:12-Ezechiël 23:23
- 68.Ezechiël 23:34-Ezechiël 34:5
- 69.Ezechiël 34:6-Ezechiël 45:16
- 70.Ezechiël 45:21-Daniël 5:7
- 71.Daniël 5:9-Hosea 1:9
- 72.Hosea 1:10-Amos 4:13
- 73.Amos 5:8-Nahum 3:12
- 74.Nahum 3:16-Zacharia 4:2
- 75.Zacharia 4:4-Mattheüs 2:21
- 76.Mattheüs 2:22-Mattheüs 12:1
- 77.Mattheüs 12:5-Mattheüs 21:37
- 78.Mattheüs 21:38-Markus 1:28
- 79.Markus 1:36-Markus 10:10
- 80.Markus 10:11-Lukas 2:49
- 81.Lukas 2:51-Lukas 11:21
- 82.Lukas 11:22-Lukas 20:33
- 83.Lukas 20:35-Johannes 6:22
- 84.Johannes 6:24-Johannes 18:2
- 85.Johannes 18:10-Handelingen 10:17
- 86.Handelingen 10:24-Romeinen 1:21
- 87.Romeinen 1:22-Romeinen 14:5
- 88.Romeinen 14:8-1 Corinthiërs 12:22
- 89.1 Corinthiërs 12:23-2 Corinthiër 13:7
- 90.2 Corinthiër 13:9-Colossenzen 1:20
- 91.Colossenzen 1:24-2 Timotheüs 2:26
- 92.2 Timotheüs 3:2-Hebreeën 11:29
- 93.Hebreeën 11:30-1 Johannes 3:10
- 94.1 Johannes 3:12-Openbaring 9:20
- 95.Openbaring 10:1-Openbaring 22:6
- 96.Openbaring 22:12-Openbaring 22:19
Zoekresultaten op Versies
Zoekresultaten op Boek
- Genesis (568)
- Exodus (387)
- Leviticus (418)
- Numberi (401)
- Deuteronomium (343)
- Jozua (126)
- Richteren (189)
- Ruth (24)
- 1 Samuël (294)
- 2 Samuël (239)
- 1 Koningen (263)
- 2 Koningen (243)
- 1 Kronieken (284)
- 2 Kronieken (266)
- Ezra (54)
- Nehemia (79)
- Esther (46)
- Job (348)
- Psalmen (652)
- Spreuken (283)
- Prediker (77)
- Hooglied (44)
- Jesaja (458)
- Jeremia (409)
- Klaagliederen (56)
- Ezechiël (394)
- Daniël (153)
- Hosea (65)
- Joël (23)
- Amos (38)
- Obadja (11)
- Jona (8)
- Micha (41)
- Nahum (18)
- Habakuk (23)
- Zefanja (20)
- Haggaï (38)
- Zacharia (81)
- Maleachi (19)
- Mattheüs (308)
- Markus (165)
- Lukas (290)
- Johannes (183)
- Handelingen (165)
- Romeinen (124)
- 1 Corinthiërs (116)
- 2 Corinthiër (68)
- Galaten (34)
- Efeziërs (29)
- Filippenzen (29)
- Colossenzen (25)
- 1 Thessalonicenzen (32)
- 2 Thessalonicenzen (6)
- 1 Timotheüs (30)
- 2 Timotheüs (21)
- Titus (23)
- Filémon (2)
- Hebreeën (83)
- Jakobus (23)
- 1 Petrus (19)
- 2 Petrus (26)
- 1 Johannes (48)
- 2 Johannes (5)
- 3 Johannes (4)
- Judas (11)
- Openbaring (153)
Verwante onderwerpen
- Aanbieden Van Granen En Plengoffers
- Afkeer
- Alcohol
- Alles Gebeurt Voor Een Reden
- Alwetende God
- Astronomie
- Babylon
- Balans
- Begin
- Begrip
- Bereiken Van Hoge Leeftijd
- Bestraffing Door God
- Bewaarders
- Bewegingen Van Discipelen
- Beweringen
- Bezittingen
- Bijbelteksten Wachten Tot Het Huwelijk
- Blij Zijn En Van Het Leven Genieten
- Bloed
- Broers En Zussen
- Buigen
- Buitenaardse Wezens
- Christelijke Liefde
- Confirmatie Van Het Evangelie
- De Aard Van Discipelschap
- De Aard Van Menselijke Wijsheid
- De Daad Van Openen
- De Doden
- De Eerste Tempel
- De Functie Van Priesters In De Tijd Van OT
- De Gerechtigheid Van God
- De Goedheid Van God
- De Groei Van Gelovigen In Heiligheid
- De Grootheid Van God
- De Kracht Van God
- De Kracht Van Woorden
- De Menselijke Beschrijvingen Van God
- De Namen Voor Christus
- De Ouders Verlaten Voor De Echtgenoot
- De Regenboog
- De Rijken
- De Wederkomst
- De Zon
- Deelname In Christus
- Dienaren Van De Heer
- Dienend Leiderschap
- Discipelschap
- Dochters
- Dood
- Dood Van Een Familielid
- Dwazen
- Een Baby Verwachten
- Een Goede Man
- Een Nieuwe Start
- Eenheid Is Het Doel Van God
- Eerstgeboren Zonen
- Eerstgeborene
- Einde Van Dagen
- Erfgenamen
- Ethiek En Gratie
- Familie Eerst
- Familie Problemen
- Fouten
- Fultiliteit
- Funderingen
- Gebaren
- Geboden in OT
- Gehoorzaamheid
- Generaties
- Genoemde Individuen Doden
- Genoemde Profeten Van De Heer
- Gevallen En Verlost Hart
- Gevolgen Van Dwaasheid
- Gewaden
- Gewoonten In Verband Met Het Huwelijk
- Gezicht Van God
- God Als Rechter
- God Behagen
- God Dodend
- God Gehoorzamen
- God Met Specifieke Mensen
- God, De Eeuwige
- God, De Schepper
- Goddelijk Hart
- Goddelijke Beloning
- Gods Hand
- Gods Liefde Voor Ons
- Gods Onthulde Dingen
- Gods Plan Voor Ons
- Gods Redding Bekend Gemaakt
- Gods Schepping
- Gods Stem
- Gods Verborgen Dingen
- Gods Waarheid
- Gods Wil Kennen
- Gods Woord Is Rechtvaardig
- Goud
- Gouden Voorwerpen Voor Het Tabernakel
- Graad
- Grappen Maken
- Haar
- Haat
- Hand Van God
- Handicaps
- Haren
- Heersers
- Heiligen
- Heiligheid, Afzonderlijk Voor God
- Helden
- Hemel, Bevrijdde Gemeenschap
- Herder Als Beroep
- Het Doel Van God
- Het Graf
- Het Instituut Priesters In De Tijd Van OT
- Het Karakter Van Christus
- Het Kruis
- Historische Boeken
- Hoe Zal De Hemel Eruit Zien?
- Hoofden
- Huizen
- Huwelijk Tussen Man En Vrouw
- Ik Zal Hun God Zijn
- In De Tegenwoordigheid Van De Mens
- Insecten
- Karakter Van Heiligen
- Karakter Van Het Kwaad
- Kenmerken Van Dwazen
- Kleding
- Koningen Van Heel Israël Of Juda
- Korte Tijd Tot Het Einde
- Korte Tijd Voor Actie
- Kwellingen
- Laatste Dingen
- Lichaam
- Lijders
- Lijst van koningen van Israël
- Lippen
- Littekens
- Lof
- Menselijk Belang Van Wijsheid
- Menselijk Hart
- Menselijke Macht
- Mensen Met Toepasselijke Namen
- Mensenetende Dieren
- Messiaanse Profetieën
- Misbruik Van Liefde
- Moeders
- Monden
- Morele En Spirituele Zuiverheid
- Muren
- Nabijheid Van De Dood
- Nacht
- Namen En Titels Voor Christus
- Namen En Titels Voor De Christenen
- Nederlaag
- Ochtend
- Olie
- Olie Op Offers
- Oneerbiedigheid
- Ongelovigen Beschreven Als
- Onmogelijk
- Onrein Tot De Avond
- Onreine Zaken Aanraken
- Ontrouw Aan God
- Onzekerheid
- Ouders Die Fout Zijn
- Over De Discipelen Van Christus Zullen Lijden
- Overweldigd
- Overweldigd Zijn
- Overwinning Op Het Kwaad
- Paarden
- Passie
- Perfecte Offers
- Persoonlijke Ethiek
- Pijn En Verraad
- Plannen
- Plezier
- Poorten
- Priesters Die Verzoenen
- Regenboog
- Reine Kledij
- Relatie Tussen Vader En Zoon
- Rest
- Richting
- Rivieren
- Samenwerken
- Schaamte Zal Aankomen
- Schapen
- Schat
- Sexuele Immoraliteit
- Slaven Van God
- Spirituele Adoptie
- Strijdwagens
- Succes En Hard Werk
- Taal
- Tanden
- Tenten
- Toekomst
- Troon
- Trots
- Trouw
- Trouw Tot God
- Types
- Types Van Christus
- Uit Zichzelf Geven
- Uitrekken
- Vaders
- Vals Vertrouwen
- Valse Goden
- Veiligheid
- Verantwoordelijkheid
- Verbintenis Tot God
- Verlossing
- Verwezenlijkingen
- Verzoening
- Viering
- Vijanden Van Israël En Juda
- Vingers
- Visie
- Vleugels
- Voeten
- Volg De Geboden
- Volg De Geboden Van Christus
- Voorspellingen Over Christus
- Vreemdelingen
- Vriendelijkheid
- Vrienden
- Waardigheid
- Weten Over Gods Koninkrijk
- Woord Van God
- Zaden
- Zee
- Zegeningen Van God
- Zeven Dagen
- Zeven Dagen Voor Juridische Zaken
- Ziektes
- Zij Die Kledij Verscheurden
- Zij Die Vroeg Opstonden
- Zilver
- Zitten
- Zonde En De Aard Van God
- Zonen
- Homosexuelen