7742 gebeurtenissen

'Een' in de Bijbel

Toen maakten zich op de hoofden der vaderen van Juda en Benjamin, en de priesteren en de Levieten, benevens een iegelijk, wiens geest God verwekte, dat zij optrokken om te bouwen het huis des HEEREN, die te Jeruzalem woont.

VersbegrippenHuis Van GodHet Instituut Priesters In De Tijd Van OTStammen Van IsraëlDrangNaar Een Nieuwe Plek GaanJeruzalem

Dit zijn de kinderen van dat landschap, die optogen uit de gevangenis, van de weggevoerden, die Nebukadnezar, koning van Babel, weggevoerd had naar Babel, die naar Jeruzalem en Juda zijn wedergekeerd, een iegelijk naar zijn stad;

VersbegrippenTerugkeer Van BabylonJudaïsmeProvinciesBallingschap van Juda naar BabylonZij Die Uit Ballingschap Terugkwamen

De kinderen van Rama en Gaba, zeshonderd een en twintig.

VersbegrippenZes- Tot ZevenhonderdZeshonderd En Meer

En van de kinderen der priesteren, de kinderen van Habaja, de kinderen van Koz, de kinderen van Barzillai, die van de dochteren van Barzillai, den Gileadiet, een vrouw genomen had, en naar hun naam genoemd was.

VersbegrippenMensen Die Mensen Andere Namen GevenEen Vrouw Nemen

En Hattirsatha zeide tot hen, dat zij van de heiligste dingen niet zouden eten, totdat er een priester stond met urim en met thummim.

VersbegrippenDe Aard Van BedieningDe Urim en TummimUrim En Tummin

Zij gaven naar hun vermogen tot den schat des werks, aan goud, een en zestig duizend drachmen, en aan zilver, vijf duizend ponden, en honderd priesterrokken.

VersbegrippenBezittingen GevenMunstelselGoudOpslaanGeldstukkenHonderdKledij Van PriestersHoge BenoemingenGeld Voor De Tempel

Toen nu de zevende maand aankwam, en de kinderen Israels in de steden waren, verzamelde zich het volk, als een enig man, te Jeruzalem.

VersbegrippenBijeenkomstDe Geschiedenis Van JeruzalemHerfstVerenigde MensenMaand 7Maanden

Daarna ook het gedurig brandoffer, en van de nieuwe maanden, en van alle gezette hoogtijden des HEEREN, die geheiligd waren; ook van een ieder, die een vrijwillige offerande den HEERE vrijwilliglijk offerde.

VersbegrippenInwijdingGeobserveerde FestivalsVrije Wil

Toen stond Jesua, zijn zonen en zijn broederen, en Kadmiel met zijn zonen, kinderen van Juda, als een man, om opzicht te hebben over degenen, die het werk deden aan het huis Gods, met de zonen van Henadad, hun zonen en hun broederen, de Levieten.

VersbegrippenOpzichters

Maar Zerubbabel, en Jesua, en de overige hoofden der vaderen van Israel zeiden tot hen: Het betaamt niet, dat gijlieden en wij onzen God een huis bouwen; maar wij alleen zullen het den HEERE, den God Israels, bouwen, gelijk als de koning Kores, koning van Perzie, ons geboden heeft.

VersbegrippenGeboden in OTWat Hebben We Gemeenschappelijk?

En onder het koninkrijk van Ahasveros, in het begin zijns koninkrijks, schreven zij een aanklacht tegen de inwoners van Juda en Jeruzalem.

VersbegrippenSamaritanenBeschuldigingen, Bron VanBeschuldigingen, OT RechtssysteemMensen Die Mensen Beschuldigen

Rehum, de kanselier, en Simsai, de schrijver, schreven een brief tegen Jeruzalem, aan den koning Arthahsasta, op deze manier:

VersbegrippenArtaxerxes De KoningOfficierenHeidense Heersers

Dit is een afschrift des briefs, dien zij aan hem, aan den koning Arthahsasta, zonden: Uw knechten, de mannen aan deze zijde der rivier, en op zulken tijd.

VersbegrippenArtaxerxes De KoningDienstbaarheid In De MaatschappijKopieën Van DocumentenVoorbij De RivierVoorbij De Eufraat

Opdat men zoeke in het boek der kronieken uwer vaderen, zo zult gij vinden in het boek der kronieken, en weten, dat dezelve stad een rebelle stad geweest is, en den koningen en landschappen schade aanbrengende, en dat zij daarbinnen afval gesticht hebben, van oude tijden af; daarom is dezelve stad verwoest.

VersbegrippenArchievenBoekenOpslaanZoeken Voor Concrete DingenHistorische Boeken

Doch het oog huns Gods was over de oudsten der Joden, dat zij hun niet beletten, totdat de zaak aan Darius kwam, en zij alsdan daarover een brief wederbrachten.

VersbegrippenDe JodenGoddelijke WaakzaamheidGod Ziet De Rechtvaardigen

Zij zonden een verhaal aan hem; en daarin was aldus geschreven: Den koning Darius zij alle vrede.

VersbegrippenGroeten

En zij hebben ons dusdanig antwoord wedergegeven, zeggende: Wij zijn knechten van den God des hemels en der aarde, en bouwen het huis, dat vele jaren voor dezen is gebouwd geweest; want een groot koning van Israel had het gebouwd en voltrokken.

VersbegrippenHemel En AardeDienaren Van De HeerDe Tweede TempelWederopbouw

Ja, de vaten van Gods huis, welke van goud en zilver waren, die Nebukadnezar uit den tempel, die te Jeruzalem was, had weggenomen en dezelve gebracht in den tempel van Babel, die heeft de koning Kores uitgehaald uit den tempel van Babel, en zij zijn gegeven aan een, wiens naam was Sesbazar, dien hij tot een landvoogd had gesteld.

VersbegrippenBezittingen Naar Babylon BrengenBestuurdersGemengde Metalen NemenVerwijderd Tempelgereedschap

Zo het dan nu den koning goeddunkt, laat er gezocht worden in het schathuis des konings aldaar, dat te Babel is, of het zij, dat een bevel van den koning Kores gegeven zij, om dit huis Gods te Jeruzalem te bouwen; en dat men des konings believen hiervan tot ons zende.

VersbegrippenArchievenOpslaanZoeken Voor Concrete DingenDe Bevelen Van De Koning

En te Achmetha, in de burcht, die in het landschap Medie is, werd een rol gevonden; en daarin was aldus geschreven: GEDACHTENIS:

VersbegrippenArchievenRollenHistorische Boeken

Met drie rijen van groten steen, en een rij van nieuw hout; en de onkosten zullen uit des konings huis gegeven worden.

VersbegrippenDrie Delen Van Constructies

Voorts wordt bevel van mij gegeven, dat al dengene, die dit woord zal veranderen, een hout uit zijn huis zal gerukt en opgericht worden, waaraan hij zal worden opgehangen; en zijn huis zal om diens wille tot een drekhoop gemaakt worden.

VersbegrippenMisdadigersGalgDoodstrafHangenDe Legale Aspecten Van BestraffingPiercingsRommel

Want de priesters en de Levieten hadden zich gereinigd als een enig man; zij waren allen rein; en zij slachtten het pascha voor alle kinderen der gevangenis, en voor hun broederen, de priesteren, en voor zichzelven.

VersbegrippenLammerenZuiveringZichzelf ZuiverenOfferingen Doden

Deze Ezra toog op uit Babel; en hij was een vaardig schriftgeleerde in de wet van Mozes, die de HEERE, de God Israels, gegeven heeft; en de koning gaf hem, naar de hand des HEEREN, zijns Gods, over hem, al zijn verzoek.

VersbegrippenTerugkeer Van BabylonAan Anderen GevenHand Van GodDe Functie Van Priesters In De Tijd Van OTSchriftgeleerdenGods HandGeleerdenGods Handen Op MensenDe Wet Bestuderen

En zij brachten ons, naar de goede hand onzes Gods over ons, een man van verstand, van de kinderen van Mahli, den zoon van Levi, den zoon van Israel; namelijk Serebja, met zijn zonen en broederen, achttien;

VersbegrippenHand Van GodGods HandAchttienGods Handen Op Mensen

Toen riep ik aldaar een vasten uit aan de rivier Ahava, opdat wij ons verootmoedigden voor het aangezicht onzes Gods, om van Hem te verzoeken een rechten weg, voor ons, en voor onze kinderkens, en voor al onze have.

VersbegrippenRedenen Voor VastenDe Praktijk Van VastenHoudingen Van NederigheidReisVoorbeelden Van BerouwRivieren En StromenLeerbaarheidKanalenZich VernederenVastenVasten En Bidden

Want ik schaamde mij van den koning een heir en ruiters te begeren, om ons te helpen van den vijand, op den weg; omdat wij tot den koning hadden gesproken, zeggende: De hand onzes Gods is ten goede over allen, die Hem zoeken, maar Zijn sterkte en Zijn toorn over allen, die Hem verlaten.

VersbegrippenGod VerzakenGenade In OTHet Gevolg Van De Afwijzing Van GodWegenGods HandGevolgen Van Het Verzaken Van GodGods Handen Op MensenSchaamte Is Aangekomen

En nu is er, als een klein ogenblik, een genade geschied van den HEERE, onzen God, om ons een ontkoming over te laten, en ons een nagel te geven in Zijn heilige plaats, om onze ogen te verlichten, o onze God, en om ons een weinig levens te geven in onze dienstbaarheid.

VersbegrippenVerlichtingSpiritueel LichtRestGod Is GenadigHakenEen Korte TijdOverlevenden BevoordeeldKorte Tijd Voor ActieWederoplevingRuimteHeerlijkheid

Want wij zijn knechten; doch in onze dienstbaarheid heeft ons onze God niet verlaten; maar Hij heeft weldadigheid tot ons geneigd voor het aangezicht der koningen van Perzie, dat Hij ons een weinig levens gave, om het huis onzes Gods te verhogen, en de woestigheden van hetzelve op te richten, en om ons een tuin te geven in Juda en te Jeruzalem.

VersbegrippenVriendelijkheidOnvriendelijkMurenArcheologieGod Die Niet VerzaaktGroepen Van SlavenSlavernijWederopleving

Die Gij geboden hadt door den dienst Uwer knechten, de profeten, zeggende: Het land, waar gijlieden inkomt, om dat te erven, is een vuil land, door de vuiligheid van de volken der landen, om hun gruwelen, waarmede zij dat vervuild hebben, van het ene einde tot het andere einde, met hun onreinigheid.

VersbegrippenGod Sprak Door De ProfetenOnreine Dingen

En na alles, wat over ons gekomen is, om onze boze werken, en om onze grote schuld, omdat Gij, o onze God! belet hebt, dat wij niet te onder zijn vanwege onze ongerechtigheid, en hebt ons een ontkoming gegeven, als deze is;

VersbegrippenStraf Voor OnrechtvaardigheidRestOverlevenden Van Naties

Als Ezra alzo bad, en als hij deze belijdenis deed, wenende en zich voor Gods huis nederwerpende, verzamelde zich tot hem uit Israel een zeer grote gemeente van mannen, en vrouwen, en kinderen; want het volk weende met groot geween.

VersbegrippenMenigtesGebarenMenselijke Aspecten Van SchuldHuis Van GodGrootsheidGebed Als Vraag Voor GodSpijtVoorbeelden Van BerouwHeropleving Van BedrijvenVeroordeling Van ZondeReligieus OntwakenTranenGenoemde Personen Die BadenBiechten

Toen antwoordde Sechanja, de zoon van Jehiel, een van de zonen van Elam, en zeide tot Ezra: Wij hebben overtreden tegen onzen God, en wij hebben vreemde vrouwen van de volken des lands bij ons doen wonen; maar nu, er is hope voor Israel, dezen aangaande.

VersbegrippenHoop In GodOptimismeDeelname In ZondeOntrouw Tegenover God

Laat ons dan nu een verbond maken met onze God, dat wij al die vrouwen, en wat van haar geboren is, zullen doen uitgaan, naar den raad des HEEREN, en dergenen, die beven voor het gebod onzes Gods; en laat er gedaan worden naar de wet.

VersbegrippenBeperkingen Omtrent Het HuwelijkEerbied En Gods AardVerbondsrelatiesBevenWerkelijke ScheidingenLatere Verbonden Met God

En zij lieten een stem doorgaan door Juda en Jeruzalem, aan al de kinderen der gevangenis, dat zij zich te Jeruzalem zouden verzamelen.

VersbegrippenDe Geschiedenis Van JeruzalemConstructie Israël

Maar des volks is veel, en het is een tijd van plasregen, dat men hier buiten niet staan kan; en het is geen werk van een dag noch van twee; want velen onzer hebben overtreden in deze zaak.

VersbegrippenSoorten KlimaatVermogen Om Te WeerstaanKorte Tijd Voor Actie

En zij gaven hun hand, dat zij hun vrouwen zouden doen uitgaan; en schuldig zijnde, offerden zij een ram van de kudde voor hun schuld.

VersbegrippenGarantieSchuldofferBeloftesRammenDierenoffers Tegen OvertredingWerkelijke Scheidingen

Zo kwam Hanani, een van mijn broederen, hij en sommige mannen uit Juda, en ik vraagde hen naar de Joden, die ontkomen waren (die overgebleven waren van de gevangenis), en naar Jeruzalem.

VersbegrippenRestStellen Van Bepaalde Vragen

Ook een brief aan Asaf, den bewaarder van den lusthof, denwelken de koning heeft, dat hij mij hout geve om te zolderen de poorten van het paleis, dat aan het huis is, en tot de stadsmuur, en tot het huis, waar ik intrekken zal. En de koning gaf ze mij, naar de goede hand mijns Gods over mij.

VersbegrippenStralenVersterkingenBossenCitadelsGenade In OTHand Van GodGods HandGods Handen Op Mensen

Toen nu Sanballat, de Horoniet, en Tobia, de Ammonietische knecht dat hoorden, mishaagde het hun met groot mishagen, dat er een mens gekomen was, om wat goeds te zoeken voor de kinderen Israels.

VersbegrippenVijanden Van Israël En JudaKarakter Van Het KwaadVoorbeeld Van AfgunstVoorbeelden Van BoosaardigheidDe Goddelozen Lijden

Toen zeide ik tot hen: Gijlieden ziet de ellende, waarin wij zijn, dat Jeruzalem woest is, en haar poorten met vuur verbrand zijn; komt, en laat ons Jeruzalems muur opbouwen; opdat wij niet meer een versmaadheid zijn.

VersbegrippenMurenNoodVernietiging Van JeruzalemPoorten Van De StadJeruzalem VerbrandenSchaamte EliminerenWederopbouw van JeruzalemWederopbouw

Als nu Sanballat, de Horoniet, en Tobia, de Ammonietische knecht, en Gesem, de Arabier, dit hoorden, zo bespotten zij ons, en verachtten ons; en zij zeiden: Wat is dit voor een ding, dat gijlieden doet? Wilt gijlieden tegen den koning rebelleren?

VersbegrippenVoorbeelden Van MinachtingGelachSpotOpstand Tegen Menselijke AutoriteitDe Aard Van SpotNegatieve Aspecten Van SpraakKarakter Van Het Kwaad

Aan zijn hand verbeterde Uzziel, de zoon van Harhoja, een der goudsmeden, en aan zijn hand verbeterde Hananja, de zoon van een der apothekers; en zij lieten Jeruzalem tot aan den breden muur.

VersbegrippenMetaalwerkersParfumGoudsmedenDe Muren Van Jeruzalem Bouwen

Aan zijn hand verbeterde Ezer, de zoon van Jesua, de overste van Mizpa, een ander maat; tegenover den opgang naar het wapenhuis, aan den hoek.

VersbegrippenTrappenArsenaalDe Hoek

Na hem verbeterde zeer vuriglijk Baruch, de zoon van Zabbai, een andere maat; van den hoek tot aan de deur van het huis van Eljasib, den hogepriester.

VersbegrippenGretigheidIjverDe Hoek

Na hem verbeterde Meremoth, de zoon van Uria, den zoon van Koz, een ander maat; van de huisdeur van Eljasib af, tot aan het einde van Eljasibs huis.

Na hem verbeterde Binnui, de zoon van Henadad, een ander maat; van het huis van Azarja tot aan den hoek en tot aan het punt;

VersbegrippenDe Hoek

Daarna verbeterden de Thekoieten een ander maat; tegenover den groten uitstekenden toren, en tot aan den muur van Ofel.

VersbegrippenDe Muren Van Jeruzalem Bouwen

Van boven de Paardenpoort verbeterden de priesteren, een iegelijk tegenover zijn huis.

VersbegrippenGenoemde Poorten

Na hem verbeterden Hananja, de zoon van Selemja, en Hanun, de zoon van Zalaf, de zesde, een andere maat. Na hem verbeterde Mesullam, de zoon van Berechja, tegenover zijn kamer.

En sprak in de tegenwoordigheid zijner broederen en van het heir van Samaria, en zeide: Wat doen deze amechtige Joden? Zal men hen laten geworden? Zullen zij offeren? Zullen zij het in een dag voleinden? Zullen zij de steentjes uit de stofhopen levend maken, daar zij verbrand zijn?

VersbegrippenJudaïsmeKarakter Van Het KwaadZwakteAntisemitismeKorte Tijd Voor Actie

En Tobia, den Ammoniet, was bij hem, en zeide: Al is het, dat zij bouwen, zo er een vos opkwame, hij zou hun stenen muur wel verscheuren.

VersbegrippenAmmonietenVossen

Hoor, o onze God! dat wij zeer veracht zijn, en keer hun versmaadheid weder op hun hoofd, en geef hen over tot een roof in een land der gevangenis.

VersbegrippenHoofdenMinderwaardigheidHuilen Tot GodLaat Het Kwaad TerugkaatstenBesteed Aandacht Aan God!

En zij maakten allen te zamen een verbintenis, dat zij zouden komen om tegen Jeruzalem te strijden, en een verbijstering daarin te maken.

VersbegrippenAlliantiesSamenzweringenKarakter Van Het KwaadVerstoringSamenzwering

Daarna geschiedde het, als onze vijanden hoorden, dat het ons bekend was geworden, en God hun raad te niet gemaakt had, zo keerden wij allen weder tot den muur, een iegelijk tot zijn werk.

VersbegrippenVijanden Van Israël En JudaGod VerhindertGods PlanGods Plan Voor Ons

Die aan den muur bouwden, en die den last droegen, en die oplaadden, waren een ieder met zijn ene hand doende aan het werk, en de andere hield het geweer.

VersbegrippenLastenBouwWederopbouw

En de bouwers hadden een iegelijk zijn zwaard aan zijn lenden gegord, en bouwden; maar die met de bazuin blies, was bij mij.

VersbegrippenInstrumentalistenFamilie GeschilKwetsbaarheidWederopbouw

En ik zeide tot de edelen, en tot de overheden, en tot het overige des volks: Het werk is groot en wijd; en wij zijn op den muur afgezonderd, de een ver van den ander;

VersbegrippenVerspreiden

Ook zeide ik te dier tijd tot het volk: Een iegelijk vernachte met zijn jongen binnen Jeruzalem, opdat zij ons des nachts ter wacht zijn, en des daags aan het werk.

Voorts noch ik, noch mijn broederen, noch mijn jongelingen, noch de mannen van de wacht, die achter mij waren, wij trokken onze klederen niet uit; een iegelijk had zijn geweer en water.

VersbegrippenWapensMensen Die Strippen

En mijn hart beraadslaagde in mij; daarna twistte ik met de edelen, en met de overheden, en zeide tot hen: Gijlieden vordert een last, een iegelijk van zijn broeder. Voorts belegde ik een grote vergadering tegen hen.

VersbegrippenDe Menselijke GeestVoorbeelden Van Hebzucht

En wat voor een dag bereid werd, was een os en zes uitgelezen schapen; ook werden mij vogelen bereid, en binnen tien dagen van allen wijn zeer veel; nog heb ik bij dezen het brood des landvoogds niet gezocht, omdat de dienstbaarheid zwaar was over dit volk.

VersbegrippenZes Dingen

En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen?

VersbegrippenUitgestuurde BoodschappersLuiheidBeëindigingBijzondere Dingen

Toen zond Sanballat tot mij op dezelfde wijze, ten vijfden male, zijn jongen, met een open brief in zijn hand.

VersbegrippenBrievenBreuken, Een VijfdeVijfdeDingen Manifesteren

Maar ik zeide: Zou een man, als ik, vlieden? En wie is er, zijnde als ik, die in den tempel zou gaan, dat hij levend bleve? Ik zal er niet ingaan.

VersbegrippenVoorbeelden Van DurfVoorbeelden Van MoedLeven Niet OndersteunenIndringers In De Tempel

Daarom was hij gehuurd, opdat ik zou vrezen, en alzo doen, en zondigen; opdat zij iets zouden hebben tot een kwaden naam, opdat zij mij zouden honen.

VersbegrippenIntimidatieAngst Van De VijandOverwinnen

Want velen in Juda hadden hem gezworen, omdat hij was een schoonzoon van Sechanja, den zoon van Arah; en zijn zoon Johanan had genomen de dochter van Mesullam, den zoon van Berechja.

En ik gaf bevel aan mijn broeder Hanani, en aan Hananja, den overste van den burg te Jeruzalem, want hij was als een man van getrouwheid, en godvrezende boven velen.

VersbegrippenCommandantCitadelsVoorbeelden Van Angst Van GodIndividuen Die God VrezenVerantwoordelijkheid

En ik zeide tot hen: Laat de poorten van Jeruzalem niet geopend worden, totdat de zon heet wordt, en terwijl zij daarbij staan, laat hen de deuren sluiten, betast gij ze dan; en dat men wachten zette, inwoners van Jeruzalem, een iegelijk op zijn wacht, en een iegelijk tegenover zijn huis.

VersbegrippenPoortenHitteWaakzaamheid Van GelovigenDe Daad Van OpenenDe Tempel OpenenHeet Water

Dit zijn de kinderen van dat landschap, die optogen uit de gevangenis der weggevoerden, die Nebukadnezar, koning van Babel, weggevoerd had, en die wedergekeerd zijn naar Jeruzalem en naar Juda, een iegelijk tot zijn stad;

VersbegrippenRijkenBallingschap van Juda naar Babylon

De kinderen van Lod, Hadid en Ono, zevenhonderd een en twintig;

VersbegrippenZeven- Tot Negenhonderd

En van de priesteren, de kinderen van Habaja, de kinderen van Koz, de kinderen van Barzillai, die een vrouw van de dochteren van Barzillai, den Gileadiet, genomen had, en naar hun naam genoemd was.

VersbegrippenMensen Die Mensen Andere Namen GevenEen Vrouw Nemen

En Hattirsatha zeide tot hen, dat zij van de heiligste dingen niet zouden eten, totdat er een priester stond met urim en thummim.

VersbegrippenDe Urim en TummimUrim En Tummin

Een deel nu van de hoofden der vaderen gaven tot het werk. Hattirsatha gaf tot den schat, aan goud, duizend drachmen, vijftig sprengbekkens, vijfhonderd en dertig priesterrokken.

VersbegrippenDe Jaren VijftigVier- Tot VijfhonderdKledij Van PriestersVier- En VijfhonderdGeld Voor De Tempel

Zo verzamelde zich al het volk als een enig man op de straat voor de Waterpoort; en zij zeiden tot Ezra, den schriftgeleerde, dat hij het boek der wet van Mozes zou halen, die de HEERE Israel geboden had.

VersbegrippenHogepriesters In OTHeiligheid, Afzonderlijk Voor GodGeletterdheidMaand 7

En Ezra, de schriftgeleerde, stond op een hogen houten stoel, dien zij tot die zaak gemaakt hadden, en nevens hem stond Mattithja, en Sema, en Anaja, en Uria, en Hilkia, en Maaseja, aan zijn rechterhand; en aan zijn linkerhand Pedaja, en Misael, en Malchia, en Hasum, en Hasbaddana, Zacharja en Mesullam.

VersbegrippenDe Daad Van OpenenDocumenten OpenenMensen Die OpstaanDe Bijbel Lezen

En dat zij het zouden luidbaar maken, en een stem laten doorgaan door al hun steden, en te Jeruzalem, zeggende: Gaat uit op het gebergte, en haalt takken van olijfbomen, en takken van andere olieachtige bomen, en takken van mirtebomen, en takken van palmbomen, en takken van andere dichte bomen, om loofhutten te maken, als er geschreven is.

VersbegrippenBinnenplaatsHuizenDakDakenGenoemde Poorten

Alzo ging het volk uit en haalden ze, en maakten zich loofhutten, een iegelijk op zijn dak, en in hun voorhoven, en in de voorhoven van Gods huis, en op de straat der Waterpoort, en op de straat van Efraimspoort.

VersbegrippenBlijdschapUnieke FeestenTijden Van Mensen

Want als zij opgestaan waren op hun standplaats, zo lazen zij in het wetboek des HEEREN, huns Gods, een vierendeel van den dag; en op een ander vierendeel deden zij belijdenis, en aanbaden den HEERE, hun God.

VersbegrippenNatuurlijke Gebruik Van DagenBoek Van De WetLezenSynagogeElementen Van AanbiddenHet Schrift LezenEen Vierde PadBeleden ZondeGod AanbiddenSamen AanbiddenDe Bijbel LezenBiechten

En Gij hebt zijn hart getrouw gevonden voor Uw aangezicht, en hebt een verbond met hem gemaakt, dat Gij zoudt geven het land der Kanaanieten, der Hethieten, der Amorieten, en der Ferezieten, en der Jebusieten, en der Girgasieten, dat Gij het zijn zade zoudt geven; en Gij hebt Uw woorden bevestigd, omdat Gij rechtvaardig zijt.

VersbegrippenDe Trouw Van GodDe Gerechtigheid Van GodHart En De Heilige GeestVernieuwd HartGod Gaf Het LandGods Verbond Met De Patriarchen

En Gij hebt tekenen en wonderen gedaan aan Farao, en aan al zijn knechten, en aan al het volk zijns lands; want Gij wist, dat zij trotselijk tegen hen handelden; en Gij hebt U een Naam gemaakt, als het is te dezen dage.

VersbegrippenGevolgen Van TrotsStraf Voor ArrogantieAlwetende GodZoals Op Deze Dag

En Gij hebt de zee voor hun aangezicht gekliefd, dat zij in het midden der zee op het droge zijn doorgegaan; en hun vervolgers hebt Gij in de diepten geworpen, als een steen in sterke wateren.

VersbegrippenDoormakenVerdeling Van WaterenDroog LandMensen Als RotsenGod DodendVerdeeld WaterDe Zee GeopendGod Doodde De Mensen

En Gij hebt ze des daags geleid met een wolkkolom, en des nachts met een vuurkolom, om hen te lichten op den weg, waarin zij zouden wandelen.

VersbegrippenGoddelijke ManifestatiesNatuurlijk LichtZuilenGedenkstenenGod Verschijnt In VuurLicht In De WereldGedurende De DagGod heeft GeleidNavigatie

En Gij hebt Uw heiligen sabbat bekend gemaakt; en Gij hebt hun geboden, en inzettingen en een wet bevolen, door de hand van Uw knecht Mozes.

VersbegrippenDienaren Van De HeerHeilige TijdenSabbat IngesteldGods Onthulde DingenDe Wet Gegeven Door Mozes

En zij hebben geweigerd te horen, en niet gedacht aan Uw wonderen, die Gij bij hen gedaan hadt, en hebben hun nek verhard, en in hun wederspannigheid een hoofd gesteld, om weder te keren tot hun dienstbaarheid. Doch Gij, een God van vergevingen, genadig en barmhartig, lankmoedig, en groot van weldadigheid, hebt hen evenwel niet verlaten.

VersbegrippenHet Medeleven Van GodWoedeAgressieBeschrijving Van De Toorn Van GodLuisterenTerughoudendheidZonde En De Aard Van GodDe Liefdevolle Vriendelijkheid Van GodEigen WilGod Die Niet VerzaaktSlaven MakenEen Vergevingsgezinde GodSnelheid Van Gods WoedeWoede En Vergiffenis

Zelfs, als zij zich een gegoten kalf gemaakt hadden, en gezegd: Dit is uw God, Die u uit Egypte heeft opgevoerd; en grote lasteren gedaan hadden;

VersbegrippenGouden KalverenWat Is Niet God?Israël uit Egypte halenAnderen Die Israël Uit Egypte Halen

En zij hebben vaste steden en een vet land ingenomen, en erfelijk bezeten, huizen, vol van alle goed, uitgehouwen bornputten, wijngaarden, olijfgaarden en bomen van spijze, in menigte; en zij hebben gegeten, en zijn zat en vet geworden, en hebben in wellust geleefd, door Uw grote goedigheid.

VersbegrippenVersterkingenOvervloed, MaterieelDe Juiste Vormen Van GenotOlijvenWijngaardenBronnenBezit NemenSteden Veroveren

En Gij hebt tegen hen betuigd, om hen te doen wederkeren tot Uw wet; maar zij hebben trotselijk gehandeld, en niet gehoord naar Uw geboden, en tegen Uw rechten, tegen dezelve hebben zij gezondigd, door dewelke een mens, die ze doet, leven zal; en zij hebben hun schouder teruggetogen, en hun nek verhard, en niet gehoord.

VersbegrippenDe Aard Van ZondeStijfkoppige MensenLeven Door Zich Aan De Wet Te HoudenWerk Van De WetTrotse Mensen

Doch door Uw grote barmhartigheden hebt Gij hen niet vernield, noch hen verlaten; want Gij zijt een genadig en barmhartig God.

VersbegrippenDe Grootheid Van GodBarmhartigheidGeest, Van GodGod Die Niet Verzaakt

En in dit alles maken wij een vast verbond en schrijven het; en onze vorsten, onze Levieten en onze priesteren zullen het verzegelen.

VersbegrippenOvereenkomstGeletterdheidSchrijvenVerbondsrelatiesLatere Verbonden Met God

Ook als de volken des lands waren en alle koren op den sabbatdag ten verkoop brengen, dat wij op den sabbat, of op een anderen heiligen dag van hen niet zouden nemen; en dat wij het zevende jaar zouden vrij laten, mitsgaders allerhande bezwaarnis.

VersbegrippenPersoonlijke EthiekKopen En VerkopenKredietRespect Voor De OmgevingSabbatjaarDe Sabbat In OTHandelJarenSchuldenarenKwijtschelden Van SchuldAnnuleren SchuldenDe Sabbat RespecterenSchuld

Voorts zetten wij ons geboden op, ons opleggende een derde deel van een sikkel in het jaar, tot den dienst van het huis onzes Gods;

VersbegrippenGewijd BroodSociale EthiekMunstelselBelastingEen DerdeElk JaarBelasting Die Betaald Moet Worden

En dat er een priester, een zoon van Aaron, bij de Levieten zou zijn, als de Levieten de tienden ontvangen; en dat de Levieten de tienden zouden opbrengen ten huize onzes Gods, in de kameren van het schathuis.

VersbegrippenPriesterschap in OTSchatkistenBreuken, Een TiendeTiendenDe Tiende InbrengenTienden En Offers

Voorts woonden de oversten des volks te Jeruzalem; maar het overige des volks wierpen loten, om uit tien een uit te brengen, die in de heilige stad Jeruzalem zou wonen, en negen delen in de andere steden.

VersbegrippenStadKansEen Tiende Van De MensheidHeilige Stad

En dit zijn de hoofden van het landschap, die te Jeruzalem woonden; (maar in de steden van Juda woonden, een iegelijk op zijn bezitting, in hun steden, Israel, de priesters, en de Levieten, en de Nethinim, en de kinderen der knechten van Salomo).

VersbegrippenSteden in IsraëlTempelassistenten

Het overige nu van Israel, van de priesters en de Levieten, was in alle steden van Juda, een iegelijk in zijn erfdeel.

VersbegrippenSteden in Israël

Want er was een gebod des konings van hen, te weten, een zeker onderhoud voor de zangers, van elk dagelijks op zijn dag.

VersbegrippenZingenMuziek Om Te Vieren

Toen deed ik de vorsten van Juda opgaan op den muur; en ik stelde twee grote dankkoren en omgangen, een ter rechterhand op den muur, naar de Mistpoort toe.

VersbegrippenDrek En MestAangeboden DankbaarheidKorenJuiste KantGenoemde PoortenZangers

Omdat zij den kinderen Israels niet waren tegengekomen met brood en met water, ja, Bileam tegen hen gehuurd hadden, om hen te vloeken, hoewel onze God den vloek omkeerde in een zegen.

VersbegrippenHurenZegen En VloekIsraël Vervloeken

En hij had hem een grote kamer gemaakt, alwaar zij te voren henenleiden het spijsoffer, den wierook en de vaten, en de tienden van koren, van most en van olie, die bevolen waren voor de Levieten, en de zangers, en de poortiers, mitsgaders het hefoffer der priesteren.

VersbegrippenPoortwachtersTiendenVleesoffers

Zoekresultaten op Versies

Zoekresultaten op Boek

Alle Boeken

Public domain