3 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Roof' in de Bijbel

De tien zonen van Haman, den zoon van Hammedatha, den vijand der Joden, doodden zij; maar zij sloegen hun handen niet aan den roof.

VersbegrippenTien Mensen

En de Joden, die te Susan waren, vergaderden ook op den veertienden dag der maand Adar, en zij doodden te Susan driehonderd mannen; maar zij sloegen hun hand niet aan den roof.

VersbegrippenDrie- Tot VierhonderdMaand 12Driehonderd En MeerAantal Vreemdelingen Gedood

De overige Joden nu, die in de landschappen des konings waren, vergaderden, opdat zij stonden voor hun leven, en rust hadden van hun vijanden, en zij doodden onder hun haters vijf en zeventig duizend; maar zij sloegen hun hand niet aan den roof.

VersbegrippenVijftig Tot Negentig DuizendJoden Onder DreigingMensen HatenAantal Vreemdelingen Gedood

Public domain