1481 gebeurtenissen

'Tegen' in de Bijbel

Want Ik zal een leger in het rond om u slaan, en Ik zal u belegeren met bolwerken, en Ik zal vestingen tegen u opwerpen.

VersbegrippenVoorspelde Aanvallen Op Jeruzalem

En gelijk de droom van een nachtgezicht is, alzo zal de veelheid aller heidenen zijn, die tegen Ariel strijden zullen; zelfs allen, die tegen haar en haar vestingen strijden, en haar beangstigen zullen.

VersbegrippenZoals Een Droom

Het zal alzo zijn, gelijk wanneer een hongerige droomt, en ziet, hij eet; maar als hij ontwaakt, zo is zijn ziel ledig; of, gelijk als wanneer een dorstige droomt, en ziet, hij drinkt; maar als hij ontwaakt, ziet, zo is hij nog mat, en zijn ziel is begerig; alzo zal de menigte aller heidenen zijn, die tegen den berg Sion krijgen.

VersbegrippenKwade DromenFysieke EetlustLichamelijke HongerOntevreden ZijnZoals Een Droom

En alwaar die gegrondveste staf doorgegaan zal zijn (op welken de HEERE dien zal hebben doen rusten), daar zal men met trommelen en harpen zijn; want met bewegende bestrijdingen zal Hij tegen hen strijden.

VersbegrippenHarpenMuziekSoorten MuziekinstrumentenMuziek Om Te Vierendrums

Nochtans is Hij ook wijs, en Hij doet het kwaad komen, en trekt Zijn woorden niet terug; maar Hij zal Zich opmaken tegen het huis der boosdoeners, en tegen de hulp dergenen, die ongerechtigheid werken.

VersbegrippenWaarschuwing Tegen Het KwaadDe Wijsheid Van GodKwaadwilligenGod Staat OpGod Verandert Van Gedachten

Want alzo heeft de HEERE tot mij gezegd: Gelijk als een leeuw, en een jonge leeuw over zijn roof brult, wanneer schoon een volle menigte der herderen samengeroepen wordt tegen hem, verschrikt hij voor hun stem niet, en vernedert zich niet vanwege hun veelheid; alzo zal de HEERE der heirscharen nederdalen, om te strijden voor den berg Sions en voor haar heuvel.

VersbegrippenLawaaiHerders Als Koningen En LeidersBijhouden Voorraad

En die man zal zijn als een verberging tegen den wind, en een schuilplaats tegen den vloed, als waterbeken in een dorre plaats, als de schaduw van een zwaren rotssteen in een dorstig land.

VersbegrippenRotsenSchaduwenStormenDorstWindGod Is Onze SchuilplaatsMensen Als RotsenGeen WindRivierenOnderdakVerborgenDe Stormen Van Het Leven

Want een dwaas spreekt dwaasheid, en zijn hart doet ongerechtigheid, om huichelarij te plegen, en om dwaling te spreken tegen den HEERE, om de ziel des hongerigen ledig te laten, en den dorstige drank te doen ontbreken.

VersbegrippenKenmerken Van DwazenDe Menselijke GeestMoraliteit En De ScheppingDe Aard Van ZondeBeschrijving Van HypocrietenOndeugdMisleid WordenGierige MensenFoutHypocrisie

Wee u, gij verwoester, die niet verwoest zijt, en gij, die trouwelooslijk handelt, waar men niet trouwelooslijk tegen u gehandeld heeft! Als gij het verwoesten zult volbracht hebben, zult gij verwoest worden; als gij het trouweloos handelen zult voleind hebben, zal men trouwelooslijk tegen u handelen.

VersbegrippenVerraadVerraadPijnDe VernietigerWee De GoddelozenOntrouwEindigenVerraders

En het geschiedde in het veertiende jaar van den koning Hizkia, dat Sanherib, de koning van Assyrie, optoog tegen alle vaste steden van Juda, en nam ze in.

VersbegrippenVersterkingenLegers Tegen IsraëlNaties die Israël aanvallen

Ik mocht zeggen (doch het is een woord der lippen): Er is raad en macht tot den oorlog; op wien vertrouwt gij nu, dat gij tegen mij rebelleert?

VersbegrippenLeegte

En nu ben ik zonder den HEERE opgetogen tegen dit land, om dat te verderven. De HEERE heeft tot mij gezegd: Trek op tegen dat land, en verderf het.

VersbegrippenVernietiging Van Landen

Zo kwam Rabsake weder, en hij vond den koning van Assyrie strijdende tegen Libna; want hij had gehoord, dat hij van Lachis vertrokken was.

Als hij nu hoorde van Tirhaka, den koning van Cusch, zeggen: Hij is uitgetogen, om tegen u te strijden; toen hij zulks hoorde, zo zond hij weder boden tot Hizkia, zeggende:

VersbegrippenBoodschapperAfrikaUitgestuurde Boodschappers

Toen zond Jesaja, de zoon van Amoz, tot Hizkia, om te zeggen: Alzo zegt de HEERE, de God Israels: Dat gij tot Mij gebeden hebt tegen Sanherib, den koning van Assyrie, heb Ik gehoord.

Wien hebt gij gehoond, en gij gelasterd, en tegen Wien hebt gij de stem verheven, en uw ogen omhoog opgeheven? Tegen den Heilige Israels!

VersbegrippenStemmenDe Namen Voor Christus

Maar Ik weet uw zitten, en uw uitgaan, en uw inkomen, en uw woeden tegen Mij.

VersbegrippenAlwetende GodBuitengaan En BinnenkomenHet Gebruikelijke Uitvoeren

Om uw woeden tegen Mij, en dat uw woeling voor Mijn oren opgekomen is, zo zal Ik Mijn haak in uw neus leggen, en Mijn gebit in uw lippen, en Ik zal u doen wederkeren door dien weg, door denwelken gij gekomen zijt.

VersbegrippenOpschuddingPaardenNeuzen

Ziet, de Heere HEERE zal komen tegen den sterke, en Zijn arm zal heersen; ziet, Zijn loon is bij Hem, en Zijn arbeidsloon is voor Zijn aangezicht.

VersbegrippenBeloning Voor De Mensen Van GodStressArm Van GodBeloning

Ziet, zij zullen beschaamd en te schande worden, allen, die tegen u ontstoken zijn; zij zullen worden als niet, en die lieden, die met u twisten, zullen vergaan.

VersbegrippenSchaamte Zal AankomenAnoniemen Mensen Kwaad Tegen Anderen

Wie heeft Jakob tot een plundering overgegeven, en Israel den rovers? Is het niet de HEERE, Hij, tegen Wien wij gezondigd hebben? Want zij wilden niet wandelen in Zijn wegen, en zij hoorden niet naar Zijn wet.

VersbegrippenEigen Wil

Doch gij hebt Mij niet aangeroepen, o Jakob! als gij u tegen Mij vermoeid hebt, o Israel!

VersbegrippenZelfgenoegzaamheidZonder GebedNiet BiddenMoe Van GodMoe

Uw eerste vader heeft gezondigd, en uw uitleggers hebben tegen Mij overtreden.

VersbegrippenVerantwoordelijkheid Tegenover GodZonde Van De VadersDe Aantocht Van Zonde

Men zal van Mij zeggen: Gewisselijk, in den HEERE zijn gerechtigheden en sterkte; tot Hem zal men komen; maar zij zullen beschaamd worden allen, die tegen Hem ontstoken zijn.

VersbegrippenSchaamteNiemand Handelt Als GodGod Onze KrachtSchaamte Zal AankomenWoede Tegen God

Vergadert u, gij allen, en hoort; wie onder hen heeft deze dingen verkondigd? De HEERE heeft hem lief, Hij zal Zijn welbehagen tegen Babel doen, en Zijn arm zal tegen de Chaldeen zijn.

VersbegrippenAlliantiesGods Beloftes Voor BegeleidingVoorbestemmingBabylon VernietigdDe Toekomst Voorspellen

Hij is nabij, Die Mij rechtvaardigt, wie zal met Mij twisten? Laat ons te zamen staan; wie heeft een rechtzaak tegen Mij? hij kome herwaarts tot Mij.

VersbegrippenGod Is OveralDe Gerechtigheid Van GodDe Aard Van ReddingNabij GodGod Die BetuigtBeschuldigingenRechtvaardiging

Ziet, zij zullen zich zekerlijk vergaderen, doch niet uit Mij; wie zich tegen u vergaderen zal, die zal om uwentwil vallen.

VersbegrippenOvergaveVijandelijke AanvallenSamenkomstGeloofwaardigheid

Alle instrument, dat tegen u bereid wordt, zal niet gelukken, en alle tong, die in gericht tegen u opstaat, zult gij verdoemen; dit is de erve der knechten des HEEREN, en hun gerechtigheid is uit Mij, spreekt de HEERE.

VersbegrippenBeschermingVeiligheidHulp Van GodRechtvaardiging Onder Het EvangelieToegerekende GerechtigheidGod Die BetuigtEzechiël InvasieGod Beschermer Van IsraëlOordeelVeroordelingBeschuldigingenRechtvaardigingGedijen

Want onze overtredingen zijn vele voor U, en onze zonden getuigen tegen ons; want onze overtredingen zijn bij ons, en onze ongerechtigheden kennen wij;

VersbegrippenOvertredingGetuigen Tegen ZichzelfZonde Bekend Gemaakt

Het overtreden en het liegen tegen den HEERE, en het achterwaarts wijken van onzen God; het spreken van onderdrukking en afval, het ontvangen en het dichten van valse woorden uit het hart.

VersbegrippenVerraadOpstand Tegen God Getoond InGod OntkennenOpstand Tegen GodLiegen En Bedrog

Dan zullen zij den Naam des HEEREN vrezen van den nedergang, en Zijn heerlijkheid van den opgang der zon; als de vijand zal komen gelijk een stroom, zal de Geest des HEEREN de banier tegen hen oprichten.

VersbegrippenAdem Van GodVijanden Van Israël En JudaHemel, Bevrijdde GemeenschapEerbied En Gods AardWestenHeerlijkheid Van GodOost En WestGod In De WindOverlevingTegenslag Overwinnen

Zie van den hemel af, en aanschouw van Uw heilige en Uw heerlijke woning; waar zijn Uw ijver en Uw mogendheden, het gerommel Uws ingewands en Uwer barmhartigheden? Zij houden zich tegen mij in.

VersbegrippenHet Medeleven Van GodMildheidIjver Van GodSympathieGoedheidIjverDe Hemel, Gods TroonGod Die Handelt Vanuit De HemelGods Macht In Vraag Stellen

En zij zullen henen uitgaan, en zij zullen de dode lichamen der lieden zien, die tegen Mij overtreden hebben; want hun worm zal niet sterven, en hun vuur zal niet uitgeblust worden, en zij zullen allen vlees een afgrijzing wezen.

VersbegrippenKarkas, Figuurlijk GebruikDe Gerechtigheid Van GodHel Als Een ErvaringOpstand Tegen GodSpijtGods Oordeel Over ZondeZondaarsMensen Die Door Wormen Gegeten WordenMadenVuur Van HelKoninkrijk Van GodWormen

En des HEEREN woord geschiedde ten tweeden male tot mij, zeggende: Wat ziet gij? En ik zeide: Ik zie een ziedenden pot, welks voorste deel tegen het noorden is.

VersbegrippenGericht Naar Het NoordenVanuit Het NoordenHete ZakenKijken En ZienPotten Om Te Koken En Te EtenKokenKookpot

Want zie, Ik roep alle geslachten der koninkrijken van het noorden, spreekt de HEERE; en zij zullen komen, en zetten een iegelijk zijn troon voor de deur der poorten van Jeruzalem, en tegen al haar muren rondom, en tegen alle steden van Juda.

VersbegrippenPoortenTroonAan De Poort ZittenVoorspelde Aanvallen Op Jeruzalem

En Ik zal Mijn oordelen tegen hen uitspreken over al hun boosheid; dat zij Mij verlaten hebben, en anderen goden gerookt, en zich gebogen hebben voor de werken hunner handen.

VersbegrippenGod Als RechterGod VerzakenMonotheïsmeHet Gevolg Van De Afwijzing Van GodOntrouw Tegenover GodIdoolaanbiddingAndere GodenAfgoderij

Want zie, Ik stel u heden tot een vaste stad, en tot een ijzeren pilaar, en tot koperen muren tegen het ganse land; tegen de koningen van Juda, tegen haar vorsten, tegen haar priesteren, en tegen het volk van het land.

VersbegrippenBronsStadIjzerZuilenMurenBronsMetaforische PilarenFiguurlijke MurenDingen Zoals BronsDingen Zoals IjzerKoningen Van JudaFamilie GeschilPriesters

De priesters zeiden niet: Waar is de HEERE? en die de wet handelden, kenden Mij niet; en de herders overtraden tegen Mij; en de profeten profeteerden door Baal, en wandelden naar dingen, die geen nut doen.

VersbegrippenAanbidding Van Baäl, GeschiedenisDe Functie Van Priesters In De Tijd Van OTOntoereikende HerdersDe Wet BestuderenWaar Is God?Profeten Van Andere Goden

Waarom twist gij tegen Mij? Gij hebt allen tegen Mij overtreden, spreekt de HEERE.

VersbegrippenHoudingen Van RebellieOpstand Van IsraëlOpstand Tegen God

Gij henen, en roep deze woorden uit tegen het noorden, en zeg: Bekeer u, gij afgekeerde Israel! spreekt de HEERE, zo zal Ik Mijn toorn op ulieden niet doen vallen; want Ik ben goedertieren, spreekt de HEERE. Ik zal den toorn niet in eeuwigheid behouden.

VersbegrippenBarmhartigheidVerkondingenTerugkeren Naar GodTerugkeer Van Het NoordenGod Zal Niet Meer Kwaad ZijnAfvalligheidAfvalligenWoede En Vergiffenis

Alleen ken uw ongerechtigheid, dat gij tegen den HEERE, uw God, hebt overtreden, en uw wegen verstrooid hebt tot de vreemden, onder allen groenen boom, maar gij zijt Mijner stem niet gehoorzaam geweest, spreekt de HEERE.

VersbegrippenOpstand Van IsraëlDe Aard Van ZondeErkennen Van ZondeBeleden ZondeAanbidden Aan BomenOpstand Tegen GodSchuld

Waarlijk, gelijk een vrouw trouwelooslijk scheidt van haar vriend, alzo hebt gijlieden trouwelooslijk tegen Mij gehandeld, gij huis Israels! spreekt de HEERE.

VersbegrippenDe Invloed Van God KennenHuwelijk Tussen God En Zijn MensenHet Gevolg Van De Afwijzing Van GodOntrouw Tegenover GodVrouwenOntrouw

Wij liggen in onze schaamte, en onze schande overdekt ons, want wij hebben tegen den HEERE, onzen God, gezondigd, wij en onze vaderen, van onze jeugd aan tot op dezen dag; en wij zijn der stem des HEEREN, onzes Gods, niet gehoorzaam geweest.

VersbegrippenHet Effect Van ZondeDe Zonde Van OudersZelfvernederingSlecht Zijn Van Jongsaf AanSchaamte Is AangekomenWe Hebben Gezondigd

Er zal Mij een wind komen, die hun te sterk zal zijn. Nu zal Ik ook oordelen tegen hen uitspreken.

Vermeldt den volke, ziet, doet het horen tegen Jeruzalem; daar komen hoeders uit verren lande; en zij verheffen hun stem tegen de steden van Juda.

VersbegrippenStemmenVoorspelde Aanvallen Op JeruzalemMensen Van Ver WegVertellen Over BewegingenNaties die Israël aanvallen

Als de wachters der velden zijn zij rondom tegen haar; omdat zij tegen Mij wederspannig geweest is, spreekt de HEERE.

VersbegrippenOpstand Van Israël

Daarom heeft hen een leeuw uit het woud verslagen, een wolf der wildernissen zal hen verwoesten; een luipaard waakt tegen hun steden; al wie uit dezelve uitgaat, zal verscheurd worden; want hun overtredingen zijn vermenigvuldigd, hun afkeringen zijn machtig veel geworden.

VersbegrippenBossenLuipaardVleesetendeWolvenIn Gevaar Van De Leeuwen

Want het huis van Israel en het huis van Juda hebben gans trouwelooslijk tegen Mij gehandeld, spreekt de HEERE.

VersbegrippenOntrouw Tegenover GodOntrouw

Maar er zullen herders tot haar komen met hun kudden; zij zullen tenten rondom tegen haar opslaan; zij zullen een iegelijk zijn ruimte afweiden.

VersbegrippenHerders Als Koningen En Leiders

Heiligt den krijg tegen haar, maakt u op, en laat ons optrekken op den middag; o, wee ons! want de dag heeft zich gewend, want de avondschaduwen neigen zich.

VersbegrippenMiddagSchaduwenZonsondergangVoorspelde Aanvallen Op Jeruzalem

Want zo zegt de HEERE der heirscharen: Houwt bomen af, en werpt een wal op tegen Jeruzalem; zij is de stad, die bezocht zal worden; in het midden van haar is enkel verdrukking.

VersbegrippenDe Aard Van OnderdrukkingLijden En OntberingBomen Vellen

En hun huizen zullen omgewend worden tot anderen, met te zamen de akkers en vrouwen; want Ik zal Mijn hand uitstrekken tegen de inwoners dezes lands, spreekt de HEERE.

VersbegrippenGods HandGods Uitgestrekte HandenVrouwen Overdragen

Boog en spies zullen zij voeren, het is een wreed volk, en zij zullen niet barmhartig zijn; hun stem zal bruisen als de zee, en op paarden zullen zij rijden; het is toegerust, als een man ten oorlog tegen u, o dochter van Sion!

VersbegrippenDochtersUitrusting, FysiekVijanden Van Israël En JudaAchterkantMenselijke GenadeZeeDingen Zoals De ZeeBulderen Van NatiesOnderdrukkersMetaforische Verwijzingen Naar De ZeeMensen Zonder Genade

Waarom blijven wij zitten? Verzamelt u, en laat ons ingaan in de vaste steden, en aldaar stilzwijgen; immers heeft ons de HEERE, onze God, doen stilzwijgen, en ons met gallewater gedrenkt, omdat wij tegen den HEERE gezondigd hebben.

VersbegrippenGif

Want ziet, Ik zend slangen, basilisken onder ulieden, tegen dewelke geen bezwering is; die zullen u bijten, spreekt de HEERE.

VersbegrippenBijtenGifSlangenbeten

En ik was als een lam, als een os, die geleid wordt om te slachten; want ik wist niet, dat zij gedachten tegen mij dachten, zeggende: Laat ons den boom met zijn vrucht verderven, en laat ons hem uit het land der levenden uitroeien, dat zijn naam niet meer gedacht worde.

VersbegrippenLammerenGedood Worden Als Een DierMensen VergetenUitgeveegde NamenPogingen Om Bepaalde Mensen Te DodenGedood Worden Als Een Dier

Gij zoudt rechtvaardig zijn, o HEERE! wanneer ik tegen U zou twisten; ik zal nochtans van Uw oordelen met U spreken; waarom is der goddelozen weg voorspoedig, waarom hebben zij rust, allen, die trouwelooslijk trouweloosheid bedrijven?

VersbegrippenOntrouw Als OngehoorzaamheidDe Gerechtigheid Van GodVragenDuidelijk OnrechtPartijdigheidTwijfel Aan Gods GerechtigheidVoorspoed Van Het KwaadDe Goddelozen GedijenGedijen

Mijn erfenis is Mij geworden als een leeuw in het woud; zij heeft haar stem tegen Mij verheven, daarom heb Ik haar gehaat.

VersbegrippenBossenHaatLeeuwenGod Die Mensen Haat

Mijn erfenis is Mij een gesprenkelde vogel; de vogelen zijn rondom tegen haar; komt aan, verzamelt, al gij gedierte des velds, komt om te eten!

VersbegrippenVogels, Figuurlijk GebruikSoorten VogelsMensenetende DierenRoofvogelsOnzuivere WezensVogels

En Ik zal hen in stukken slaan, den een tegen den ander, zo de vaders als de kinderen te zamen, spreekt de HEERE; Ik zal niet verschonen noch sparen, noch Mij ontfermen, dat Ik hen niet zou verderven.

VersbegrippenDe Houding Van God Tegenover WreedheidGod Die Mensen SlaatGod Zonder Genade

Hoewel onze ongerechtigheden tegen ons getuigen, o HEERE! doe het om Uws Naams wil; want onze afkeringen zijn menigvuldig, wij hebben tegen U gezondigd.

VersbegrippenGetuigen Tegen ZichzelfWe Hebben GezondigdAfvalligheidGetuigen

HEERE! wij kennen onze goddeloosheid, en onzer vaderen ongerechtigheid, want wij hebben tegen U gezondigd.

VersbegrippenHet Effect Van ZondeErkennen Van ZondeZelfkennisWe Hebben GezondigdSchuldErkennendBiechten

Want Ik heb u tegen dit volk gesteld tot een koperen vasten muur; zij zullen wel tegen u strijden, maar u niet overmogen; want Ik ben met u, om u te behouden en om u uit te rukken, spreekt de HEERE.

VersbegrippenBronsFiguurlijke MurenDingen Zoals BronsGod Met Specifieke MensenGod Redt De Behoeftigen

En het zal geschieden, als gij dit volk al deze woorden zult aanzeggen, en zij tot u zeggen: Waarom spreekt de HEERE al dit grote kwaad over ons, en welke is onze misdaad, en welke is onze zonde, die wij tegen den HEERE, onzen God, gezondigd hebben?

VersbegrippenGod Schaadde HenWelke Zonde?Waarom Doet God Dit?

Nu dan, spreek nu tot de mannen van Juda en tot de inwoners van Jeruzalem, zeggende: Zo zegt de HEERE: Ziet, Ik formeer een kwaad tegen ulieden, en denk tegen ulieden een gedachte; zo bekeert u nu, een iegelijk van zijn bozen weg, en maakt uw wegen en uw handelingen goed.

VersbegrippenDe Aard Van BekeringPlannenHervormingGod Zal Kwaad Brengen

Toen zeiden zij: Komt aan, laat ons gedachten tegen Jeremia denken; want de wet zal niet vergaan van den priester, noch de raad van den wijze, noch het woord van den profeet; komt aan, en laat ons hem slaan met de tong, en laat ons niet luisteren naar enige zijner woorden!

VersbegrippenAfwijzen Van Goed AdviesRaadgeversPlannenDe Wet BestuderenHet Werk Van De WijzenDe Raad Van De MensDe tongWijsheid En LeidingVerloren ZijnGods Plan Voor OnsGeruchten

Doch Gij, HEERE! weet al hun raad tegen mij ten dode; maak geen verzoening over hun ongerechtigheid, en delg hun zonde niet uit van voor Uw aangezicht; maar laat hen nedergeveld worden voor Uw aangezicht; handel alzo met hen, ten tijde Uws toorns.

VersbegrippenOnvergeeflijkheidPogingen Om Mij Te DodenGod Die Niet VergeeftWoede En Vergiffenis

Vraag toch den HEERE voor ons, want Nebukadrezar, de koning van Babel, strijdt tegen ons; misschien zal de HEERE met ons doen naar al Zijn wonderen, dat hij van ons optrekke.

Zo zegt de HEERE, de God Israels: Ziet, Ik zal de krijgswapenen omwenden, die in ulieder hand zijn, met dewelke gij strijdt tegen den koning van Babel en tegen de Chaldeen, die u belegeren, van buiten aan den muur; en Ik zal ze verzamelen in het midden van deze stad.

VersbegrippenGod Zal Nederlaag VeroorzakenPerspectief

En Ik Zelf zal tegen ulieden strijden, met een uitgestrekte hand en met een sterken arm, ja, met toorn, en met grimmigheid, en met grote verbolgenheid.

VersbegrippenDe Grootheid Van GodKracht Van God

Want Ik heb Mijn aangezicht tegen deze stad gesteld ten kwade en niet ten goede, spreekt de HEERE; zij zal gegeven worden in de hand des konings van Babel, en hij zal ze met vuur verbranden.

VersbegrippenBabylonJeruzalem VerbrandenGod TegenGod Zal Nederlaag Veroorzaken

Ziet, Ik wil aan u, gij inwoneres des dals, gij rots van het plein! spreekt de HEERE; gijlieden, die zegt: Wie zou tegen ons afkomen, of wie zou komen in onze woningen?

VersbegrippenVals VertrouwenValse VeiligheidGod Tegen

Want Ik zal verdervers tegen u heiligen, elk met zijn gereedschap, die zullen uw uitgelezen cederen omhouwen, en in het vuur werpen.

VersbegrippenBomen VellenZij Die VernietigenPlanten Verbranden

Gij zult dan al deze woorden tot hen profeteren, en gij zult tot hen zeggen: De HEERE zal brullen uit de hoogte, en Zijn stem verheffen uit de woning Zijner heiligheid; Hij zal schrikkelijk brullen over Zijn woonstede; Hij zal een vreugdegeschrei, als de druiven treders, uitroepen tegen alle inwoners der aarde.

VersbegrippenDruivenDonderWoord Van GodDruiven VertrappelenKreet Van GodDonder Die Gods Oordeel Aankondigt

Waarom hebt gij in den Naam des HEEREN geprofeteerd, zeggende: Dit huis zal worden als Silo, en deze stad zal woest worden, dat er niemand wone? En het ganse volk werd vergaderd tegen Jeremia, in het huis des HEEREN.

VersbegrippenLege StedenHet huis Van God In Silo

Toen spraken de priesters en de profeten tot de vorsten en tot al het volk, zeggende: Aan dezen man is een oordeel des doods, want hij heeft geprofeteerd tegen deze stad, gelijk als gij met uw oren gehoord hebt.

VersbegrippenDoodstraf Voor Ketterij

Maar Jeremia sprak tot al de vorsten en tot al het volk, zeggende: De HEERE heeft mij gezonden, om tegen dit huis en tegen deze stad te profeteren al de woorden, die gij gehoord hebt;

VersbegrippenGod Stuurde Profeten

Nu dan, maakt uw wegen en uw handelingen goed, en gehoorzaamt de stem des HEEREN, uws Gods; zo zal het den HEERE berouwen over het kwaad, dat Hij tegen u gesproken heeft.

VersbegrippenVerbintenis Tot GodBekering Van GodGeest, Van GodHervormingGehoorzaamheid Aan GodGod Verandert Van GedachtenMensen Die Van Gedacht VeranderenGods PlanBeslissingen NemenGods PlanGod Verandert Slechte Dingen In Goed

Hebben ook Hizkia, de koning van Juda, en gans Juda hem ooit gedood? Vreesde hij niet den HEERE, en smeekte des HEEREN aangezicht, zodat het den HEERE berouwde over het kwaad, dat Hij tegen hen gesproken had? Wij dan doen een groot kwaad tegen onze zielen.

VersbegrippenGod Verandert Van GedachtenDe Gunst Van God Zoeken

Er was ook een man, die in den Naam des HEEREN profeteerde, Uria, de zoon van Semaja, van Kirjath-Jearim; die profeteerde tegen deze stad en tegen dit land, naar al de woorden van Jeremia.

VersbegrippenGenoemde Profeten Van De Heer

De profeten, die voor mij en voor u van ouds geweest zijn, die hebben tegen veel landen en tegen grote koninkrijken geprofeteerd, van krijg, en van kwaad, en van pestilentie.

VersbegrippenKoninkrijkenPlagenVoorspellenGod Spreekt Over Oud

Daarom, zo zegt de HEERE: Zie, Ik zal u wegwerpen van den aardbodem; dit jaar zult gij sterven, omdat gij een afval gesproken hebt tegen den HEERE.

VersbegrippenOpstand Tegen GodNabijheid Van De DoodDe Dood NadertOpstand Tegen GodOpstand

Daarom zegt de HEERE alzo: Ziet, Ik zal bezoeking doen over Semaja, den Nechelamiet, en over zijn zaad; hij zal niemand hebben, die in het midden dezes volks wone, en zal het goede niet zien, dat Ik Mijn volke doen zal, spreekt de HEERE; want hij heeft een afval gesproken tegen den HEERE.

VersbegrippenOpstand Tegen GodValse Apostels, Profeten En Leraars

Is niet Efraim Mij een dierbare zoon, is hij Mij niet een troetelkind? Want sinds Ik tegen hem gesproken heb, denk Ik nog ernstelijk aan hem; daarom rommelt Mijn ingewand over hem; Ik zal Mij zijner zekerlijk ontfermen, spreekt de HEERE.

VersbegrippenDe Vreugde Van GodHet Medeleven Van GodHet Lijden Van GodIntimiteitHet Gevolg Van De Afwijzing Van GodIngewandenSpirituele AdoptieIsraël Als Zonen Van GodGod Onthoudt Zijn MensenGod Zal Genade Tonen

En het ganse dal der dode lichamen en der as, en al de velden tot aan de beek Kidron, tot aan den hoek van de Paardenpoort tegen het oosten, zal den HEERE een heiligheid zijn; er zal niets weder uitgerukt, noch afgebroken worden in eeuwigheid.

VersbegrippenGenoemde PoortenHeilig LandJeruzalem In Het Duizendjarig Koninkrijk

En hij zal Zedekia naar Babel voeren, en aldaar zal hij zijn, totdat Ik hem bezoek, spreekt de HEERE; ofschoon gijlieden tegen de Chaldeen strijdt, gij zult toch geen geluk hebben.)

VersbegrippenBabylon, Israël Verbannen NaarVerbannen Koningen

Zie, de wallen! zij zijn gekomen aan de stad, om die in te nemen, en de stad is gegeven in de hand der Chaldeen, die tegen haar strijden; vanwege het zwaard en den honger en de pestilentie; en wat Gij gesproken hebt, is geschied, en zie, Gij ziet het.

VersbegrippenAanvallenWerkelijke Aanvallen Op JeruzalemGod Zal Nederlaag Veroorzaken

En de Chaldeen, die tegen deze stad strijden, zullen er inkomen, en deze stad met vuur aansteken, en zullen ze verbranden, met de huizen, op welker daken zij aan Baal gerookt, en anderen goden drankofferen geofferd hebben, om Mij te vertoornen.

VersbegrippenAanbod DrankDe Gevolgen Van De Toorn Van GodDakBovenop Het DakJeruzalem VerbrandenWierook Tijdens De MisAndere Goden

Er zijn er wel ingekomen, om te strijden tegen de Chaldeen, maar het is om die te vullen met dode lichamen van mensen, die Ik verslagen heb in Mijn toorn en in Mijn grimmigheid; en omdat Ik Mijn aangezicht van deze stad verborgen heb, om al hunlieder boosheid.

VersbegrippenGezicht Van GodVerzoening Van De Wereld Met GodHuizen VullenGod Verschuilt

En Ik zal hen reinigen van al hun ongerechtigheid, met dewelke zij tegen Mij gezondigd hebben; en Ik zal vergeven al hun ongerechtigheden, met dewelke zij tegen Mij gezondigd en met dewelke zij tegen Mij overtreden hebben.

VersbegrippenReinheid, Metaforisch GebruikOpstand Tegen GodGereinigd Van Zonde WordenGod Zal VergevenOpstand Tegen GodSchuldVergevenReinigingOpstand

Het woord, dat tot Jeremia geschied is van den HEERE (als Nebukadrezar, koning van Babel, en zijn ganse heir, en alle koninkrijken der aarde, die onder de heerschappij zijner hand waren, en al de volken tegen Jeruzalem streden, en tegen al haar steden), zeggende:

VersbegrippenKoninkrijkenWerkelijke Aanvallen Op Jeruzalem

Als het heir des konings van Babel streed tegen Jeruzalem, en tegen al de overgeblevene steden van Juda, tegen Lachis en tegen Azeka; want deze, zijnde vaste steden, waren overgebleven onder de steden van Juda.

VersbegrippenVersterkingenWerkelijke Aanvallen Op Jeruzalem

Daarom zegt de HEERE alzo: Gijlieden hebt naar Mij niet gehoord, om vrijheid uit te roepen, een iegelijk voor zijn broeder, en een iegelijk voor zijn naaste; ziet, zo roep Ik uit tegen ulieden, spreekt de HEERE, een vrijheid ten zwaarde, ter pestilentie, en ten honger, en zal u overgeven ter beroering allen koninkrijken der aarde.

VersbegrippenIroniePlagenVerkondingenHongersnood Komende Van GodKwaad En VrijheidHorror Veroorzaken

Ziet, Ik zal bevel geven, spreekt de HEERE, en zal hen weder tot deze stad brengen, en zij zullen tegen haar strijden, en zullen ze innemen, en zullen ze met vuur verbranden; en Ik zal de steden van Juda stellen tot een verwoesting, dat er niemand in wone.

VersbegrippenAfvalLege StedenJeruzalem VerbrandenWerkelijke Aanvallen Op JeruzalemSteden Veroveren

Daarom alzo zegt de HEERE, de God der heirscharen, de God Israels: Ziet, Ik zal over Juda en over alle inwoners van Jeruzalem brengen al het kwaad, dat Ik tegen hen gesproken heb; omdat Ik tot hen gesproken heb, maar zij niet gehoord hebben, en Ik tot hen geroepen heb, maar zij niet hebben geantwoord.

VersbegrippenAfwijzing Van GodAfwijzing Van Gods RoepGods Oproep, Enkelen BeantwoordenGod BeantwoordenAnderen Die Niet AntwoordenGod Zal Kwaad Brengen

Misschien zal hunlieder smeking voor des HEEREN aangezicht nedervallen, en zij zullen zich bekeren, een iegelijk van zijn bozen weg; want groot is de toorn en de grimmigheid, die de HEERE tegen dit volk heeft uitgesproken.

VersbegrippenGebed Beschreven AlsGod Beantwoordt GebedMorele KeuzevrijheidWoede En VergiffenisSmeekbedePetitie

Zoekresultaten op Versies

Zoekresultaten op Boek

Alle Boeken

Public domain