2874 gebeurtenissen

'Was' in de Bijbel

Toen was daar bij geval een Belials man, wiens naam was Seba, een zoon van Bichri, een man van Jemini; die blies met de bazuin, en zeide: Wij hebben geen deel aan David, en wij hebben geen erfenis aan den zoon van Isai, een iegelijk naar zijn tenten, o Israel!

VersbegrippenTentenTrompetVermetelheidTrompetten Voor SignaleringNiet Delen

Als zij nu waren bij den groten steen, die bij Gibeon is, zo kwam Amasa voor hun aangezicht. En Joab was omgord over zijn kleed, dat hij aan had, en daarop was een gordel, daar het zwaard aan vastgemaakt was op zijn lenden in zijn schede; en als hij voortging, zo viel het uit.

VersbegrippenBorstplaatHarnasRiemenBeschermend HarnasBronzen Harnas

En Amasa hoedde zich niet voor het zwaard, dat in Joabs hand was; zo sloeg hij hem daarmede aan de vijfde rib, en hij stortte zijn ingewand ter aarde uit, en hij sloeg hem niet ten tweeden male, en hij stierf. Toen jaagden Joab en zijn broeder Abisai, Seba, den zoon van Bichri, achterna.

VersbegrippenUitgevoerde MoordenVerraadMagenIngewandenAnatomieIngewandenGenoemde Individuen Doden

Toen hij nu van de straat weggenomen was, toog alle man voort, Joab na, om Seba, den zoon van Bichri, achterna te jagen.

En zij kwamen en belegerden hem in Abel Beth-Maacha, en zij wierpen een wal op tegen de stad, dat hij aan den buitenmuur stond; en al het volk, dat met Joab was, verdorven den muur, om dien neder te vellen.

VersbegrippenStormrammenBelegeringMurenBelegeringsheuvelsMensen Die Hun Eigen Soort Aanvallen

Joab nu was over het ganse heir van Israel; en Benaja, de zoon van Jojada, over de Krethi en over de Plethi;

En Adoram was over de schatting; en Josafat, de zoon van Ahilud, was kanselier;

VersbegrippenRecordersGedwongen Arbeid

En Seja was schrijver; en Zadok en Abjathar waren priesters.

VersbegrippenSecretaris

En ook was Ira, de Jairiet, Davids opperofficier.

En er was in Davids dagen een honger, drie jaren, jaar achter jaar; en David zocht het aangezicht des HEEREN. En de HEERE zeide: Het is om Saul en om des bloedhuizes wil, omdat hij de Gibeonieten gedood heeft.

VersbegrippenActiviteit Van GodVoorbeelden Van HongersnoodGezicht Van GodGods Activiteit In IsraëlVoorbeelden Van De Toorn Van GodDrie JaarSchuldig BevondenFamilie ProblemenSaul

Doch de koning verschoonde Mefiboseth, den zoon van Jonathan, den zoon van Saul, om den eed des HEEREN, die tussen hen was, tussen David en tussen Jonathan, Sauls zoon.

En Isbi Benob, die van de kinderen van Rafa was, en het gewicht zijner spies driehonderd gewicht kopers, en hij was aangegord met een nieuw zwaard; deze dacht David te slaan.

VersbegrippenUitrusting, FysiekReuzenOngebruiktPogingen Om Bepaalde Mensen Te DodenGewichten Van Andere Dingen

En het geschiedde daarna, dat er wederom een krijg was te Gob tegen de Filistijnen. Toen sloeg Sibbechai, de Husathiet, Saf, die van de kinderen van Rafa was.

VersbegrippenReuzenGenoemde Individuen Doden

Voorts was er nog een krijg te Gob tegen de Filistijnen; en Elhanan, de zoon van Jaare-Oregim, sloeg Beth-Halachmi, dewelke was met Goliath, den Gethiet, wiens spiesenhout was als een weversboom.

VersbegrippenVakluiSperenStralenGenoemde Individuen Doden

Nog was er ook een krijg te Gath; en er was een zeer lang man, die zes vingeren had aan zijn handen, en zes tenen aan zijn voeten, vier en twintig in getal, en deze was ook aan Rafa geboren.

VersbegrippenVingersReuzenGebrekkigheidTenenZes DingenVingers Van MensenTwintigtal

Als mij bange was, riep ik den HEERE aan, en riep tot mijn God; en Hij hoorde mijn stem uit Zijn paleis, en mijn geroep kwam in Zijn oren.

VersbegrippenGezicht Van GodOntmoedigingHorenGebed Tijdens TeleurstellingStressStemmenNoodIk BidDe Tempel In De HemelGod Besteedde Aandacht Aan Mij

Toen daverde en beefde de aarde; de fondamenten des hemels beroerden zich, en daverden, omdat Hij ontstoken was.

VersbegrippenAardbevingenFundament Van De AardeGod Bezit WoedeHet Aangetaste Universum

En Hij boog den hemel, en daalde neder; en donkerheid was onder Zijn voeten.

VersbegrippenDe Menselijke Beschrijvingen Van GodGod Gaat Neer

Zij hadden mij bejegend ten dage mijns ongevals; maar de HEERE was mij een Steunsel.

VersbegrippenConfrontatieGod Ondersteunt

Maar ik was oprecht voor Hem; en ik wachtte mij voor mijn ongerechtigheid.

VersbegrippenPleidooi Van Onschuld

Zij zagen uit, maar er was geen verlosser; naar den HEERE, maar Hij antwoordde hun niet.

VersbegrippenBehulpzaamGod Die Niet AntwoordtNiemand Kan Redden

Dit zijn de namen der helden, die David gehad heeft: Joscheb Baschebeth, de zoon van Tachkemoni, de voornaamste der hoofdlieden. Deze was Adino, de Ezniet, die zich stelde tegen achthonderd, die van hem verslagen werden op eenmaal.

VersbegrippenDe Machtige MannenZeven- Tot NegenhonderdVele Mensen Doden

En na hem was Eleazar, de zoon van Dodo, zoon van Ahohi, deze was onder de drie helden met David, toen zij de Filistijnen beschimpten, die aldaar ten strijde verzameld waren, en de mannen van Israel waren opgetogen.

VersbegrippenDrie Mannen

Na hem nu was Samma, de zoon van Age, de Harariet. Toen de Filistijnen verzameld waren in een dorp, en aldaar een stuk akkers was vol linzen, en het volk voor het aangezicht der Filistijnen vluchtte;

VersbegrippenIsraël Op De Vlucht

En David was toen in een vesting; en de bezetting der Filistijnen was toen te Bethlehem.

VersbegrippenVersterkingenGarnizoenenAardse Vijanden

Abisai, Joabs broeder, de zoon van Zeruja, die was ook een hoofd van drieen; en die hief zijn spies op tegen driehonderd, die van hem verslagen werden; en hij had een naam onder die drie.

VersbegrippenDrie- Tot VierhonderdDriehonderd En MeerVele Mensen Doden

Was hij niet de heerlijkste van die drie? Daarom was hij hun tot een overste. Maar hij kwam niet tot aan die eerste drie.

VersbegrippenDrie MannenSpecifieke Mensen Prijzen

Daartoe sloeg hij een Egyptischen man, een man van aanzien; en in de hand des Egyptenaars was een spies, maar hij ging tot hem af met een staf; en hij rukte de spies uit de hand des Egyptenaars, en doodde hem met zijn eigen spies.

VersbegrippenConfrontatieSperen

Hij was de heerlijkste van de dertig, maar tot die drie eersten kwam hij niet; en David stelde hem over zijn trawanten.

VersbegrippenBewakersDertigSpecifieke Mensen Prijzen

Asahel, Joabs broeder, was onder de dertig; Elhanan, de zoon van Dodo, van Bethlehem;

VersbegrippenDertig

De koning dan zeide tot Joab, den krijgsoverste, die bij hem was: Trek nu om, door alle stammen van Israel, van Dan tot Ber-seba toe, en tel het volk, opdat ik het getal des volks wete.

VersbegrippenVolkstelling

Toen nu de engel zijn hand uitstrekte over Jeruzalem, om haar te verderven, berouwde het den HEERE over dat kwaad, en Hij zeide tot den engel, die het verderf onder het volk maakte: Het is genoeg, trek uw hand nu af. De engel des HEEREN nu was bij den dorsvloer van Arauna, den Jebusiet.

VersbegrippenSpijtVerdrietEngelen, Uiterlijkheden OTVernietiging Van JeruzalemGod Verandert Van GedachtenMeer Dan GenoegEngelenactiviteiten Onder Ongelovigen

En de jonge dochter was bovenmate schoon, en koesterde de koning, en diende hem; doch de koning bekende ze niet.

VersbegrippenAfwezigheid Van Sex

En zijn vader had hem niet bedroefd van zijn dagen, zeggende: Waarom hebt gij alzo gedaan? En ook was hij zeer schoon van gedaante, en Haggith had hem gebaard na Absalom.

VersbegrippenDe Noden Van KinderenTegenkanting Tegen Zonden En KwaadTerughoudendheidSchoonheid In MannenNiet Aan Anderen VragenZachte BehandelingAantrekkelijke Mannen

En Bathseba ging in tot den koning in de binnenkamer; doch de koning was zeer oud, en Abisag, de Sunamietische, diende den koning.

VersbegrippenBejaardSlaapkamersBereiken Van Hoge LeeftijdPrivé KamersNaderende Dood

Zo weet gij ook, wat Joab, de zoon van Zeruja, mij gedaan heeft, en wat hij gedaan heeft aan de twee krijgsoversten van Israel, Abner, den zoon van Ner, en Amasa, den zoon van Jether, dien hij gedood heeft, en heeft krijgsbloed vergoten in vrede; en hij heeft krijgsbloed gedaan aan zijn gordel, die aan zijn lendenen was, en aan zijn schoenen, die aan zijn voeten waren.

VersbegrippenRiemenSandalenAfwerpen

Hij zeide dan: Gij weet, dat het koninkrijk mijn was, en het ganse Israel zijn aangezicht op mij gezet had, dat ik koning zijn zou; hoewel het koninkrijk omgewend en mijns broeders geworden is; want het is van den HEERE hem geworden.

En tot Abjathar, den priester, zeide de koning: Ga naar Anathoth, op uw akkers; want gij zijt een man des doods; maar dezen dag zal ik u niet doden, omdat gij de ark des Heeren HEEREN voor het aangezicht van mijn vader David gedragen hebt, en omdat gij verdrukt zijt geweest, in alles, waarin mijn vader verdrukt was.

VersbegrippenLijden En OntberingDe Ark In JeruzalemDe Dood Verdienen

En het werd den koning Salomo aangezegd, dat Joab tot de tent des HEEREN gevloden was, en zie, hij is bij het altaar. Toen zond Salomo Benaja, den zoon van Jojada, zeggende: Ga heen, val op hem aan.

VersbegrippenDoodstraf

En het werd Salomo aangezegd, dat Simei uit Jeruzalem naar Gath getogen, en wedergekomen was.

Alleenlijk offerde het volk op de hoogten, want geen huis was den Naam des HEEREN gebouwd, tot die dagen toe.

VersbegrippenOfferen Op De Hoge Plaatsen

En de koning ging naar Gibeon, om aldaar te offeren, omdat die hoogte groot was; duizend brandofferen offerde Salomo op dat altaar.

VersbegrippenMenselijke VrijgevigheidOfferandesPelgrimstochtOffer In OTDuizend DierenOffer Op Het Bronzen Altaar

Die zaak nu was goed in de ogen des HEEREN, dat Salomo deze zaak begeerd had.

VersbegrippenGod BehagenGod Beantwoordde Gebed

En Salomo waakte op, en ziet, het was een droom. En hij kwam te Jeruzalem, en stond voor de ark des verbonds des HEEREN, en offerde brandofferen, en bereidde dankofferen, en maakte een maaltijd voor al zijn knechten.

VersbegrippenFeestenVoorbeelden Van BankettenVrijetijd En VrijetijdsbestedingDe Ark In De TempelDe Ark Des Verbonds

Het is nu geschied op den derden dag na mijn baren dat deze vrouw ook gebaard heeft; en wij waren te zamen, geen vreemde was met ons in dat huis, behalve ons tweeen in het huis.

VersbegrippenDe Derde Dag Van De Week

En ik stond in de morgen op, om mijn zoon te zogen, en zie, hij was dood; maar ik lette in den morgen op hem, en zie, het was mijn zoon niet, dien ik gebaard had.

VersbegrippenOchtendVerpleegkundigenWie Is Dit?Niet De EneDood Van Een KindZusterschap

Maar de vrouw, welker zoon de levende was, sprak tot den koning (want haar ingewand ontstak over haar zoon), en zeide: Och, mijn heer! Geef haar dat levende kind, en dood het geenszins; deze daarentegen zeide: Het zij noch het uwe noch het mijne, doorsnijdt het.

VersbegrippenUiten Van GenegenheidMoederliefdeLiefde En De WereldMenselijke GenadeIngewandenHelft Van LichamenMensen Die Genade TonenDe Liefde Van Moeders Voor Haar KinderenEen Baby VerwachtenBaby

En geheel Israel hoorde dat oordeel, dat de koning geoordeeld had, en vreesde voor het aangezicht des konings; want zij zagen, dat de wijsheid Gods in hem was, om recht te doen.

VersbegrippenDe Wijsheid Van GodAnderen BeoordelenSlimheidMenselijk Belang Van WijsheidAngst Van Individuen

Alzo was de koning Salomo koning over gans Israel.

VersbegrippenGraad

En deze waren de vorsten, die hij had: Azaria, de zoon van Zadok, was opperambtman.

Elihoref, en Ahia, de zoon van Sisa, waren schrijvers; Josafat, de zoon van Ahilud, was kanselier.

VersbegrippenSchriftgeleerdenSecretarisRecorders

En Benaja, de zoon van Jojada, was over het heir; en Zadok en Abjathar waren priesters.

En Azaria, de zoon van Nathan, was over de bestelmeesters; en Zabud, de zoon van Nathan, was overambtman, des konings vriend.

VersbegrippenRaadgeversOfficierenGraad

En Ahisar was hofmeester; en Adoniram, de zoon van Abda, was over de schatting.

VersbegrippenOfficierenPaleizenGedwongen Arbeid

En Salomo had twaalf bestelmeesters over gans Israel, die den koning en zijn huis verzorgden; voor elk was een maand in het jaar om te verzorgen.

VersbegrippenNummer TwaalfBestuurdersHet Leven Van SalomoOpslaanJarenSpotEen MaandMensen Die ZorgenTwaalf Wezens

En dit zijn hun namen: de zoon van Hur was in het gebergte van Efraim.

De zoon van Geber was te Ramoth in Gilead; hij had de dorpen van Jair, den zoon van Manasse, die in Gilead zijn; ook had hij de streek van Argob, welke is in Basan, zestig grote steden, met muren en koperen grendelen.

VersbegrippenVestingenStadGrootsheidBronsDe Jaren ZestigSteden in IsraëlOmmuurde StedenBronzen PoortenGrootmoeders

Abinadab, de zoon van Iddo, was te Mahanaim.

Ahimaaz was in Nafthali; deze nam ook Salomo's dochter, Basmath, ter vrouwe.

VersbegrippenGenoemde Vrouwen

Baana, de zoon van Husai, was in Aser en in Aloth.

Geber, de zoon van Uri, was in het land Gilead, het land van Sihon, den koning der Amorieten, en van Og, den koning van Basan, en hij was de enige bestelmeester, die in dat land was.

VersbegrippenBestuurders

En Salomo was heersende over al de koninkrijken, van de rivier tot het land der Filistijnen, en tot aan de landpale van Egypte; die brachten geschenken, en dienden Salomo al de dagen zijns levens.

VersbegrippenGrenzenGraanofferKoninkrijkenRivieren En StromenHet Karakter Van SalomoBelastenEerbetoonZij Onderworpen Aan MensenZo Ver Als De Eufraat

De spijze nu van Salomo was voor een dag, dertig kor meelbloem, en zestig kor meel;

VersbegrippenGewichten En Maten, Droog

Want hij had heerschappij over al wat op deze zijde der rivier was van Thifsah tot aan Gaza, over alle koningen op deze zijde der rivier; en hij had vrede van al zijn zijden rondom.

VersbegrippenWestenDe Westelijke KantTijd Van VredeBruggenOverheersing

De gerst nu en het stro voor de paarden, en voor de snelle kemelen, brachten zij aan de plaats, waar hij was, een iegelijk naar zijn last.

VersbegrippenGraanDieren Voeden

En de wijsheid van Salomo was groter dan de wijsheid van al die van het oosten, en dan alle wijsheid der Egyptenaren;

VersbegrippenDe Bron Van Menselijke WijsheidOvertreffen

Ja, hij was wijzer dan alle mensen; dan Ethan, de Ezrahiet, en Heman, en Chalcol, en Darda, de zonen van Mahol; en zijn naam was onder alle heidenen rondom.

VersbegrippenRoem

De HEERE dan gaf Salomo wijsheid, gelijk als Hij tot hem gesproken had; en er was vrede tussen Hiram en tussen Salomo, en zij beiden maakten een verbond.

VersbegrippenVerbondsrelatiesWettelijke OvereenkomstenVerbrekers Van VerbondAlliantiesDe Aard Van Menselijke WijsheidTrouwTijd Van Vrede

En de koning Salomo deed een uitschot opkomen uit gans Israel; en het uitschot was dertig duizend man.

VersbegrippenDertigduizend En MeerGedwongen Arbeid

En hij zond hen naar den Libanon, tien duizend des maands bij beurten; een maand waren zij op den Libanon; twee maanden elk in zijn huis; en Adoniram was over dit uitschot.

VersbegrippenTienduizendenEen MaandTwee Tot Vier MaandenGedwongen Arbeid

En dat huis, hetwelk de koning Salomo den HEERE bouwde, was van zestig ellen in zijn lengte, en van twintig in zijn breedte, en van dertig ellen in zijn hoogte.

VersbegrippenBreedteBouwenHoogteAfmetingen Van GebouwenVrijmetselarij

En het voorhuis, vooraan den tempel van dat huis, was in zijn lengte van twintig ellen, naar de breedte van het huis, tien ellen in zijn breedte, vooraan het huis.

VersbegrippenVeranda'sAfmetingen Van Kamers

De onderste kamer was van vijf ellen in haar breedte, en de middelste van zes ellen in haar breedte, en de derde van zeven ellen in haar breedte; want hij had aan het huis rondom buitenwaarts inkortingen gemaakt, opdat zij zich niet hielden in de wanden van het huis.

VersbegrippenAfmetingen Van Kamers

Het huis nu, als het gebouwd werd, werd met volmaakten steen, zoals dezelve toegevoerd was, gebouwd; zodat geen hameren, noch bijl of enig ijzeren gereedschap gehoord werd in het huis, als het gebouwd werd.

VersbegrippenBouwenIjzerMetselaarsGereedschapHamersDe Eerste TempelBouw

De deur der middelste zijkamer was aan de rechterzijde van het huis; en door wenteltrappen ging men tot de middelste zijkamer, en van de middelste tot de derde.

VersbegrippenTrappenJuiste KantStappen

Dat huis nu was van veertig ellen, namelijk de tempel, die vooraan was.

VersbegrippenAfmetingen Van Kamers

En het ceder aan het huis inwendig was gesneden met knoppen en open bloemen; en het was al ceder, geen steen werd gezien.

VersbegrippenBloemenKerven Van BloemenCederKunstKervenCederhout

En de aanspraakplaats vooraan was van twintig ellen in lengte, en van twintig ellen in breedte, en van twintig ellen in haar hoogte, en hij overtoog ze met gesloten goud; ook overtoog hij het cederen altaar.

VersbegrippenBlokjesAfmetingen Van KamersOmhuld In HoutCederhout

Alzo overtoog hij het ganse huis met goud, totdat het ganse huis volmaakt was; daartoe overtoog hij met goud het gehele altaar, dat voor de aanspraakplaats was.

VersbegrippenDe Meest Heilige PlaatsOmhuld In Goud

In de aanspraakplaats nu maakte hij twee cherubs van olieachtig hout; elks hoogte was tien ellen.

VersbegrippenHoutAfmetingen Van TempelmeubilairTwee EngelsAfgebeelde Cherubijn

En van vijf ellen was de ene vleugel des cherubs, en van vijf ellen de andere vleugel des cherubs; van het einde van zijn enen vleugel, tot aan het einde van zijn anderen vleugel, waren tien ellen.

VersbegrippenAfmetingen Van Tempelmeubilair

Alzo was de andere cherub van tien ellen; beide cherubs hadden enerlei maat, en enerlei snede.

VersbegrippenAfmetingen Van TempelmeubilairZelfde Maten

De hoogte van den enen cherub was van tien ellen, en alzo van den anderen cherub.

VersbegrippenAfmetingen Van TempelmeubilairZelfde Maten

En aan den ingang der aanspraakplaats maakte hij deuren van olieachtig hout; de bovendorpel met de posten was het vijfde deel des wands.

En in het elfde jaar, in de maand Bul, welke is de achtste maand, was dit huis volmaakt, naar al zijn stukken en naar al zijn behoren; alzo heeft hij zeven jaren daaraan gebouwd.

VersbegrippenMaandHet Nieuwe JaarMaand 8Zeven JaarHet Werk Van De Mens Dat Voltooid Is

En het was bedekt met ceder van boven op de ribben, die op vijf en veertig pilaren waren, vijftien in een rij.

VersbegrippenVijftienVeertig

Er waren drie rijen van uitzichten, dat het ene venster was over het andere venster, in drie orden.

VersbegrippenTegengestelde KantenVensters Voor De TempelDrie Delen Van Constructies

Ook waren al de deuren en de posten vierkantig van enerlei uitzicht; en venster was tegenover venster, in drie orden.

VersbegrippenTegengestelde KantenHoekenVensters Voor De TempelDrie Delen Van Constructies

Daarna maakte hij een voorhuis van pilaren; vijftig ellen was zijn lengte, en dertig ellen zijn breedte; en het voorhuis was tegenover die, en de pilaren met de dikke balken tegenover dezelve.

VersbegrippenHuizenZalenAfmetingen Van Gebouwen

Ook maakte hij een voorhuis voor den troon, alwaar hij richtte, tot een voorhuis des gerichts, dat met ceder bedekt was, van vloer tot vloer.

VersbegrippenCederHet HofTroonZalenOmhuld In HoutMensen Die Betrokken Zijn Bij Het OordeelCederhout

En aan zijn huis, alwaar hij woonde, was een ander voorhof, meer inwaarts dan dat voorhuis, hetwelk aan hetzelve werk gelijk was; ook maakte hij voor de dochter van Farao, die Salomo tot vrouw genomen had, een huis, aan dat voorhuis gelijk.

Het was ook gegrondvest met kostelijke stenen, grote stenen; met stenen van tien ellen, en stenen van acht ellen.

VersbegrippenFunderingenFunderingen Van GebouwenAfmetingen Van Andere Dingen

En het grote voorhof was rondom van drie rijen gehouwen stenen, met een rij van cederen balken. Zo was het met het binnenste voorhof, van het huis des HEEREN, en met het voorhuis van dat huis.

VersbegrippenBinnenplaatsCederMurenCederhoutDrie Delen Van Constructies

Hij was de zoon ener weduwvrouw, uit den stam van Nafthali, en zijn vader was een man van Tyrus geweest, een koperwerker, die vervuld was met wijsheid, en met verstand, en met wetenschap, om alle werk in het koper te maken; deze kwam tot den koning Salomo, en maakte al zijn werk.

VersbegrippenBronsWerkelijke WeduwenVakmanschap

Want hij vormde twee koperen pilaren; de hoogte van den enen pilaar was achttien ellen, en een draad van twaalf ellen omving den anderen pilaar.

VersbegrippenNummer TwaalfAfmetingen Van PilarenHolheidTwee Delen Van ConstructiesHolBronzen Voorwerpen Voor De Tabernakel

Hij maakte ook twee kapitelen, van gegoten koper, om op de hoofden der pilaren te zetten; vijf ellen was de hoogte van het ene kapiteel, en vijf ellen de hoogte van het andere kapiteel.

VersbegrippenAfmetingen Van PilarenBronzen Voorwerpen Voor De Tabernakel

De kapitelen nu waren op de twee pilaren, ja, daarboven tegenover den buik, dewelke was nevens het net; en tweehonderd granaatappelen waren in rijen rondom, ook over het andere kapiteel.

VersbegrippenGranaatappelsNummer Tweehonderd

En op het hoofd der pilaren was het leliewerk; alzo werd het werk der pilaren volmaakt.

Verder maakte hij de gegotene zee; van tien ellen was zij van haar enen rand tot haar anderen rand, rondom rond, en van vijf ellen in haar hoogte, en een meetsnoer van dertig ellen omving ze rondom.

VersbegrippenBeeldhouwwerkGewichten En Maten, AfstandenAfmetingen Van TempelmeubilairCirkels

Zoekresultaten op Versies

Zoekresultaten op Boek

Alle Boeken

Public domain