9505 gebeurtenissen

'Zijn' in de Bijbel

En de HEERE zeide tot haar: Twee volken zijn in uw buik, en twee natien zullen zich uit uw ingewand van een scheiden; en het ene volk zal sterker zijn dan het andere volk; en de meerdere zal den mindere dienen.

VersbegrippenBaby's In De BaarmoederFavoritismeJacob De PatriarchAfhankelijkheidTwee GroepenFrisse JeugdBaarmoederMensen DienenSterke NatiesTegenslag Overwinnen

En de eerste kwam uit, ros; hij was geheel als een haren kleed; daarom noemden zij zijn naam Ezau.

VersbegrippenEerst ZijnBuitenkledijHarige MensenRode LichamenTweelingbroersKleurHaar

En daarna kwam zijn broeder uit, wiens hand Ezau's verzenen hield; daarom noemde men zijn naam Jakob. En Izak was zestig jaren oud, als hij hen gewon.

VersbegrippenHakkenInhaligMensen Met Toepasselijke NamenTweelingbroers

En Ezau zeide tot Jakob: Laat mij toch slorpen van dat rode, dat rode daar, want ik ben moede; daarom heeft men zijn naam genoemd Edom.

VersbegrippenOvergeven Aan VerleidingVoedsel VragenRode LichamenMensen Met Toepasselijke Namen

Toen zeide Jakob: Zweer mij op dezen dag! en hij zwoer hem; en hij verkocht aan Jakob zijn eerstgeboorte.

VersbegrippenMenselijke EedOvergeven Aan Verleiding

Woon als vreemdeling in dat land, en Ik zal met u zijn, en zal u zegenen; want aan u en uw zaad zal Ik al deze landen geven, en Ik zal den eed bevestigen, dien Ik Abraham uw vader gezworen heb.

VersbegrippenZegeningen Aan AbrahamGoddelijke EedVerblijvenGod Die Zegeningen VloektGod Zal Met Jou ZijnGod Zal ZegenenLand

En als de mannen van die plaats hem vraagden van zijn huisvrouw, zeide hij: Zij is mijn zuster; want hij vreesde te zeggen, mijn huisvrouw; opdat mij misschien, zeide hij, de mannen dezer plaats niet doden, om Rebekka; want zij was schoon van aangezicht.

VersbegrippenVoorbeelden Van BedrogTwijfelaarsStellen Van Bepaalde VragenOnjuiste VoorstellingAndere EchtgenotesMooie Vrouwen

En het geschiedde, als hij een langen tijd daar geweest was, dat Abimelech, de koning der Filistijnen, ten venster uitkeek, en hij zag, dat, ziet, Izak was jokkende met Rebekka zijn huisvrouw.

VersbegrippenDoor Vensters KijkenNa Een Lange TijdSportenKnuffels

En Abimelech gebood het ganse volk, zeggende: Zo wie deze man of zijn huisvrouw aanroert, zal voorzeker gedood worden!

VersbegrippenAanraken Om Te KwetsenDoodstraf Voor MoordenDe Bevelen Van De Koning

En al de putten, die de knechten van zijn vader, in de dagen van zijn vader Abraham, gegraven hadden, die stopten de Filistijnen, en vulden dezelve met aarde.

VersbegrippenUitgravingBronnen StoppenTijden Van Mensen

Als nu Izak wedergekeerd was, groef hij die waterputten op, die zij ten tijde van Abraham, zijn vader, gegraven, en die de Filistijnen na Abrahams dood toegestopt hadden; en hij noemde derzelver namen naar de namen, waarmede zijn vader die genoemd had.

VersbegrippenBronnen StoppenMensen Die Dingen BenoemenTijden Van Mensen

En hij brak op van daar, en groef een andere put, en zij twistten over dien niet; daarom noemde hij deszelfs naam Rehoboth, en zeide: Want nu heeft ons de HEERE ruimte gemaakt, en wij zijn gewassen in dit land.

VersbegrippenOvervloed, MaterieelUitgravingPotentieel Van FruitRuime PlekMensen Die Dingen BenoemenVrijheidNaar Een Nieuwe Plek GaanRuimteVruchtbaarheidLand

Toen bouwde hij daar een altaar, en riep den Naam des HEEREN aan. En hij sloeg aldaar zijn tent op; en Izaks knechten groeven daar een put.

VersbegrippenAltarenGod AanroepenNomadenTentenAltaren Gebouwd DoorAltaren BouwenUitgraving

En Abimelech trok tot hem van Gerar, met Ahuzzat, zijn vriend, en Pichol, zijn krijgsoverste.

VersbegrippenRaadgevers

En zij zeiden: Wij hebben merkelijk gezien, dat de HEERE met u is; daarom hebben wij gezegd: Laat toch een eed tussen ons zijn, tussen ons en tussen u, en laat ons een verbond met u maken:

VersbegrippenGod Met Specifieke Mensen

En het geschiedde, als Izak oud geworden was, en zijn ogen donker geworden waren, en hij niet zien kon; toen riep hij Ezau, zijn grootsten zoon, en zeide tot hem: Mijn zoon! En hij zeide tot hem: Zie, hier ben ik!

VersbegrippenOorzaken Van BlindheidHandicaps Van OuderdomOgen Aangetast DoorHandicapsBereiken Van Hoge LeeftijdVisieLichamelijke ZwakteVerduisterd ZichtZie Mij!Anderen Die Oproepen

Rebekka nu hoorde toe, als Izak tot zijn zoon Ezau sprak; en Ezau ging in het veld, om een wildbraad te jagen, dat hij het inbracht.

VersbegrippenLuisteren

En gij zult ze tot uw vader brengen, en hij zal eten, opdat hij u zegene voor zijn dood.

VersbegrippenVoedsel VragenVoor De DoodMensen Die Zegenen

Toen zeide Jakob tot Rebekka, zijn moeder: Zie, mijn broeder Ezau is een harig man, en ik ben een glad man.

VersbegrippenHuidGladheidHarige MensenGlad

Misschien zal mij mijn vader betasten, en ik zal in zijn ogen zijn als een bedrieger; zo zoude ik een vloek over mij halen, en niet een zegen.

VersbegrippenZij Die Liegen

En zijn moeder zeide tot hem: Uw vloek zij op mij, mijn zoon! hoor alleen naar mijn stem, en ga, haal ze mij.

VersbegrippenBesteed Aandacht Aan Mensen!

Toen ging hij, en hij haalde ze, en bracht ze zijn moeder; en zijn moeder maakte smakelijke spijzen, gelijk als zijn vader gaarne had.

VersbegrippenSmakelijkVan Andere Dingen Houden

En de vellen van de geitenbokjes trok zij over zijn handen, en over de gladdigheid van zijn hals.

VersbegrippenHarenNaaktheid BedekkenHerder Als BeroepListigheidDierenhuidenGladheidGlad

En hij kwam tot zijn vader, en zeide: Mijn vader! En hij zeide: Zie, hier ben ik; wie zijt gij, mijn zoon?

VersbegrippenWie Is Dit?Zie Mij!

En Jakob zeide tot zijn vader: Ik ben Ezau uw eerstgeborene; ik heb gedaan, gelijk als gij tot mij gesproken hadt; sta toch op, zit, en eet van mijn wildbraad, opdat uw ziel mij zegene.

VersbegrippenVoorbeelden Van BedrogEerstgeboreneMateriële ErfenisEerstgeboren ZonenDat Ben IkMensen Die Zegenen

Toen zeide Izak tot zijn zoon: Hoe is dit, dat gij het zo haast gevonden hebt, mijn zoon? En hij zeide: Omdat de HEERE uw God dat heeft doen ontmoeten voor mijn aangezicht.

VersbegrippenMensen OverwinnenWerk Is Binnenkort Gedaan

Toen kwam Jakob bij, tot zijn vader Izak, die hem betastte; en hij zeide: De stem is Jakobs stem, maar de handen zijn Ezau's handen.

VersbegrippenStemmenContact Met MensenDingen HerkennenValsspelers

Doch hij kende hem niet, omdat zijn handen harig waren, gelijk zijns broeders Ezau's handen; en hij zegende hem.

VersbegrippenHarige MensenGeen Mensen HerkennenMensen Die Anderen Zegenen

En zijn vader Izak zeide tot hem: Kom toch bij, en kus mij, mijn zoon!

VersbegrippenMensen Die KussenContact Met Mensen

Volken zullen u dienen, en natien zullen zich voor u nederbuigen; wees heer over uw broederen, en de zonen uwer moeder zullen zich voor u nederbuigen! Vervloekt moet hij zijn, wie u vervloekt; en wie u zegent, zij gezegend!

VersbegrippenLeven En Karakter Van JacobMensen DienenGroetenZegen Door Gods VolkIsraël Vervloeken

En het geschiedde, als Izak voleindigd had Jakob te zegenen, zo geschiedde het, toen Jakob maar even van het aangezicht van zijn vader Izak uitgegaan was, dat Ezau, zijn broeder, van zijn jacht kwam.

VersbegrippenBuitengaan

Hij nu maakte smakelijke spijzen toe, en bracht die tot zijn vader; en hij zeide tot zijn vader: Mijn vader sta op en ete van het wildbraad zijns zoons, opdat uw ziel mij zegene.

VersbegrippenSmakelijkMensen Die ZegenenHertKoken

En Izak, zijn vader, zeide tot hem: Wie zijt gij? En hij zeide: Ik ben uw zoon, uw eerstgeborene, Ezau.

VersbegrippenEerstgeboren ZonenWie Is Dit?Dat Ben Ik

Als Ezau de woorden zijns vaders hoorde, zo schreeuwde hij met een groten en bitteren schreeuw, gans zeer; en hij zeide tot zijn vader: Zegen mij, ook mij, mijn vader!

VersbegrippenWrok Tegenover MensenZelfmedelijdenEmotionele Aspecten Van LijdenStemmenBitter ZijnMensen Die ZegenenBitterheid

Toen zeide hij: Is het niet omdat men zijn naam noemt Jakob, dat hij mij nu twee reizen heeft bedrogen? mijn eerstgeboorte heeft hij genomen, en zie, nu heeft hij mijn zegen genomen! Voorts zeide hij: Hebt gij dan geen zegen voor mij uitbehouden?

VersbegrippenLeven En Karakter Van JacobZaken Twee Keer DoenMensen Die Mensen BenoemenInhaligMensen Die ZegenenAndere Zaken Opslaan

Toen antwoordde Izak, en zeide tot Ezau: Zie, ik heb hem tot een heer over u gezet, en al zijn broeders heb ik hem tot knechten gegeven; en ik heb hem met koorn en most ondersteund; wat zal ik u dan nu doen, mijn zoon?

VersbegrippenMensen DienenWijn Verschaffen

En Ezau zeide tot zijn vader: Hebt gij maar dezen enen zegen, mijn vader? Zegen mij, ook mij, mijn vader! En Ezau hief zijn stem op, en weende.

VersbegrippenHuilenAnderen Die RouwdenMensen Die Zegenen

Toen antwoordde zijn vader Izak en zeide tot hem: Zie, de vettigheden der aarde zullen uw woningen zijn, en van den dauw des hemels van boven af zult gij gezegend zijn.

VersbegrippenDauwGebrek Aan Regen

En op uw zwaard zult gij leven, en zult uw broeder dienen; doch het zal geschieden, als gij heersen zult, dan zult gij zijn juk van uw hals afrukken.

VersbegrippenNekRusteloosheidJukAfhankelijkheidIndividuen DienenMensen Die Anderen VrijlatenOverheersing

En Rebekka zeide tot Izak: Ik heb verdriet aan mijn leven vanwege de dochteren Heths! Indien Jakob een vrouw neemt van de dochteren Heths, gelijk deze zijn, van de dochteren dezes lands, waartoe zal mij het leven zijn?

VersbegrippenGevolgen Van De Afwezigheid Van HoopBeperkingen Omtrent Het HuwelijkVermoeidheidMoe Van Het Leven

En dat Jakob zijn vader en zijn moeder gehoorzaam geweest was, en naar Paddan-Aram getrokken was;

VersbegrippenGoede Kinderen

En dat Ezau zag, dat de dochteren van Kanaan kwaad waren in de ogen van Izak, zijn vader;

VersbegrippenSituaties ZienVerontrustende IndividuenHumor

Zo ging Ezau tot Ismael, en nam zich tot een vrouw boven zijn vrouwen, Mahalath, de dochter van Ismael, den zoon van Abraham, de zuster van Nebajoth.

VersbegrippenPolygamieGenoemde Zusters

En hij geraakte op een plaats, waar hij vernachtte; want de zon was ondergegaan; en hij nam van de stenen dier plaats, en maakte zijn hoofdpeluw, en legde zich te slapen te dierzelver plaats.

VersbegrippenNachtDe ZonBeddenZonsondergangStenen Als Monumenten

Toen nu Jakob van zijn slaap ontwaakte, zeide hij: Gewisselijk is de HEERE aan deze plaats, en ik heb het niet geweten!

VersbegrippenAngst Veroorzaakt DoorVroeg OpstaanGodsvrucht 's OchtendsDe Aanwezigheid Van GodOntwaken

Toen stond Jakob des morgens vroeg op, en hij nam dien steen, dien hij tot zijn hoofdpeluw gelegd had, en zette hem tot een opgericht teken, en goot daar olie boven op.

VersbegrippenObjecten ZalvenZalven Met OlieGodsvrucht 's OchtendsOchtendOlieVroeg OpstaanMonumentenGedenkstenenStenen Als MonumentenZij Die Vroeg OpstondenDingen ZalvenZalfolie

En Jakob beloofde een gelofte, zeggende: Wanneer God met mij geweest zal zijn, en mij behoed zal hebben op dezen weg, dien ik reize, en mij gegeven zal hebben brood om te eten, en klederen om aan te trekken;

VersbegrippenReisHet HedenGod Zal Met Jou ZijnGod Met Specifieke MensenGod HoudtJouw Familie BeschermenTeruggevenGoddelijke Bescherming

En ik ten huize mijns vaders in vrede zal wedergekeerd zijn; zo zal de HEERE mij tot een God zijn!

VersbegrippenIndividuen Die Naar Huis GaanHij Is Onze God

Toen hief Jakob zijn voeten op, en ging naar het land der kinderen van het Oosten.

VersbegrippenReisBijzondere Reizen

En derwaarts werden al de kudden verzameld, en zij wentelden den steen van den mond des puts, en drenkten de schapen, en legden den steen weder op den mond van dien put, op zijn plaats.

VersbegrippenHerder Als BeroepSamenkomst Van WezensDe Daad Van OpenenPutten OpenenBronnen StoppenRollen

Toen zeide Jakob tot hen: Mijn broeders! van waar zijt gij? En zij zeiden: Wij zijn van Haran.

VersbegrippenWaar Vandaan?

Voorts zeide hij tot hen: Is het wel met hem? En zij zeiden: Het is wel; en zie, Rachel, zijn dochter, komt met de schapen.

VersbegrippenZij Die Voorraad Hadden

Toen zeiden zij: Wij kunnen niet, totdat al de kudden samen zullen vergaderd zijn, en dat men den steen van den mond des puts afwentele, opdat wij de schapen drenken.

VersbegrippenSamenkomst Van WezensRollenNiet Mogelijk Om Andere Dingen Te Doen

En Jakob kuste Rachel; en hij hief zijn stem op en weende.

VersbegrippenMensen Die KussenKussendKussenVoorhuwelijks

En het geschiedde, als Laban die tijding hoorde van Jakob, zijner zusters zoon, zo liep hij hem tegemoet, en omhelsde hem, en kuste hem, en bracht hem tot zijn huis. En hij vertelde Laban al deze dingen.

VersbegrippenMensen Die KussenWapensKussendIndividuen Die LopenGenoemde Zusters

Daarna zeide Laban tot Jakob: Omdat gij mijn broeder zijt, zoudt gij mij derhalve om niet dienen? verklaar mij, wat zal uw loon zijn?

VersbegrippenEerlijk ZijnOnderhandelingWerkomstandigheden Van DienarenSalarissenGratis

En het geschiedde des avonds, dat hij zijn dochter Lea nam, en bracht haar tot hem; en hij ging tot haar in.

VersbegrippenSex Binnen Het HuwelijkHuwelijksseks tussenOverdaad

En Laban gaf haar Zilpa, zijn dienstmaagd, aan Lea, zijn dochter, tot een dienstmaagd.

VersbegrippenBruidschatVerlovingDienstmeisjesGewoonten In Verband Met Het HuwelijkHuwelijk, De Bruid

En Jakob deed alzo; en hij vervulde de week van deze. Toen gaf hij hem Rachel, zijn dochter, hem tot een vrouw.

VersbegrippenGewoonten In Verband Met Het HuwelijkPolygamieHet Werk Van De Mens Dat Voltooid Is

En Laban gaf aan zijn dochter Rachel zijn dienstmaagd Bilha, haar tot een dienstmaagd.

VersbegrippenDienstmeisjes

En Lea werd bevrucht, en baarde een zoon, en zij noemde zijn naam Ruben; want zij zeide: Omdat de HEERE mijn verdrukking heeft aangezien, daarom zal mijn man mij nu liefhebben.

VersbegrippenZwangerschapGod Ziet Hun EllendeGod Stuurde Zijn ZoonIk LijdtMannen En Vrouwen Die LiefhaddenMensen Met Toepasselijke Namen

En zij werd wederom bevrucht, en baarde een zoon, en zeide: Dewijl de HEERE gehoord heeft, dat ik gehaat was, zo heeft Hij mij ook dezen gegeven; en zij noemde zijn naam Simeon.

VersbegrippenGod Besteedde Aandacht Aan MijIndividuen HatenMensen Met Toepasselijke Namen

En zij werd nog bevrucht, en baarde een zoon, en zeide: Nu zal zich ditmaal mijn man bij mij voegen, dewijl ik hem drie zonen gebaard heb; daarom noemde zij zijn naam Levi.

VersbegrippenDrie KinderenMensen Met Toepasselijke Namen

En zij werd wederom bevrucht, en baarde een zoon, en zeide: Ditmaal zal ik den HEERE loven; daarom noemde zij zijn naam Juda. En zij hield op van baren.

VersbegrippenBeëindigingZijn Lof Laten ZienMensen Met Toepasselijke NamenVruchtbaar Zijn

Toen zeide Rachel: God heeft mij gericht, en ook mijn stem verhoord, en heeft mij een zoon gegeven; daarom noemde zij zijn naam Dan.

VersbegrippenGod Die BetuigtGod Besteedde Aandacht Aan MijMensen Met Toepasselijke NamenRechtvaardiging

Toen zeide Rachel: Ik heb worstelingen Gods met mijn zuster geworsteld; ook heb ik de overhand gehad; en zij noemde zijn naam Nafthali.

VersbegrippenMensen OverwinnenWorstelenMensen Met Toepasselijke Namen

Toen zeide Lea: Er komt een hoop! en zij noemde zijn naam Gad.

VersbegrippenMensen Met Toepasselijke Namen

Toen zeide Lea: Tot mijn geluk! want de dochters zullen mij gelukkig achten; en zij noemde zijn naam Aser.

VersbegrippenBlijdschapOpwindingMensen Met Toepasselijke NamenVreugde In Gods Werk

En Ruben ging in de dagen van de tarweoogst, en hij vond Dudaim in het veld, en hij bracht die tot zijn moeder Lea. Toen zeide Rachel tot Lea: Geef mij toch van uws zoons Dudaim.

VersbegrippenTarwe

Toen zeide Lea: God heeft mijn loon gegeven, nadat ik mijn dienstmaagd aan mijn man gegeven heb; en zij noemde zijn naam Issaschar.

VersbegrippenGeven In Het HuwelijkMensen Met Toepasselijke NamenBeloning Naar Werken

En Lea zeide: God heeft mij, mij heeft Hij begiftigd met een goede gift; ditmaal zal mijn man mij bijwonen; want ik heb hem zes zonen gebaard; en zij noemde zijn naam Zebulon.

VersbegrippenGeschenkenGeschenken Van GodAndere Geschenken Van GodMensen Met Toepasselijke Namen

En zij noemde zijn naam Jozef, zeggende: De HEERE voege mij een anderen zoon daartoe.

VersbegrippenMensen ToevoegenMensen Met Toepasselijke Namen

Ik zal heden door uw ganse kudde gaan, daarvan afzonderende al het gespikkelde en geplekte vee, en al het bruine vee onder de lammeren, en het geplekte en gespikkelde onder de geiten; en zulks zal mijn loon zijn.

VersbegrippenGeitenLammerenOnderhandelingZwarte DierenOnzuivere WezensZwart En WitKleur

Toen scheidde Jakob de lammeren, en hij wendde het gezicht der kudde op het gesprenkelde, en al het bruine onder Labans kudde; en hij stelde zijn kudden alleen, en hij zette ze niet bij de kudde van Laban.

VersbegrippenHerder Als BeroepDieren ScheidenZwarte DierenNiet Mengen

En de HEERE zeide tot Jakob: Keer weder tot het land uwer vaderen, en tot uw maagschap, en Ik zal met u zijn.

VersbegrippenGod Is OveralGoddelijke RichtingGod Zal Met Jou ZijnTerugkeren Naar Hun LandFamilie EerstGrootvadersLand

Toen zond Jakob heen, en riep Rachel en Lea, op het veld tot zijn kudde;

VersbegrippenAnderen Die Oproepen

Wanneer hij aldus zeide: De gespikkelde zullen uw loon zijn, zo lammerden al de kudden gespikkelde; en wanneer hij alzo zeide: De gesprenkelde zullen uw loon zijn, zo lammerden al de kudden gesprenkelde.

VersbegrippenOnzuivere WezensZwart En Wit

En Hij zeide: Hef toch uw ogen op, en zie! alle bokken, die de kudde beklimmen, zijn gesprenkeld, gespikkeld, en hagelvlakkig; want Ik heb gezien alles, wat Laban u doet.

VersbegrippenGod Ziet Hun EllendeOnzuivere WezensZwart En WitGod Stuurde Zijn Zoon

Zijn wij niet vreemden van hem geacht? Want hij heeft ons verkocht, en hij heeft ook steeds ons geld verteerd.

VersbegrippenBeschouwenBeschouwd Worden Als Vreemdelingen

Toen maakte zich Jakob op, en laadde zijn zonen en zijn vrouwen op kemelen.

En hij voerde al zijn vee weg, en al zijn have, die hij gewonnen had, het vee, dat hij bezat, hetwelk hij in Paddan-Aram geworven had, om te komen tot Izak, zijn vader, naar het land Kanaan.

VersbegrippenRijden

Laban nu was gegaan, om zijn schapen te scheren; zo stal Rachel de terafim, die haar vader had.

VersbegrippenMisdadigersHuishoud GodenSchapenStelenOorzaken Van LijdenSchapen ScherenGod Overvallen

En hij vlood, en al wat het zijne was, en hij maakte zich op, en voer over de rivier, en hij zette zijn aangezicht naar het gebergte Gilead.

VersbegrippenBergenRivier OverstekenRivier Tigris

Toen nam hij zijn broeders met zich, en jaagde hem achterna, een weg van zeven dagen, en hij kreeg hem op het gebergte van Gilead.

VersbegrippenZeven DagenInhalen

En Laban achterhaalde Jakob; Jakob nu had zijn tent geslagen op dat gebergte; ook sloeg Laban met zijn broederen de zijne op het gebergte van Gilead.

VersbegrippenNomadenKamp Van IsraëlInhalen

Toen antwoordde Laban en zeide tot Jakob: Deze dochters zijn mijn dochters, en deze zonen zijn mijn zonen, en deze kudde is mijn kudde, ja, al wat gij ziet, dat is mijn; en wat zoude ik aan deze mijn dochteren heden doen? of aan haar zonen, die zij gebaard hebben?

VersbegrippenMensen Die Andere Dingen Bezitten

En Jakob zeide tot zijn broederen: Vergadert stenen! En zij namen stenen, en maakten een hoop; en zij aten aldaar op dien hoop.

VersbegrippenStenen Als Monumenten

Toen zeide Laban: Deze hoop zij heden een getuige tussen mij en tussen u! Daarom noemde men zijn naam Gilead,

VersbegrippenDingen Als Getuigen

En Mizpa; omdat hij zeide: Dat de HEERE opzicht neme tussen mij en tussen u, wanneer wij de een van den ander zullen verborgen zijn!

VersbegrippenGod Houdt De WachtMensen Die Afscheid Nemen

Zo gij mijn dochteren beledigt, en zo gij vrouwen neemt boven mijn dochteren, niemand is bij ons; zie toe, God zal getuige zijn tussen mij en tussen u!

VersbegrippenDochtersPolygamieWettelijke GetuigenBeroep Doen Op GodDe Getuige Van GodMensen Die Mogelijk Kwaad Doen

De God van Abraham, en de God van Nahor, de God huns vaders richte tussen ons! En Jakob zwoer bij de Vreze zijn vaders Izaks.

VersbegrippenGod Als RechterGod Moet Gevreesd Worden

Toen slachtte Jakob een slachting op dat gebergte, en hij nodigde zijn broederen, om brood te eten; en zij aten brood, en vernachtten op dat gebergte.

VersbegrippenFeesten Op Speciale GelegenhedenFeestenUitnodigingenEten Voor GodTijdelijk Blijven

En Laban stond des morgens vroeg op, en kuste zijn zonen, en zijn dochteren, en zegende hen; en Laban trok heen, en keerde weder tot zijn plaats.

VersbegrippenMensen Die KussenKleinkinderenOchtendZij Die Vroeg OpstondenIndividuen Die Naar Huis GaanMensen Die Anderen ZegenenAfscheid Nemen

En Jakob zond boden uit voor zijn aangezicht tot Ezau, zijn broeder, naar het land Seir, de landstreek van Edom.

VersbegrippenUitgestuurde BoodschappersBoodschapper

En de boden kwamen weder tot Jakob, zeggende: Wij zijn gekomen tot uw broeder, tot Ezau; en ook trekt hij u tegemoet, en vierhonderd mannen met hem.

VersbegrippenUitgestuurde BoodschappersVier- Tot VijfhonderdMensen OntmoetenVier- En Vijfhonderd

Zoekresultaten op Versies

Zoekresultaten op Boek

Alle Boeken

Public domain