5 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Schuldenaars' in de Bijbel

Jezus zeide: Een zeker schuldheer had twee schuldenaars; de een was schuldig vijfhonderd penningen, en de andere vijftig;

VersbegrippenTwee Behoeftige MannenVerlenen En OntlenenSchuld

Of die achttien, op welke de toren in Siloam viel, en doodde ze; meent gij, dat deze schuldenaars zijn geweest, boven alle mensen, die in Jeruzalem wonen?

VersbegrippenOngevallenOorzaken Van LijdenTorensAchttienDood Van Andere GroepenDingen VallenTragedieBruggen

En hij riep tot zich een iegelijk van de schuldenaars zijns heeren, en zeide tot den eersten: Hoeveel zijt gij mijn heer schuldig?

VersbegrippenSchuldBeheren Van GeldValsspelersBoekhouden

Zo dan, broeders, wij zijn schuldenaars niet aan het vlees, om naar het vlees te leven.

VersbegrippenLeven Voor Het MateriëleSchuldJe Lichaam Respecteren

Want het heeft hun zo goed gedacht; ook zijn zij hun schuldenaars; want indien de heidenen hunner geestelijke goederen deelachtig zijn geworden, zo zijn zij ook schuldig hen van lichamelijke goederen te dienen.

VersbegrippenBroederschap In Het EvangelieDeelname In ChristusEenheid Tussen Gods MensenHetgeen Spiritueel IsLeven In Een Materiële WereldDelen In ChristusDelenSchuld

Zoekresultaten op Versies

Alle versies

Zoekresultaten op Boek

Alle Boeken

Public domain