'Goed' in de Bijbel
Of als een mens zal gezworen hebben, onbedacht met zijn lippen uitsprekende, om kwaad te doen, of om goed te doen; naar al wat de mens in den eed onbedacht uitspreekt, en het is voor hem verborgen geweest, en hij zal het gewaar worden, zo is hij aan een van die schuldig.
Toen sprak Aaron tot Mozes: Zie, heden hebben zij hun zondoffer en hun brandoffer voor het aangezicht des HEEREN geofferd, en zulke dingen zijn mij wedervaren; en had ik heden het zondoffer gegeten, zou dat goed geweest zijn in de ogen des HEEREN?
Maar indien zijn hand niet gevonden heeft, wat genoeg is, om aan hem weder uit te keren, zo zal zijn verkochte goed zijn in de hand van deszelfs koper tot het jubeljaar toe; maar in het jubeljaar zal het uitgaan, en hij zal tot zijn bezitting wederkeren.
Hij zal niet vermangelen, noch hetzelve verwisselen, een goed voor een kwaad, of een kwaad voor een goed; indien hij nochtans een beest voor een beest enigzins verwisselt, zo zal dit, en wat daarvoor verwisseld is, heilig zijn.
En de priester zal dat schatten, naar dat het goed of kwaad is; naar uw schatting, priester! zo zal het zijn.
En wanneer iemand zijn huis zal geheiligd hebben, dat het den HEERE heilig zij, zo zal de priester dat schatten, naar dat het goed of kwaad is; gelijk als de priester dat geschat zal hebben, zo zal het stand hebben.
Zoekresultaten op Versies
Zoekresultaten op Boek
- Genesis (30)
- Exodus (3)
- Leviticus (7)
- Numberi (7)
- Deuteronomium (12)
- Jozua (4)
- Richteren (3)
- Ruth (2)
- 1 Samuël (17)
- 2 Samuël (17)
- 1 Koningen (10)
- 2 Koningen (5)
- 1 Kronieken (3)
- 2 Kronieken (8)
- Ezra (1)
- Nehemia (4)
- Esther (7)
- Job (8)
- Psalmen (42)
- Spreuken (44)
- Prediker (13)
- Hooglied (2)
- Jesaja (7)
- Jeremia (17)
- Klaagliederen (3)
- Ezechiël (6)
- Daniël (4)
- Hosea (3)
- Micha (2)
- Nahum (1)
- Zefanja (1)
- Zacharia (3)
- Maleachi (1)