'Lang' in de Bijbel
Zo gingen Mozes en Aaron tot Farao, en zeiden tot hem: Zo zegt de HEERE, de God der Hebreen: Hoe lang weigert gij u voor Mijn aangezicht te verootmoedigen? Laat Mijn volk trekken, dat zij Mij dienen.
En de knechten van Farao zeiden tot hem: Hoe lang zal ons deze tot een strik zijn, laat de mannen trekken, dat zij den HEERE hun God dienen! weet gij nog niet, dat Egypte verloren is?
Dat er zeven dagen lang geen zuurdesem in uw huizen gevonden worde, want al wie het gedesemde eten zal, dezelve ziel zal uit de vergadering van Israel uitgeroeid worden, hij zij een vreemdeling of een ingeborene des lands.
Toen zeide de HEERE tot Mozes: Hoe lang weigert gijlieden te houden Mijn geboden en Mijn wetten?
Alzo zullen ook aan den noorderhoek, in de lengte, de behangselen honderd ellen lang zijn; en zijn twintig pilaren, en derzelver twintig voeten, van koper; de haken der pilaren, en derzelver banden zullen van zilver zijn.
Zoekresultaten op Versies
Zoekresultaten op Boek
- Genesis (1)
- Exodus (5)
- Leviticus (2)
- Numberi (3)
- Deuteronomium (6)
- Jozua (4)
- Richteren (1)
- Ruth (1)
- 1 Samuël (5)
- 2 Samuël (3)
- 1 Koningen (1)
- 2 Koningen (2)
- 1 Kronieken (2)
- 2 Kronieken (1)
- Nehemia (1)
- Esther (3)
- Job (5)
- Psalmen (18)
- Spreuken (2)
- Jesaja (4)
- Jeremia (9)
- Klaagliederen (1)
- Ezechiël (7)
- Daniël (3)
- Hosea (1)
- Habakuk (1)
- Zacharia (1)