'Moeder' in de Bijbel
En van waar komt mij dit, dat de moeder mijns Heeren tot mij komt?
En zijn moeder antwoordde en zeide: Niet alzo, maar hij zal Johannes heten.
(Gelijk geschreven is in de wet des Heeren: Al wat mannelijk is, dat de moeder opent, zal den Heere heilig genaamd worden.)
En Jozef en Zijn moeder verwonderden zich over hetgeen van Hem gezegd werd.
En Simeon zegende henlieden, en zeide tot Maria, Zijn moeder: Zie, Deze wordt gezet tot een val en opstanding veler in Israel, en tot een teken, dat wedersproken zal worden.
En de dagen aldaar voleindigd hadden, toen zij wederkeerden, bleef het Kind Jezus te Jeruzalem, en Jozef en Zijn moeder wisten het niet.
En zij, Hem ziende, werden verslagen; en Zijn moeder zeide tot Hem: Kind! waarom hebt Gij ons zo gedaan? Zie, Uw vader en ik hebben U met angst gezocht.
En Hij ging met hen af, en kwam te Nazareth, en was hun onderdanig. En Zijn moeder bewaarde al deze dingen in haar hart.
En Jezus, opgestaan zijnde uit de synagoge, ging in het huis van Simon; en Simons vrouws moeder was met een grote koorts bevangen, en zij baden Hem voor haar.
En als Hij de poort der stad genaakte, zie daar, een dode werd uitgedragen, die een eniggeboren zoon zijner moeder was, en zij was weduwe en een grote schare van de stad was met haar.
En de dode zat overeind, en begon te spreken. En Hij gaf hem aan zijn moeder.
En Zijn moeder en Zijn broeders kwamen tot Hem, en konden bij Hem niet komen, vanwege de schare.
En Hem werd geboodschapt van enigen, die zeiden: Uw moeder en Uw broeders staan daar buiten, begerende U te zien.
Maar Hij antwoordde en zeide tot hen: Mijn moeder en Mijn broeders zijn dezen, die Gods Woord horen, en datzelve doen.
En als Hij in het huis kwam, liet Hij niemand inkomen, dan Petrus, en Jakobus, en Johannes, en den vader en de moeder des kinds.
De vader zal tegen den zoon verdeeld zijn, en de zoon tegen den vader; de moeder tegen de dochter; en de dochter tegen de moeder; de schoonmoeder tegen haar schoondochter, en de schoondochter tegen haar schoonmoeder.
Indien iemand tot Mij komt en niet haat zijn vader, en moeder, en vrouw, en kinderen, en broeders, en zusters, ja, ook zelfs zijn eigen leven, die kan Mijn discipel niet zijn.
Gij weet de geboden: Gij zult geen overspel doen; gij zult niet doden; gij zult niet stelen; gij zult geen valse getuigenis geven; eer uw vader en uw moeder.
En deze waren Maria Magdalena, en Johanna, en Maria, de moeder van Jakobus, en de andere met haar, die dit tot de apostelen zeiden.
Zoekresultaten op Versies
Zoekresultaten op Boek
- Genesis (20)
- Exodus (7)
- Leviticus (12)
- Numberi (1)
- Deuteronomium (12)
- Jozua (3)
- Richteren (15)
- Ruth (2)
- 1 Samuël (4)
- 2 Samuël (3)
- 1 Koningen (15)
- 2 Koningen (22)
- 1 Kronieken (2)
- 2 Kronieken (12)
- Esther (1)
- Job (1)
- Psalmen (8)
- Spreuken (14)
- Hooglied (5)
- Jesaja (3)
- Jeremia (8)
- Ezechiël (8)
- Hosea (4)
- Micha (1)
- Zacharia (1)
Verwante onderwerpen
- Baarmoeder
- Baby's In De Baarmoeder
- Borsten, Zogende Moeders
- De Baarmoeder Openen
- De Liefde Van Moeders Voor Haar Kinderen
- De Liefde Van Moeders Voor Kinderen
- Dierlijke Moeders
- Dood Van Een Moeder
- Grootmoeders
- Houding Tegenover Jouw Moeder
- Moeder Zijn
- Moederen
- Moederliefde
- Moeders
- Moeders
- Moeders Als Een Symbool
- Moeders Dood
- Moeders En Dochters
- Moeders En Zonen
- Moeders Van Koningen
- Moederschap
- Schoonmoeders
- Spirituele Moeders
- Toegewijde Moeders
- Van Je Moeder Houden
- Vanuit De Baarmoeder
- Verantwoordelijkheden Van Moeders
- Verantwoordelijkheden Van Vaders
- Voorbeelden Van Moederliefde
- Voorbeelden Van Moeders