3 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Schoon' in de Bijbel

Jongelingen, aan dewelke geen gebrek ware, maar schoon van aangezicht, en vernuftig in alle wijsheid, en ervaren in wetenschap, en kloek van verstand, en in dewelke bekwaamheid ware, om te staan in des konings paleis; en dat men hen onderwees in de boeken en spraak der Chaldeen.

VersbegrippenIntelligentieTalenTalen Beschreven In Het SchriftIntellectuele WijsheidMensen Perfect GemaaktAlfabetMensen Met KennisKoningen DienenOnderwijsWiskundeTienerKoningshuisAantrekkelijke Mannen

Zijn loof was schoon, en zijn vruchten vele, en er was spijze aan denzelve voor allen; onder hem vond het gedierte des velds schaduw, en de vogelen des hemels woonden in haar takken, en alle vlees werd daarvan gevoed.

VersbegrippenOvervloed, MaterieelGebladerteVruchten Dragen

En wiens loof schoon, en wiens vruchten vele waren, en waar spijze aan was voor allen, onder wien het gedierte des velds woonde, en in wiens takken de vogelen des hemels nestelden;

VersbegrippenGebladerteVruchten Dragen

Public domain