6 gebeurtenissen in 1 vertaling
'Borg' in de Bijbel
Mijn zoon! zo gij voor uw naaste borg geworden zijt, voor een vreemde uw hand toegeklapt hebt;
Als iemand voor een vreemde borg geworden is, hij zal zekerlijk verbroken worden; maar wie degenen haat, die in de hand klappen, is zeker.
Een verstandeloos mens klapt in de hand, zich borg stellende bij zijn naaste.
Als iemand voor een vreemde borg geworden is, neem zijn kleed; en pand hem voor de onbekenden.
Wees niet onder degenen, die in de hand klappen, onder degenen, die voor schulden borg zijn.
Als iemand voor een vreemde borg geworden is, neem zijn kleed, en pand hem voor een onbekende vrouw.
Zoekresultaten op Versies
Alle versies