61 gebeurtenissen

'Uw' in de Bijbel

Jezus zeide tot haar: Ga heen, roep uw man, en kom hier.

VersbegrippenAnderen Die OproepenEen Goede Echtgenoot

Want gij hebt vijf mannen gehad, en dien gij nu hebt, is uw man niet; dat hebt gij met waarheid gezegd.

VersbegrippenEenzaamheidVijf MensenZe Bedreven ImmoraliteitEen Vrouw Van God ZijnMan En VrouwEen Goede Echtgenoot

Zegt gijlieden niet: Het zijn nog vier maanden, en dan komt de oogst? Ziet, Ik zeg u: Heft uw ogen op en aanschouwt de landen; want zij zijn alrede wit om te oogsten.

VersbegrippenVeldenKansen En VerlossingKleuren, WitZielenwinnaarsTwee Tot Vier MaandenSituaties ZienMaandenIdentiteit In Christus

Jezus zeide tot hem: Ga heen, uw zoon leeft. En de mens geloofde het woord, dat Jezus tot hem zeide, en ging heen.

VersbegrippenDoor De Mens In Leven Gehouden WordenZij Die In Christus Geloofden

En als hij nu afging, kwamen hem zijn dienstknechten tegemoet, en boodschapten, zeggende: Uw kind leeft!

VersbegrippenVerder Leven

De vader bekende dan, dat het in dezelve ure was, in dewelke Jezus tot hem gezegd had: Uw zoon leeft. En hij geloofde zelf, en zijn gehele huis.

VersbegrippenOorsprong Van GeloofSoorten EvangelisatieHuizenDoor De Mens In Leven Gehouden WordenTerzelfdertijdDe Feiten KennenZij Die In Christus Geloofden

Hij antwoordde hun: Die mij gezond gemaakt heeft, Die heeft mij gezegd: Neem uw beddeken op, en wandel.

VersbegrippenDe Genezen Die WandelenJezus Die GeneestAndere Ladingen Dragen

Zij vraagden hem dan: Wie is de Mens, Die u gezegd heeft: Neem uw beddeken op, en wandel?

VersbegrippenDe Genezen Die WandelenWie Is De Doener?Andere Ladingen Dragen

Dit is het Brood, dat uit den hemel nedergedaald is; niet gelijk uw vaders het Manna gegeten hebben, en zijn gestorven. Die dit Brood eet, zal in der eeuwigheid leven.

VersbegrippenVooroudersChristus Die NeergaatLeven In ChristusNiet Zoals DingenChristus En De HemelDood Van Andere GroepenJezus Als VoedselHet Leven Is In Christus

Zo zeiden dan Zijn broeders tot Hem: Vertrek van hier, en ga heen in Judea, opdat ook Uw discipelen Uw werken mogen aanschouwen, die Gij doet.

VersbegrippenDe Aardse Familie Van ChristusHet Werk Van ChristusAndere Verwijzingen Naar DiscipelenHalfbroersBroers En ZussenKritiek

Jezus dan zeide tot hen: Mijn tijd is nog niet hier, maar uw tijd is altijd bereid.

VersbegrippenTijdloosheidJuiste Tijd Voor De MensenNiet De TijdAndere TijdenTijden Van Christus

En Jezus, Zich oprichtende, en niemand ziende dan de vrouw, zeide tot haar: Vrouw, waar zijn deze uw beschuldigers? Heeft u niemand veroordeeld?

VersbegrippenGeen VeroordelingWaar Zijn Mensen?

En er is ook in uw wet geschreven, dat de getuigenis van twee mensen waarachtig is.

VersbegrippenTwee GetuigenTwee GetuigenGeschreven In De WetGetuigenisGetuigenGeloofwaardigheid

Jezus dan zeide wederom tot hen: Ik ga heen, en gij zult Mij zoeken, en in uw zonden zult gij sterven; waar Ik heenga, kunt gijlieden niet komen.

VersbegrippenHel Als Een ErvaringDood Van De GoddelozenVoorspellingen Uitgesproken Door JezusVertrekkenInstructies Over VolgenBekeer, Tenzij Je SterftNiet Mogelijk Om Andere Dingen Te Doen

Ik spreek wat Ik bij Mijn Vader gezien heb; gij doet dan ook, wat gij bij uw vader gezien hebt.

VersbegrippenOorzaken Van ZondeRelatie Tussen Vader En ZoonSpreken Als Van God

Jezus dan zeide tot hen: Indien God uw Vader ware, zo zoudt gij Mij liefhebben; want Ik ben van God uitgegaan; en kom van Hem. Want Ik ben ook van Mijzelven niet gekomen, maar Hij heeft Mij gezonden.

VersbegrippenMissie Van Jezus ChristusLiefde Voor Christus Getoond AlsDe Relatie Van Christus Tot GodLiefde Voor GodGoddelijke BoodschapperMensen Die BeginnenNiet AlleenGod Stuurde AnderenGod Niet LiefhebbenLiefde En RelatiesVaderliefde

Abraham, uw vader, heeft met verheuging verlangd, opdat hij Mijn dag zien zou; en hij heeft hem gezien, en is verblijd geweest.

VersbegrippenMenswordingVreugde Van De KerkAbraham, Referenties Nieuw TestamentOpwindingMessiaanse HoopTijden Van ChristusDe Vreugde Van VadersGrootvaders

Zij zeiden wederom tot den blinde: Gij, wat zegt gij van Hem; dewijl Hij uw ogen geopend heeft? En hij zeide: Hij is een Profeet.

VersbegrippenJezus De Profeet

En zij vraagden hun, zeggende: Is deze uw zoon, welken gij zegt, dat blind geboren is? Hoe ziet hij dan nu?

VersbegrippenVanaf De GeboorteIs Het Echt?

En zij zeiden wederom tot hem: Wat heeft Hij u gedaan? Hoe heeft Hij uw ogen geopend?

VersbegrippenWat Doen Zij?

Jezus zeide tot hen: Indien gij blind waart, zo zoudt gij geen zonde hebben; maar nu zegt gij: Wij zien; zo blijft dan uw zonde.

VersbegrippenExcuusLeeftijd Van VerantwoordingBlindheidSchuld

Jezus antwoordde hun: Is er niet geschreven in uw wet: Ik heb gezegd, gij zijt goden?

VersbegrippenMannen Als GodenHet SchriftLijdersHet Woord Van God

Vader, verheerlijk Uw Naam. Er kwam dan een stem uit den hemel, zeggende: En Ik heb Hem verheerlijkt, en Ik zal Hem wederom verheerlijken.

VersbegrippenUniekGod Spreekt Vanuit De HemelRelatie Tussen Vader En ZoonAndere Verwijzingen Naar Gods Naam

Indien dan Ik, de Heere en de Meester, uw voeten gewassen heb, zo zijt gij ook schuldig, elkanders voeten te wassen.

VersbegrippenVoeten WassenHet Doel Van VoorbeeldenReine VoetenVoeten In ActieZorg Voor VoetenChristus Is De HeerPlichtGezondheidszorg

Jezus antwoordde hem: Zult gij uw leven voor Mij zetten? Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: De haan zal niet kraaien, totdat gij Mij driemaal verloochend zult hebben.

VersbegrippenVoorkennisPetrus De LeerlingVoorspellingenKraaienVoorbeelden Van Vals VertrouwenChristus Die De Toekomst VoorspeltDrie Keer CommunicerenKippenVogelgeluid

Maar omdat Ik deze dingen tot u gesproken heb, zo heeft de droefheid uw hart vervuld.

VersbegrippenZorgenAndere Verdrietige Mensen

Dit heeft Jezus gesproken, en Hij hief Zijn ogen op naar den hemel, en zeide: Vader, de ure is gekomen, verheerlijk Uw Zoon, opdat ook Uw Zoon U verheerlijke.

VersbegrippenArresterenHet Doel Van GodHemelswaards KijkenChristus Die ZietRelatie Tussen Vader En ZoonTijden Van ChristusDe Activiteiten Van De Vader Tegenover Christus

Ik bid voor hen; Ik bid niet voor de wereld, maar voor degenen, die Gij Mij gegeven hebt, want zij zijn Uw.

VersbegrippenDe Betekenis Van MozesGod Gevend Aan De ZoonJezus Die BidtMensen Die Behoren Tot GodBidden Voor Anderen

Jezus dan zeide tot Petrus: Steek uw zwaard in de schede. Den drinkbeker, dien Mij de Vader gegeven heeft, zal Ik dien niet drinken?

VersbegrippenDrinkenZelfverdedigingDrankjes, FiguurlijkDe Relatie Van Christus Tot GodOntslagEen Kop Vol LijdenGod Gevend Aan De ZoonDe Vader

Pilatus dan zeide tot hen: Neemt gij Hem, en oordeelt Hem naar uw wet. De Joden dan zeiden tot hem: Het is ons niet geoorloofd iemand te doden.

VersbegrippenOnbeperktDoodstraf Voor MoordenDe Wet NalevenAutonomie

Pilatus antwoordde: Ben ik een Jood? Uw volk en de overpriesters hebben U aan mij overgeleverd; wat hebt Gij gedaan?

VersbegrippenHogepriestersChristus OverhandigenJoden Afzonderlijk Van De HeidenenDe Hogepriesters Die Christus VeroordelenWelke Zonde?

En het was de voorbereiding van het pascha, en omtrent de zesde ure; en hij zeide tot de Joden: Ziet, uw Koning!

VersbegrippenEten Bereiden

Maar zij riepen: Neem weg, neem weg, kruis Hem! Pilatus zeide tot hen: Zal ik uw Koning kruisigen? De overpriesters antwoordden: Wij hebben geen koning, dan den keizer.

VersbegrippenHogepriestersWoorden DuplicerenChristus VerdrijvenChristus Zou Worden Vermoord

Daarna zeide Hij tot den discipel: Zie, uw moeder. En van die ure aan nam haar de discipel in zijn huis.

VersbegrippenHouding Tegenover Jouw MoederIndividuen Die Naar Huis GaanMoedersDe Liefde Van Moeders Voor Haar Kinderen

Jezus zeide tot haar: Raak Mij niet aan, want Ik ben nog niet opgevaren tot Mijn Vader; maar ga heen tot Mijn broeders, en zeg hun: Ik vare op tot Mijn Vader en uw Vader, en tot Mijn God en uw God.

VersbegrippenHet Vaderschap Van GodKledingDe Verrijzenis Van Jezus ChristusNamen En Titels Voor De ChristenenBroederschapBewonderingVastklampen Aan MensenJesus Die Terugkeert Naar De VaderRelatie Tussen Vader En ZoonJij Bent Onze God

Voorwaar, voorwaar, zeg Ik u: Toen gij jonger waart, gorddet gij uzelven, en wandeldet, alwaar gij wildet; maar wanneer gij zult oud geworden zijn, zo zult gij uw handen uitstrekken, en een ander zal u gorden, en brengen, waar gij niet wilt.

VersbegrippenAffirmatiesUitrekkenFrisse JeugdZichzelf KledenAnderen KledenChristus Die De Waarheid SpreektOnwillige Mensen

Zoekresultaten op Versies

Zoekresultaten op Boek


Public domain