4 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Af' in de Bijbel

Daarna hief Aaron zijn handen op tot het volk, en zegende hen; en hij kwam af, nadat hij het zondoffer, en brandoffer, en dankoffer gedaan had.

VersbegrippenAaron, Priesterlijke VerantwoordelijkhedenAaron, PrivilegesMan Die TenondergaatHanden OpheffenMensen Die Anderen Zegenen

Naar het getal der jaren, van het jubeljaar af, zult gij van uw naaste kopen, en naar het getal van de jaren der inkomsten zal hij het aan u verkopen.

VersbegrippenVolgens Tijd

En hij zal met zijn koper rekenen van dat jaar af, dat hij zich aan hem verkocht heeft tot het jubeljaar toe; alzo dat het geld zijner verkoping zal zijn naar het getal van de jaren, naar de dagen eens dagloners zal het met hem zijn.

VersbegrippenHurenSalarissenVolgens Tijd

Indien hij zijn akker van het jubeljaar af geheiligd zal hebben, zo zal het naar uw schatting stand hebben.

Public domain