26 gebeurtenissen in 1 vertaling

'Daar' in de Bijbel

Zie, als gij daar nog met den koning spreken zult, zo zal ik na u inkomen, en zal uw woorden vervullen.

VersbegrippenTerwijl We Praten

En zij gaven den koning te kennen, zeggende: Zie, de profeet Nathan is daar; en hij kwam voor het aangezicht des konings, en boog zich voor den koning op zijn aangezicht ter aarde.

VersbegrippenBuigen Voor David

Daartoe hebben hem Zadok, de priester, en Nathan, de profeet, in Gihon tot koning gezalfd, en zijn van daar blijde opgetogen, zodat de stad in roer is; dat is het geroep, dat gij gehoord hebt.

VersbegrippenOpwindingZalving Van Koningen

En Salomo zeide: Indien hij een vroom man zal zijn, daar zal niet van zijn haar op de aarde vallen; maar indien in hem kwaad bevonden zal worden, zo zal hij sterven.

VersbegrippenVoorbeelden Van GenadeHoofdenHaren BeschermdHaar

Zo zal de HEERE zijn bloed op zijn hoofd doen wederkeren, omdat hij op twee mannen, rechtvaardiger en beter dan hij, aangevallen is, en die met het zwaard gedood heeft, daar het mijn vader David niet wist, Abner, den zoon van Ner, den krijgsoverste van Israel, en Amasa, den zoon van Jether, den krijgsoverste van Juda.

VersbegrippenGod Draait Het Kwaad TerugGod Zal Het EisenOnwetendheid Van Feiten

Daarna zond de koning, en riep Simei, en zeide tot hem: Bouw u een huis in Jeruzalem, en woon aldaar; en ga van daar niet uit herwaarts of derwaarts.

VersbegrippenHuizen Bouwen

En de aanspraakplaats bereidde hij inwaarts in het huis, om de ark des verbonds des HEEREN daar te zetten.

VersbegrippenDe Meest Heilige PlaatsHeiligdomDe Ark In De Tempel

Van dien dag af, dat Ik Mijn volk Israel uit Egypteland uitgevoerd heb, heb Ik geen stad verkoren uit alle stammen van Israel, om een huis te bouwen, dat Mijn Naam daar zou wezen; maar Ik heb David verkoren, dat hij over Mijn volk Israel wezen zou.

VersbegrippenHandelingen Van Vrijheid In OTGods Verbond Met DavidGod Haalt Israël Uit EgypteEen Plek Voor Gods NaamGods Verkiezing Van David

En ik heb daar een plaats beschikt voor de ark, waarin het verbond des HEEREN is, hetwelk Hij met onze vaderen maakte, als Hij hen uit Egypteland uitvoerde.

VersbegrippenDe Ark In De TempelGod Haalt Israël Uit EgypteVoorwaarden Van Het Verbond In De Sinaï

Dat Uw ogen open zijn, nacht en dag, over dit huis, over deze plaats, van dewelke Gij gezegd hebt: Mijn Naam zal daar zijn; om te horen naar het gebed, hetwelk Uw knecht bidden zal in deze plaats.

VersbegrippenDag En Nacht AanbiddenPlechtighedenEen Plek Voor Gods NaamRichtingGod Beantwoordde Gebeden

En de HEERE zeide tot hem: Ik heb uw gebed en uw smeking gehoord, die gij voor Mijn aangezicht smekende gedaan hebt; Ik heb dat huis geheiligd, hetwelk gij gebouwd hebt, opdat Ik Mijn Naam aldaar tot in eeuwigheid zette; en Mijn ogen en Mijn hart zullen daar zijn te allen dage.

VersbegrippenGoddelijk HartDe Groei Van Gelovigen In HeiligheidHeiligheid, Afzonderlijk Voor GodHet Doel Van HeiligheidAntwoord Op GebedOntvankelijkheidGoddelijke WaakzaamheidGod Beantwoordde GebedGod Besteedt AandachtEen Plek Voor Gods NaamSmeekbede

En zij kwamen te Ofir, en haalden van daar aan goud, vierhonderd en twintig talenten, en brachten het tot den koning Salomo.

VersbegrippenMunstelselHandelGewichten Van GoudTalenten

En twaalf leeuwen stonden daar op de zes trappen aan beide zijden, desgelijks is in geen koninkrijken gemaakt geweest.

VersbegrippenNummer TwaalfLeeuwenZes DingenUnieke DingenTwaalf Dieren

En zijn zoon zal Ik een stam geven; opdat Mijn knecht David altijd een lamp voor Mijn aangezicht hebbe in Jeruzalem, de stad, die Ik Mij verkoren heb, om Mijn Naam daar te stellen.

VersbegrippenStadDe Betekenis Van JeruzalemEen Plek Voor Gods Naam

Het geschiedde nu, als Jerobeam, de zoon van Nebat, dit hoorde, daar hij nog in Egypte was (want hij was van het aangezicht van den koning Salomo gevloden; en Jerobeam woonde in Egypte),

Jerobeam nu bouwde Sichem op het gebergte van Efraim, en woonde daarin, en toog van daar uit, en bouwde Penuel.

VersbegrippenVestingen

En Jerobeam zeide tot zijn huisvrouw: Maak u nu op, en verstel u, dat men niet merkte, dat gij Jerobeams huisvrouw zijt, en ga heen naar Silo, zie, daar is de profeet Ahia, die van mij gesproken heeft, dat ik koning zou zijn over dit volk.

VersbegrippenVermommingenJezelf Veranderen

Rehabeam nu, de zoon van Salomo, regeerde in Juda; een en veertig jaren was Rehabeam oud, als hij koning werd, en regeerde zeventien jaren te Jeruzalem, in de stad, die de HEERE verkoren had uit al de stammen van Israel, om Zijn Naam daar te zetten; en de naam zijner moeder was Naama, de Ammonietische.

VersbegrippenStadPrivileges Van VerkiezingDe Betekenis Van JeruzalemDe Geschiedenis Van Jeruzalem15 Tot 20 JaarLeeftijd Wanneer GekroondMoeders Van KoningenEen Plek Voor Gods Naam

En het zal geschieden, dat gij uit de beek drinken zult; en Ik heb de raven geboden, dat zij u daar onderhouden zullen.

VersbegrippenRavenSoorten VogelsGoddelijke RichtingWater DrinkenRivieren

Maak u op, ga heen naar Zarfath, dat bij Sidon is, en woon aldaar; zie, Ik heb daar een weduwvrouw geboden, dat zij u onderhoude.

VersbegrippenDroogte, FysiekMissie Van IsraëlWerk, Goddelijk En MenselijkGoddelijke RichtingWeduwes

Toen maakte hij zich op, en ging naar Zarfath. Als hij nu aan de poort der stad kwam, ziet, zo was daar een weduwvrouw, hout lezende; en hij riep tot haar, en zeide: Haal mij toch een weinig waters in dit vat, dat ik drinke.

VersbegrippenWaterWater DrinkenBrandhoutSamenkomst

En de hand des HEEREN was over Elia, en hij gordde zijn lenden, en liep voor het aangezicht van Achab henen, tot daar men te Jizreel komt.

VersbegrippenRiemenTaillesMenselijke MachtRennenTranceGods HandVoorbijlopenActie VoorbereidenGods Handen Op MensenGeschenken Van Bovennatuurlijke KrachtWedstrijd

En de HEERE zeide tot hem: Ga, keer weder op uwen weg, naar de woestijn van Damaskus; en ga daar in, en zalf Hazael ten koning over Syrie.

VersbegrippenWoestijen, SpecifiekGoddelijke RichtingZalving Van KoningenKoningen MakenSyriëDamascus

Zo ging hij van daar, en vond Elisa, den zoon van Safat; dezelve ploegde met twaalf juk runderen voor zich henen, en hij was bij het twaalfde; en Elia ging over tot hem, en wierp zijn mantel op hem.

VersbegrippenBoerenMantelsHet Lichaam BedekkenJukTeeltPloegenBuitenkledijPloegerTwaalf Dieren

En het geschiedde, als hij dit woord hoorde, daar hij was drinkende, hij en de koningen in de tenten, dat hij zeide tot zijn knechten: Legt aan! En zij legden aan tegen de stad.

VersbegrippenParaatheidDronken Personen

Het geschiedde nu, als uw knecht hier en daar doende was, dat hij er niet was. Toen zeide de koning van Israel tot hem: Zo is uw oordeel; gij hebt zelf het geveld.

VersbegrippenDrukteNergens Te Vinden

Public domain