'Heeren' in de Bijbel
De vrees des HEEREN is het beginsel der wetenschap; de dwazen verachten wijsheid en tucht.
Daarom, dat zij de wetenschap gehaat hebben, en de vreze des HEEREN niet hebben verkoren.
Dan zult gij de vreze des HEEREN verstaan, en zult de kennis van God vinden.
Mijn zoon! verwerp de tucht des HEEREN niet, en wees niet verdrietig over Zijn kastijding;
De vloek des HEEREN is in het huis des goddelozen; maar de woning der rechtvaardigen zal Hij zegenen.
Want eens iegelijks wegen zijn voor de ogen des HEEREN, en Hij weegt al zijne gangen.
De vreze des HEEREN is, te haten het kwade, de hovaardigheid, en den hoogmoed, en den kwaden weg; Ik haat ook den mond der verkeerdheden.
De vreze des HEEREN is het beginsel der wijsheid, en de wetenschap der heiligen is verstand.
De zegen des HEEREN, die maakt rijk; en Hij voegt er geen smart bij.
De vreze des HEEREN vermeerdert de dagen; maar de jaren der goddelozen worden verkort.
De weg des HEEREN is voor den oprechte sterkte; maar voor de werkers der ongerechtigheid verstoring.
In de vreze des HEEREN is een sterk vertrouwen, en Hij zal Zijn kinderen een Toevlucht wezen.
De vreze des HEEREN is een springader des levens, om af te wijken van de strikken des doods.
De ogen des HEEREN zijn in alle plaatsen, beschouwende de kwaden en de goeden.
Beter is weinig met de vreze des HEEREN, dan een grote schat, en onrust daarbij.
De vreze des HEEREN is de tucht der wijsheid; en de nederigheid gaat voor de eer.
Door goedertierenheid en trouw wordt de misdaad verzoend; en door de vreze des HEEREN wijkt men af van het kwade.
Een rechte waag en weegschaal zijn des HEEREN; alle weegstenen des zaks zijn Zijn werk.
De Naam des HEEREN is een Sterke Toren; de rechtvaardige zal daarhenen lopen, en in een Hoog Vertrek gesteld worden.
In het hart des mans zijn veel gedachten; maar de raad des HEEREN, die zal bestaan.
De vreze des HEEREN is ten leven; want men zal verzadigd zijnde vernachten; met het kwaad zal men niet bezocht worden.
De ziel des mensen is een lamp des HEEREN, doorzoekende al de binnenkameren des buiks.
Des konings hart is in de hand des HEEREN als waterbeken. Hij neigt het tot al wat Hij wil.
Het paard wordt bereid tegen den dag des strijds; maar de overwinning is des HEEREN.
Het loon der nederigheid, met de vreze des HEEREN, is rijkdom, en eer, en leven.
De ogen des HEEREN bewaren de wetenschap; maar de zaken des trouwelozen zal Hij omkeren.
Uw hart zij niet nijdig over de zondaren; maar zijt ten allen dage in de vreze des HEEREN.
Zoekresultaten op Versies
Zoekresultaten op Boek
- Genesis (30)
- Exodus (70)
- Leviticus (100)
- Numberi (114)
- Deuteronomium (100)
- Jozua (64)
- Richteren (47)
- Ruth (1)
- 1 Samuël (88)
- 2 Samuël (39)
- 1 Koningen (108)
- 2 Koningen (115)
- 1 Kronieken (68)
- 2 Kronieken (161)
- Ezra (17)
- Nehemia (6)
- Job (5)
- Psalmen (107)
- Spreuken (27)
- Hooglied (1)
- Jesaja (101)
- Jeremia (147)
- Klaagliederen (9)
- Ezechiël (96)
- Daniël (5)
- Hosea (9)
- Joël (12)
- Amos (8)
- Obadja (2)
- Jona (6)
- Micha (14)
- Nahum (1)
- Habakuk (2)
- Zefanja (10)
- Zacharia (35)
- Maleachi (9)